Synesthetics: Vlaamse pop gesteriliseerd

(tijd-cultuur) - De als origineel aangekondigde tentoonstelling 'Synesthetics - Pop & Art in Belgium' in Mechelen wil de overlappingen tussen Belgische beeldende kunst en popmuziek belichten. Die hooggegrepen opzet wordt nauwelijks aangeraakt, maar in het parcours met materiaal van bekende, uitsluitend Vlaamse kunstenaars schuilt niet onaardig werk.

Waar eindigt de zogeheten hoge cultuur en waar begint de lage? Is er anno 2003 nog wel sprake van een opsplitsing tussen de populaire cultuur en een strakke, ver van het volk staande kunstbeleving? Het zijn niet oninteressante vragen die cultuurfilosofen al decennia bezighouden en die vandaag weerom aan de orde zijn. Tegenwoordig gaat de toon van de onderzoeken in de richting van het hybride: zo wordt de huidige, prototypische cultuurconsument afgeschilderd als iemand die zonder verpinken tussen genres en strekkingen shopt. Hij pikt dus zowel een museumpje als een actiefilm mee, in de platenzaak gaat de nieuwste van Daft Punk samen met de laatste uitvoering van de strijkkwintetten van Dvorák over de toonbank. Hoewel bovenstaande profielschets door denkers en statistische onderzoeken evenzeer aangevallen als onderkend wordt, leeft deze overtuiging sterk bij uiteenlopende organisatoren. In zowat alle programma's van kunstencentra, musea en concertzalen tekent zich immers een zoeken naar diversificatie en interdisciplinariteit af. Het laatste decennium worden bijvoorbeeld hiphoppers mee op de bühne van de opera geplaatst, beschouwen musea fuiven als een wezenlijk onderdeel van hun programmering en plannen theaterhuizen exposities rond beeldende kunst, desnoods in hun gangen en zijzalen.

Maar hoe zit met de kunstenaars zelf? Is de jongste jaren iedereen met creativiteit in de vingers geëvolueerd tot een homo universalis die met hetzelfde gemak en werkplezier zowel een geslaagde song als een geniale sculptuur neerzet? Enkele uitzonderingen niet te na gesproken, draaien de exploraties van de cross-overkunstenaars in werkelijkheid vaak uit op halfslachtige, soms zelfs pretentieuze creaties.

'Synesthetics - Pop & Art in Belgium' is een tentoonstelling die onrechtstreeks bovenstaande bedenkingen weer oprakelt. Het team van samenstellers, curatoren en medewerkers van de Mechelse ruimte voor actuele kunst De Garage trommelde een keur van artiesten op die min of meer tussen het terrein van de pop en dat van de beeldende kunsten hangen. Meer precies laat het amalgaam van deelnemers zich opsplitsen in vier grote categorieën. Een eerste, veeleer beperkte groep is effectief op beide terreinen actief. Anne-Mie van Kerckhoven steunt sinds de jaren tachtig op het principe van de collage waarmee ze zowel video's, foto's, computerkunst en muziek brouwt. Bent van Looy genoot een opleiding in schilderkunst en is al jaren met verf en penseel actief, maar maakte vooral naam met zijn band Das Pop.

Bij een tweede groep is de beeldende kunst - met alle respect voor hun werk - een derivaat of een verlengstuk van hun popmuziek. Zo maakte Stef Kamil Carlens ophef met Zita Swoon, sinds kort werkt hij ook installaties uit met tekeningen, schilderijen en ruimtelijke ingrepen. Voor Rudy Trouvé gaat hetzelfde op: na successen in de popmuziek werden zijn met verf en potlood ontworpen hoezen voor zijn bands dEUS, Kiss My Jazz en Gore Slut tentoongesteld.

