New technology

FINANCE

 © EPA
4 Leestijd

‘Bankieren is nodig, banken zijn dat niet'

Meer in NEW TECHNOLOGY

Traditionele banken krijgen steeds meer concurrentie van nieuwkomers die hen bedreigen in hun kernmetier: spaarders koppelen aan investeerders, en beiden advies op maat geven.

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Decennialang hadden banken en verzekeraars een relatief stabiel en winstgevend businessmodel. Voor wie zich beperkt tot een paar naakte cijfers lijkt er ook morgen geen vuiltje aan de lucht. Zo zijn de jaarlijkse opbrengsten van banken om betalingen te verwerken enorm. Consultant McKinsey schatte die voor 2014 op 1.700 miljard dollar (1.590 miljard euro), en rekent tegen 2020 op 2.000 miljard dollar (1.895 miljard euro). Die stijging is in belangrijke mate te danken aan de beweging naar een cashloze maatschappij, waardoor meer banktransacties gebeuren.

Bill Gates

Toch ligt het verdienmodel van banken aan alle kanten onder vuur. Innovatieve en wendbare fintechbedrijven maken gebruik van de nieuwste financiële technologie om de lekkerste brokken op te peuzelen, en ook grote technologiebedrijven als Apple en Google begeven zich gretig op het terrein van de ‘oude’ spelers. Daarmee onderschrijven ze een stoutmoedige uitspraak van Microsoft-oprichter Bill Gates ruim twee decennia: ‘Bankieren is nodig, banken zijn dat niet’.

Een op de drie millennials gelooft dat ze geen bank meer nodig hebben

Vaak snijden die nieuwkomers waar mogelijk de traditionele banken uit het proces. Een mooi voorbeeld zijn bedrijven die werken met blockchain. Dat is in de kern een controlesysteem om de identiteit van de ontvangende en betalende partij te verifiëren, en waarbij tussenpersonen zoals een bank, notaris of overheid overbodig zijn. De technologie maakt veiliger en efficiënter werken mogelijk. Blockchains vergemakkelijken bijvoorbeeld internationaal handelsverkeer met bedrijven die in landen liggen waar de bancaire infrastructuur niet zo stabiel is.

Domme pijplijnen

Dankzij de technologische vooruitgang kunnen puur digitale concurrenten banktaken overnemen zoals vermogensadvies en kredietverstrekking. Robotadviseurs zoals Wealthfront, Betterment en Nutmeg, stippelen bijvoorbeeld op basis van het profiel en de voorkeuren van een gebruiker een beleggingsstrategie op maat uit. Die gebruiken ze dan om met behulp van ingewikkelde wiskundige formules een gebalanceerde portefeuille op te stellen. Dat kost een fractie van de prijs die een belegger moet betalen voor een menselijke adviseur, en kan al vanaf kleine bedragen. Naarmate jongere gebruikers rijker worden, is het maar de vraag of ze ooit nog de stap naar een traditionele vermogensbankier zullen zetten.

Een onderzoek door consultant Scratch bij 10.000 millennials (geboren tussen 1981 en 2000) leert dat een derde van hen gelooft dat ze geen bank meer nodig hebben. Ze rekenen er op dat technologiebedrijven de financiële diensten zullen bieden die ze nodig hebben. Dat hoort bij het gevaar dat banken een ‘dumb pipe commodity’ worden, een domme pijplijn die alleen maar dataverkeer rondpompt, terwijl andere spelers de meer lucratieve delen van de business voor zich nemen. Technologiegiganten als Apple, Google, Facebook en Amazon hebben veel trouwe, en heel actieve gebruikers, en zijn al diep ingebed in hun dagelijks leven. Zij zijn ook al actief in bankengebied, denk maar aan Apple Pay, Android Pay en betalingen via Facebook Messenger.

Schaduwbanken

Ook het kernmetier van de banken – op korte termijn geld aantrekken en op lange termijn uitlenen – staat onder druk. Platformen voor crowdlending zoals Lending Club bijvoorbeeld, koppelen kredietvragers en -verstrekkers aan elkaar, zonder dat ze zelf een kapitaalrisico lopen. Dergelijke ‘marktplaatsleners’ hebben de tijd mee. Door de schaarse vergoeding op de spaarboekjes, waar geld op dit ogenblik zelfs aan koopkracht verliest, groeit de interesse van spaarders in het aanbod van zogenoemde ‘schaduwbanken’, een verzamelnaam voor instellingen die financiering verstrekken buiten het klassieke banksysteem om.

Een studie van zakenbank Goldman Sachs voor de VS leerde dat schaduwbanken in de tweede helft van dit decennium zo’n 7 procent van de jaarlijkse winst van banken kunnen inpikken.

Net zoals bij schaduwbanken is de kritiek op fintech-nieuwkomers steevast dat zij niet aan dezelfde strikte voorwaarden moeten voldoen als ‘echte’ banken. Toch werkt de grotendeels niet-gereguleerde technologische sector in de praktijk vaak samen met de zwaar gereguleerde financiële industrie. Dat verklaart ook waarom nieuwkomers en gevestigde orde niet per definitie met getrokken messen tegenover elkaar staan. Banken kunnen de innovaties van fintech vaak goed gebruiken, en geven in ruil hun expertise in regelgeving, boven op hun schaalgrootte, kapitaal en reputatie van veilig en betrouwbaar.

‘Ik denk dat banken er heel verstandig aan doen om die nieuwkomers niet te onderschatten’, waarschuwt Marc Lambotte, topman van de Belgische koepel van technologiebedrijven Agoria. ‘We zien veel partnerschips ontstaan, alsook challengers die de grootbanken het vuur aan de schenen leggen, om er vervolgens aan te verkopen.’

Geen eenrichtingsverkeer

De kansen voor de fintech worden alleen maar groter. Zo merkt Lambotte op dat de nieuwe Europese richtlijn over betalingsdiensten die begin 2018 in nationale wetgeving omgezet moet zijn, banken verplicht om hun gesloten betalingssystemen open te stellen voor derden. Dat betekent dat fintechbedrijven in staat zullen zijn om innovatieve applicaties te ontwikkelen die daar gebruik van maken. Denk bijvoorbeeld aan een app die al uw bankrekeningen en beleggingen bij verschillende instellingen samenbrengt.

‘Het is geen eenrichtingsverkeer waarbij de fintech profiteert van de infrastructuur van de banken, maar wel een wisselwerking’, vertelt Lambotte. ‘Als die laatste dat goed aanpakken, kunnen ze via die bedrijven ook meer informatie krijgen over het profiel van hun klanten en zo op hun beurt weer nieuwe diensten ontwikkelen.’

Advertentie

Advertentie