Het enige leven van de grootste bard

(tijd) - Bij verschijnen in het Engels was de nieuwe biografie 'De wereld van William Shakespeare' meteen ook in het Duits en het Nederlands voorhanden. Het boek wordt in een promotievideo aangekondigd als het beste dat ooit over de grote bard is verschenen, en is geschreven door de persoon die meer dan wie ook over Shakespeare weet: de Amerikaanse Shakespeare-specialist Stephen Greenblatt.

Van Stephen Greenblatt wordt op de kaft van de Nederlandse vertaling vermeld dat hij adviseur was van de makers van 'Shakespeare in Love', de film die een paar jaar geleden leven en werk van de Bard op een bijzonder verfrissende manier naar het witte doek vertaalde. Lang voor deze biografie verscheen, stond Greenblatt al geboekstaafd als de belangrijkste kenner van het werk van Shakespeare. Zijn faam beperkte zich weliswaar tot een grote, internationale groep specialisten (alleen al met gepromoveerden in de Shakespeare-studies kun je algauw een middelgrote concertzaal vullen), maar met de verschijning van dit nieuwe boek zal hij ongetwijfeld een nieuw publiek bereiken.

'New historicism' heet de leesmethode waarmee Greenblatt in het begin van de jaren 80 zijn reputatie vestigde. Dat 'new historicism' is een manier van lezen die de teksten van Shakespeare en zijn tijdgenoten resoluut in hun historische omgeving plaatst. Voor Greenblatt is Shakespeares werk niet zomaar van alle tijden. Het feit dat het ons na al die jaren nog steeds aanspreekt, valt volgens hem niet eenvoudigweg te verklaren op basis van de zogenaamde eeuwigheidswaarde van het kunstwerk. Hoe moeilijk dat vandaag ook lijkt te geloven, er zijn tijden geweest waarin men Shakespeare maar niets vond.

Als we de teksten van de Bard willen begrijpen, zegt Greenblatt, moeten we inzicht krijgen in de cultuur waarin ze ontstonden. Meer nog, als we uit die historische lectuur iets van belang willen halen (kennis, maar ook plezier), moeten we tegelijk oog hebben voor wat die cultuur anders maakt dan de onze én voor wat we aan die cultuur hebben overgehouden. Greenblatts fascinatie voor het werk van Shakespeare is in wezen een fascinatie voor juist die dubbelheid. Het werk van Shakespeare spreekt ons nog altijd aan omdat we er onszelf in herkennen, zegt Greenblatt: met Hamlet zien we onszelf als de eeuwige twijfelaar, met Othello als de universele jaloerse minnaar, met Romeo en Julia als zinnebeelden van tijdloze liefde. Maar dat gevoel van herkenning, zo gaat Greenblatt verder, heeft specifieke historische gronden die onze spontane neigingen tot identificatie compliceren. Onze tijd is ten dele het product van historische ontwikkelingen die in Shakespeares tijd begonnen, maar ten dele ook heel anders. De spanning tussen die twee facetten (het herkenbare en het vreemde) is de spanning die volgens Greenblatt blijvend van Shakespeares werk uitgaat. Het is de spanning die zijn verbeelding aan het werk zette en die onze verbeelding onophoudelijk voedt.

Dat Shakespeare ons nog steeds kan boeien, heeft volgens Greenblatt veel te maken met de relatieve afstand die hij bewaarde tot zijn eigen cultuur. Hij staat met beide voeten in zijn cultuur, daar niet van, maar hij bekijkt haar tegelijk als buitenstaander. Hij ontleent materiaal aan alle bedrijven uit het dagelijkse leven (de godsdienst, de economie, de politiek,...) en doet vervolgens iets met dat materiaal. Hij transformeert het, geeft er nieuwe betekenissen aan, plaatst het in de nieuwe context van het theater en biedt de toeschouwer zo inzicht in de relativiteit van alles wat voordien uitermate ernstig leek. Mede daardoor sprak Shakespeare ook in zijn eigen tijd een groot publiek aan.