Een derde groep van kunstenaars blijft binnen de grenzen van het eigen terrein, maar laaft zich aan de cross-oversfeer. Zo haalt de fotografe en videaste Elke Boon voor haar werk inspiratie uit lifestylebladen (waarop ze tegelijkertijd een kritiek poneert). Sergio de Beukelaer verwijst in Mechelen met zijn nieuwe schilderijen zowel naar The Police als naar op- en popart. De fotograaf en filmmaker Maarten vanden Abeele kiekte in de jaren negentig dan weer menige Belgische podiumkunstenaar en rockgroep, terwijl Dennis Tyfus met zijn werken tegen het graffitimedium aanleunt.

Een vierde en laatste groep van deelnemers aan 'Synesthetics' is popmuzikant pur sang, maar liet zich verleiden tot werk dat past in de context van een tentoonstelling. Zo ontwierpen Eavesdropper en Mauro Pawlowski op de locatie ingebedde geluidsinstallaties, Tim Vanhamel (Millionaire) blies een badge van zijn band tot een reuzenexemplaar op.

Enkele bedenkingen bij de selectie van de kunstenaars voor 'Synesthetics - Pop & Art in Belgium' lijken op hun plaats. Hoewel de tentoonstelling België wil belichten, zijn de deelnemende artiesten uitsluitend uit Vlaanderen afkomstig. Op de Antwerpenaar Dennis Tyfus na zijn het allemaal grote, populaire namen. In Mechelen wordt dus op safe gespeeld door het bekende blik van kunstenaars en - vooral - popmuzikanten open te trekken. De zelfverheerlijkende mythe rond de Vlaamse (lees Antwerpse) rockscène wordt daarenboven niet ter discussie gesteld, maar bevestigd. 'België staat wat de rock betreft grotendeels gelijk met Vlaanderen. Net als in de mode ging men voor de Belgische rock al vlug spreken van een Antwerpse scène. Een handvol gedreven figuren volstaat om van een scène te spreken. Ook wat het kruispunt met kunst betreft, belanden we grotendeels in Antwerpen - met richtingwijzers naar Gent & Hasselt', schrijft Kurt de Boodt tot onze verbazing in de catalogus van 'Synesthetics - Pop & Art in Belgium'. Het is onzin om te poneren dat Antwerpen en Vlaanderen het centrum van de popmuziek en beeldende kunst in België uitmaken. Wat bijvoorbeeld met Waalse, in de Vlaamse media onderbelichte popsterren zoals Sharko, Miam Monster Miam of Moxie? Paste het werk van sterk door pop beïnvloede Waalse kunstenaars als bijvoorbeeld Michel François niet in het vakje van de tentoonstelling? Of gaven zij niet thuis op de vraag van de organisatoren? Wellicht werden zij niet eens gecontacteerd.

In de tweede plaats vinden wij het vreemd dat de tentoonstelling hulde wil brengen aan Andy Warhol en diens Factory. Zo valt in de catalogus te pas en te onpas de naam van de succesvolle Amerikaanse kunstenaar die rond 1960 doorhad dat ook in de twintigste eeuw kunst en commercie niet gescheiden hoeven te lopen. Warhol en zijn entourage worden kritiekloos afgeschilderd als een visionaire bende, haast als goden die het pad van de kunst voorgoed vulgariseerden en kruisverbanden tussen disciplines voorzagen. Een spiegel voor de Garage: 'Synesthetics bevat wel werken die de geest van popart ademen en enigszins de blije en vrije rock-'n-rollsfeer van Warhols Factory doen herleven', aldus de Boodt in de catalogus. Is in Mechelen dan sprake van de vurige, goeie oude combinatie sex, drugs en rock-'n-roll? Geenszins. Het tentoonstellingsparcours is uiterst steriel en museaal, de randprogrammering met onder meer workshops en een (1!) concert van Das Pop in de Stadsfeestzaal zullen daar helaas niets aan veranderen.

'Synesthetics - Pop & Art in Belgium'

tot 30 maart (donderdag tot en met zondag, van 11.00 tot 18.00) in de Garage, Onder den Toren 12 in Mechelen. De catalogus plus cd kost 18 euro. Informatie: www.cultuurcentrummechelen.be of 015/29.40.00.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud