'Ik beschouw mijn erfenis als een opdracht'

©Patrick Post

In zijn essay 'Verzet!' propageert schrijver Gustaaf Peek het communisme. Maar hoe geloofwaardig is hij als nazaat van een van de rijkste families van Nederland? 'Kritiek op het systeem is ook kritiek op jezelf.'

Een jaar of zeven geleden kuierde Gustaaf Peek langs de boekenstalletjes aan de Oudemanhuispoort in de Amsterdamse binnenstad. Hij werd aangezogen door een exemplaar van Het Communistisch Manifest van Karl Marx en Friedrich Engels. 'Ik zat in die tijd met veel vragen over macht en onmacht, recht en onrecht.'

Peek had net zijn eerste kind gekregen, een dochter, Maya. 'Als je vader wordt, wordt de toekomst opeens heel, heel echt. Hoe ga je het doen: het leven, het vaderschap? Wat is goed voor alle mensen?' Hij kocht 'Het communistisch manifest' en ging er thuis meteen in lezen. Wat hij las, maakte hem verdrietig, en boos. ''Het Communistisch manifest' vertelt je - als je er gevoelig voor bent - dat een heleboel zaken die je voor waar hebt aangenomen en die je hebt geïnternaliseerd, helemaal niet kloppen. Heel confronterend.'

Peek is een achterkleinzoon van de oprichters van de Nederlandse warenhuisketen Peek & Cloppenburg. Zijn vader was journalist en correspondent in Indonesië, zijn moeder is Indonesische. Hij is opgegroeid in een dorp op de Veluwe. Hij is een kind van de Koude Oorlog, zegt hij tijdens een gesprek in de kantoren van uitgeverij Querido in Amsterdam. 'Ik was 14 toen de Berlijnse muur viel, ik heb die periode erg bewust meegemaakt. Ons werd voortdurend ingeprent dat we elk moment opgeblazen konden worden.' Communisme was een eng woord, zegt Peek. 'Het stond voor de vijand, voor bloeddorst en onderdrukking. Maar toen ik dat pamflet uit 1848 las, vond ik het bijna shockerend, zo relevant en fris.'

Peek is een intrigerende figuur. Hij is een eloquente spraakwaterval die stottert. Hij combineert stropdas, colbert en klassiek polshorloge met een jeans en een sportieve rugzak. De man met het halflange zwarte haar heeft nooit een baan gehad, na zijn literatuurstudies begon hij meteen te schrijven. Het duurde zeven jaar voor hij zijn debuut 'Armin' (2006) publiceerde, een historische roman. Hij kreeg verschillende literaire prijzen maar zijn boeken verkochten voor geen meter. Alles veranderde in 2014 met 'Godin, held', de overrompelende liefdesroman vol expliciete seksscènes die besproken werd in alle talkshows en meer dan 25.000 keer over de toonbank ging.

Met 'Verzet!' verrast Peek opnieuw. Het essay van 72 pagina's is een kritiek op het kapitalisme en een betrokken pleidooi voor het 'delen van kennis, macht en inkomen'. Want dat is volgens Peek de essentie van het vaak verkeerd begrepen communisme. 'Vandaag leeft het idee dat er geen alternatief voor het kapitalisme bestaat. Dat we langzaam en steeds knarsender, en dwingender het pad van concurrentie en winstmaximalisatie af gaan. Met als gevolg dat de toekomst enkel nog open ligt voor een kleine groep mensen.'

'In Nederland hadden we ooit studiefinanciering: je kreeg een bedrag waarmee je kon studeren. Dat principe heeft het idee doorbroken dat talent enkel uit de elite kwam. Nieuwe groepen gingen studeren, uit maatschappelijke hoeken waar eerder niet was gekeken. Het leverde Nobelprijswinnaars en kunstenaars op. Dat systeem is afgeschaft voor een leenstelsel: wie wil studeren, moet lenen. Ik vind dat onverteerbaar.'

Bent u een geloofwaardige marxist, als telg uit een gefortuneerde familie?

Gustaaf Peek: (lacht) 'De vraag is: wie mag kritiek uiten? Mijn bourgeois achtergrond heeft me tijd en ruimte verschaft die ik als schrijver heb ingenomen. Het voor mij uitgestippelde pad zag er anders uit: ik moest rechten studeren, aansluiting zoeken bij de wereld van status en geld. Die wereld stond ook voor mij klaar, want zo gaat dat in de bourgeoisie. Het moment dat ik tegen de wil van mijn vader mijn rechtenstudie afbrak om literatuur te studeren, daar ligt de kiem van het essay. Want literatuur gaat alleen maar over vragen stellen, over contradicties, en het onthullen van onwaarheden.'

Maar dankzij de erfenis van uw grootmoeder kon u voltijds schrijven.

Peek: 'Kijk, je kan zeggen: alleen iemand die in een fabriek werkt, mag kritiek op het systeem geven. Maar die heeft daar geen tijd en ruimte voor, want hij wordt door de baas afgeknepen en heeft geen energie om te schrijven. Wie heeft die tijd wel? Wij. Dan kan jij zeggen: 'Jij mag dat niet schrijven want je komt uit gefortuneerde omstandigheden, je bent een salonsocialist.' Maar waar die - uiteraard onderbouwde - kritiek vandaan komt, dat maakt toch geen bal uit? Iedereen mag vragen stellen. Als ik iemand hoor zeggen dat dat niet mag, dan hoor ik de dwingende stem van het kapitaal dat geen kritiek verdraagt.

Bent u nog betrokken bij de familiebedrijven?

Peek: 'Ik zit daar nog wat aan vast, ja.'

Dat is toch een bewuste keuze?

Peek: 'Het is nu eenmaal mijn voorgeschiedenis. Wat via mijn grootmoeder mijn kant is op gekomen, heb ik altijd ingezet. Ken je de 10.000 urentheorie? Je moet iets tienduizend uur doen voor je er goed in bent. Zo heb ik het schrijven opgevat toen ik ermee begon. Dodelijk serieus.'

'Mijn grootmoeder heeft me bevrijd door een legaat. Maar ik heb het altijd als een opdracht opgevat, een taak waar ik niet lichtzinnig mee mocht omspringen. Zoals ik ook over studiefinanciering denk: het gaat over commitment, dat is iets anders dan een leenstelsel. Bij schuld is er altijd dwang. Daar kan je niet voor kiezen. Je hoort dan: 'Kapitalisme draait om keuzes, maar kan je ook nee zeggen?' Kan je ook zeggen: 'Ik doe niet mee?''

Die uitspraak klinkt vreemd als u nog betrokken bent bij het familiebedrijf. U kunt ook nee zeggen tegen de opbrengsten uit het werk van een ander.

Peek: 'Klopt helemaal. En mijn kleren komen uit sweatshops, mijn mobiele telefoon is onder erbarmelijke omstandigheden in elkaar gedraaid. Daar gaat dit pamflet ook over. Ik ga niet vrijuit. Kritiek is ook kritiek op jezelf. Ik heb het over wij, de samenleving.'

U hebt eerder verteld dat u sinds het overlijden van uw vader, met wie u een moeizame relatie had, vrijer kunt schrijven. Had dit boek, ook een kritiek op zijn waarden, er eerder kunnen zijn?

Peek: 'Mijn vader en ik hadden al heel lang geen contact meer. Hij is vijf jaar geleden gestorven, maar in die 15 jaar daarvoor heb ik geen normaal gesprek meer met hem gevoerd.'

'Maar hij dreunt door in mij. Ik sluit niet uit dat dit essay een deel is van ons gesprek, van onze ruzie. Dat hij mijn passie aanvuurt. Ik heb me altijd moeten verweren. De meningen waren in ons gezin nooit zo vrij. Ik heb er aan meegedaan zo lang ik kon. En toen ik het niet meer kon, heb ik afscheid genomen.'

Wat wilt u met het boek bereiken?

Peek: 'Ik wil bijdragen aan het openbreken van de toekomst. In dit pamflet heb ik het zo expliciet mogelijk opgeschreven: niet te lang, zonder voetnoten, opwekkend, opruiend wellicht. Het vraagt iets van je. Zoals ik in al mijn romans iets van de lezer vraag. Maar ik ben hier niet om vrienden te maken.

'Als we één ding van de geschiedenis kunnen leren, dan is het dat ze veranderlijk is. Er is zo veel mogelijk, we kunnen als samenleving zo veel manieren bedenken om onze kansen te egaliseren. We zijn daar in het verleden al flink mee aan de slag gegaan en we zijn er veel beter van geworden. Kijk naar wat sinds de industriële revolutie is gebeurd door de vakbonden, in het onderwijs, de gezondheidszorg. Het optimistische is vandaag dat verzet mogelijk is. Je kan in het verweer gaan tegen het systeem van kapitalisme en als mens, burger, samenleving winnen. Dit kan ik het best: nadenken en schrijven. Het is een aanzet. De rest ligt nu open.'

BIO

Gustaaf Peek (°1975) is een telg uit de familie achter de Nederlandse warenhuisketen Peek & Cloppenburg. Hij studeerde rechten en literatuurwetenschappen. In 2006 debuteerde hij met de historische roman 'Armin'. Zijn derde roman, 'Ik was Amerika' uit 2010, kreeg de BNG Nieuwe Literatuurprijs en de F. Bordewijk-prijs. 'Godin, held' (2014) werd genomineerd voor de Libris Literatuurprijs. Peek kreeg een Gouden Kalf, de belangrijkste Nederlandse filmprijs, voor zijn scenario voor 'Gluckauf' (2015). Hij schrijft voor literaire tijdschriften en De Groene Amsterdammer.

Gesponsorde inhoud

Partner content