In eerdere boeken (zoals zijn drie jaar geleden verschenen 'Hamlet in Purgatory') typeerde Greenblatt Shakespeare als een 'conjurer', een tovenaar die met zijn magische taal werkelijkheden oproept die vier eeuwen na dato nog steeds tot de verbeelding spreken. De voorbije jaren zijn heel wat studies verschenen waarin onderzoekers proberen aan te tonen dat de blijvende kracht van Shakespeares werk veel te maken heeft met de manier waarop dat werk eeuwen later werd ingeschakeld in diverse 'goede zaken'. Dat Shakespeare een icoon werd van de Britse cultuur, ja zelfs van de westerse cultuur in haar geheel, heeft veel met het 'Nachleben' van de teksten te maken. Shakespeare werd met andere woorden Shakespeare door zijn lezers, door generaties van voorbeeldige critici die in zijn werk een voorafspiegeling van hun idealen zagen (religieuze en seksuele tolerantie, vrijzinnigheid en liberalisme, feminisme en antikolonialisme). Bij Greenblatt ligt de klemtoon elders: Shakespeare werd voor hem in de eerste plaats Shakespeare door zijn fenomenale inlevingsvermogen. Dat stelde hem in staat op basis van een mix van banale gesprekken die hij op straat hoorde en de meest diepzinnige gedachten die hij in zijn dagelijkse lectuur tegenkwam, een werkelijkheid te creëren die iedereen de zijne kon noemen: cafégangers zowel als filosofen, werkmensen zowel als politici, tieners zowel als senioren.

Het levensverhaal van Shakespeare is er een dat vele van Greenblatts landgenoten zal aanspreken: het heeft iets van de American dream. De kleine Will Shakespeare groeit op in het kleine stadje Stratford-upon-Avon als zoon van een welgestelde handschoenenmaker. Hij stort zijn gezin echter in het ongeluk wanneer hij het fortuin verkwanselt dat door zijn huwelijk het zijne was geworden. Zoon Will vergaat het aanvankelijk al niet veel beter. Op zijn achttiende maakt hij een vrouw zwanger, de zesentwintigjarige Anne Hathaway, die hem drie kinderen zal schenken. Een van hen, zijn zoon Hamnet, sterft wanneer hij elf is; de Bard heeft zijn grootste tragedies dan nog niet geschreven. De jonge Shakespeare vindt het zijn plicht met Hathaway te trouwen, maar hij voelt zich al snel diep ongelukkig in zijn huwelijk. Uiteindelijk trekt hij weg, vermoedelijk eerst naar het noorden van Engeland, waar hij al even vermoedelijk huisleraar wordt bij een katholieke familie. Nadien trekt Shakespeare naar het grote Londen, waar hij het al vrij snel maakt als huisauteur van een vooraanstaand toneelgezelschap. Enkel Christopher Marlowe, de grote toneelauteur van wie Shakespeare zeker in het begin van zijn carrière veel te leren heeft, kan zich in de jaren 1590 zijn evenknie noemen. Maar al gauw sterft Marlowe - in omstandigheden die nog steeds niet volledig zijn opgehelderd - en Shakespeare is zonder concurrentie de grootste.

Shakespeare leeft in een buitengewoon spannende tijd voor iemand die het vermogen heeft zich in te leven in de meest tegenstrijdige geestesgesteldheden. De heerschappij van Elizabeth I was er een waarin protestanten en katholieken steeds meer tegenover elkaar kwamen te staan. Ook de kloof tussen de verschillende sociale klassen werd er niet geringer op. Vooral het religieuze plaatje draagt Greenblatts fascinatie weg en dat plaatje is, op zijn zachtst gezegd, mysterieus en het onderwerp van vele speculaties. Zo is het nog steeds niet duidelijk of de crisis die Shakespeares vader doormaakte het gevolg was van diepe godsdienstige twijfels. John Shakespeare zou zich op een bepaald moment hebben bekeerd tot het katholicisme, wat onder de heerschappij van de protestantse Elizabeth niet vanzelfsprekend was. Greenblatts verklaring van de zogenaamde 'lost years' (het begin van de jaren 1580, waarin Shakespeare niet langer in Stratford was en nog niet in Londen) is al evenzeer religieus gekleurd. Shakespeare zou in dienst zijn getreden van een katholieke familie in Lancashire en daar in de ban zijn geraakt van de bekende jezuïet Edmund Campion.

Let wel: Shakespeare zou Campion ontmoet hebben, net als hij verliefd zou zijn geworden op de Earl van Southampton, over wie enkele van zijn befaamde liefdessonnetten gaan. Ook hier is Greenblatt niet origineel: de homo-erotiek van Shakespeares werk is al eerder biografisch geïnterpreteerd. Maar de pagina's over Southampton geven een goed beeld van de bijzondere kracht van dit boek. Nieuwe gegevens of feiten zal de lezer hier niet vinden, maar dat kon ook bezwaarlijk verwacht worden. De archieven hebben immers geen geheimen meer over Shakespeare. Ook in het verleden waren die archieven overigens bijzonder karig met informatie. Veel vaststaande feiten zijn er niet wat Shakespeares leven betreft. Dat lijkt nochtans net de sterkte van Greenblatts boek uit te maken. Zijn hele verhaal is een aaneenschakeling van 'misschiens', 'vermoedelijks' en 'wellichts'. Maar de interpretaties die hij rond zijn hypothesen weeft zijn met zoveel overtuiging verwoord dat je hem op den duur gelooft. Je wil hem ook graag geloven, want zijn verhaal is zo mooi, zo subtiel, zo rijk.

Wat Greenblatts boek uitzonderlijk maakt, is de presentatie van het materiaal veeleer dan het materiaal op zich. Wie eerder werken van Greenblatt las, wist al dat de man een bijzondere stijl heeft, die inhoudelijke diepgang en complexiteit weet te koppelen aan transparantie en luciditeit. In zijn nieuw boek toont Greenblatt zich ook een begenadigd verteller, die oog heeft (net als zijn onderwerp, de vergelijking ligt voor de hand) voor dramatiek en het juiste beeld. Een voorbeeld: de pagina's waarin Greenblatt de lezer samen met Shakespeare een eerste blik gunt van het laat-zestiende-eeuwse Londen. Het vergezicht biedt London Bridge, het majestueuze bouwwerk dat nog steeds ons beeld van de stad bepaalt. Maar dan gaat Greenblatts camera naar een detail dat Shakespeares blik zeker zal hebben gevangen: palen in het water waarop de afgehouwen hoofden gespietst zijn van de talloze ongelukkigen die als landverraders aan hun einde kwamen. Die hoofden komen terug in vele van zijn stukken: hoofden van verraders, hoofden van koningen, hoofden van jong en oud.

'Will in the World' (de Engelse titel is mooier en meer Shakespeare dan de Nederlandse) heeft alles wat een goede biografie moet hebben: een sterk verhaal, een mix van fascinerende personages, overtuigende interpretaties van feiten en de vaste hand van de biograaf. Daarnaast biedt die vaste hand ons ook nog eens scherpe, verrassende en niet zelden ook verfrissende analyses van bekende en minder bekende fragmenten uit Shakespeares teksten. En daar is het uiteindelijk allemaal mee begonnen. Het zijn de teksten die Greenblatt naar het leven van Shakespeare brachten en vervolgens brengt dat leven ons opnieuw naar de teksten. Zo kan Shakespeare evenzeer Shakespeare worden, voor wie hem al kent en voor wie hem nog moeten leren kennen. Want ook dat heeft Greenblatt met zijn onderwerp gemeen: hij schrijft voor ons allemaal. Als u maar een boek over Shakespeare in uw bibliotheek heeft, laat het dan dit zijn. Jürgen PIETERS

Stephen Greenblatt - Will in the World. How Shakespeare became Shakespeare - 2004, New York, W.W. Norton & Company, 430 blz., 32,50 euro. ISBN 0-393-05057-2

Stephen Greenblatt - De wereld van Shakespeare - Hoe Shakespeare Shakespeare werd. Vertaling Marijke Koch en Albert Witteveen. 2004, Amsterdam, De Bezige Bij, 414 blz., 29,90 euro. ISBN 90-234-1307-5

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud