Advertentie

'Mijn boek is pleidooi voor vrijheid van vrouwen'

(tijd) - 'Paravion' van de Nederlandse schrijver Hafid Bouazza (1970) is een sprookjesachtige vertelling waarin de mannen van het dorp Morea op een goede dag naar Paravion trekken. Morea is een dorp in Marokko, Paravion staat voor Amsterdam. In Amsterdam raken ze ontworteld en ook in hun dorp van oorsprong vinden ze hun tradities niet meer terug, want ook daar is alles veranderd.

'Ik vind 'Paravion' een mooi symbool voor de misvattingen en de verwarring die het gevolg zijn van immigratie', vertelt Hafid Bouazza. 'Het land waar de mensen uit mijn boek naartoe trekken is gebaseerd op een misvatting. Ze stellen het zich heel anders voor dan het in werkelijkheid is. Zelfs de naam - Paravion - is het resultaat van een misvatting. Voor een sprookjesachtig verhaal als 'Paravion' wou ik niet spreken van Marokko en Amsterdam, want in dergelijke verhalen heeft alles een andere naam. Ik gebruik ook geen Arabische namen. Baba Baloek is een naam die ik heb gevonden in de Engelse gothic novel 'Vathek', 'Morea' trof ik aan op een oude kaart van Marokko en de 'Narvelzee' heb ik van de middeleeuwse schrijver Jacob van Maerlandt. Ik was niet op zoek de naar nominatieve waarheid, maar naar de emotionele waarheid. Het dorp waar mijn verhaal zich afspeelt, is geïnspireerd op het gehucht waar mijn vader vandaan komt, in het Rifgebergte in Noord-Marokko. Niet dat ik nog herinneringen heb aan Marokko. We zijn naar Nederland gekomen toen ik zeven jaar oud was. Bovendien kan ik nauwelijks nog uitmaken of de dingen die ik beschrijf uit mijn verbeelding komen of vage herinneringen zijn.'

Uw boek doet sprookjesachtig aan. Onder welk genre brengt u het onder?

Hafid Bouazza: 'Paravion' bevat elementen uit de Griekse mythologie, maar het is ook een arcadische roman. Ik vond het boeiend om de bucolische elementen los te laten op het droge gebied in Noord-Marokko waar mijn verhaal zich afspeelt: plots staat alles overvloedig in bloei. De sprookjescadans van 'Paravion' is sterk beïnvloed door de verteltechniek van 'Duizend-en-een-nacht'. Ik heb het dan niet over de 'Duizend-en-een-nacht' zoals die voortleeft in het Europese collectief geheugen, maar over de 'Duizend-en-een-nacht' als literair meesterwerk. Dat boek heeft geen analytische manier van vertellen, het is veeleer een vertelstroom - toen gebeurde dit, toen gebeurde dat - onderbroken door veelzeggende details. Met 'Paravion' wilde ik elementen uit de anonieme 'Duizend-en-een-nacht' vermengen met het zelfbewuste van de Europese literatuur.'

Beschouwen Marokkaanse mannen het westen als een oord van verderf, net zoals de personages in uw boek?

Bouazza: 'Of de meeste Marokkanen dat denken of niet, kan me niet schelen. Wat ik wel vaststel, is dat die visie bestaat en dat ze hardnekkig is. Het gaat daarbij vooral om de visie op vrouwen. Het heeft iets komisch dat je een 'verdorven maatschappij' herkent aan de vrouwen. 'Verderf' is het woord dat men gebruikt om te verwijzen naar vrouwen die vrij zijn en zich mogen gedragen zoals ze willen. Mohammed stond bekend voor zijn veelwijverij, net zoals Salomon. Maar het vrouwelijke symbool bij uitstek, Maria, is een maagd. Een vrouw is maar een echt symbool als ze maagd is! De manier waarop de mannen in mijn boek naar Amsterdam kijken, is altijd gebaseerd op hun manier van kijken naar de vrouwen. Hun kijk op de westerse vrouwen is een combinatie van geilheid en walging.'

'Tussen de eerste generatie immigranten en het westen gaapt een enorme cultuurkloof, hoewel de mannen wel van de seksuele vrijheid in het westen profiteren. Maar een relatie met een westerse vrouw beschouwen ze als tijdelijk. Blijkbaar ontstaat er op een bepaald moment behoefte aan een kuise bruid uit het moederland. Dat gebeurt heel vaak. Ik vind dat bespottelijk. Het veronderstelt dat vrouwen in Marokko niet veranderen. Veel Marokkaanse mannen voelen zich schuldig vanwege de seksuele vrijheden die ze in het westen hebben genoten en reageren dat af op de vrouwen. Ze proberen hun geweten te zuiveren door hun vrouwen kort te houden.'

Bouazza: 'Ze zijn veranderd sinds de mannen weg zijn. Ze breken de stokken die hun zonen gebruiken om hun zussen kort te houden. Ook geven ze toe aan hun verdriet, wat ze nog nooit hebben gedaan. Voor het eerst merken ze dat hun jeugd verloren is. Hun leven heeft alleen in het teken gestaan van het baren van kinderen. Nu de mannen weg zijn, kunnen ze daarom treuren. Als ze samen naar de bazaar trekken, voelen ze zich vrij, humoristisch en schalks. De meisjes in het dorp krijgen volop de mogelijkheid om te experimenteren met seks.

Ik had dit boek al heel lang in mijn hoofd, maar pas toen ik wist dat de hoofdfiguur een vrouw zou zijn, kon ik het gaan schrijven. Natuurlijk is het wel een uitdaging je in te leven in de gevoelens van een vrouw. Het was bijvoorbeeld niet eenvoudig om me voor te stellen wat het betekent om als vrouw seksueel opgewonden te geraken. De reacties op mijn roman waren heel uiteenlopend. Sommige vrouwen vonden dat mijn boek aan alle mannen zou moeten worden gegeven, anderen vonden dat ik me heel goed in een vrouw kon inleven, maar ik heb ook gehoord dat sommige vrouwen het niet erotisch vinden.'

Bouazza: 'Dat moge duidelijk zijn. Ik vind dat vrouwen dezelfde rechten moeten krijgen als mannen. Mijn boek is een pleidooi voor de vrijheid van de vrouwen, want ik vind dat je niemand het recht op verbeelding kan ontnemen. Er is vandaag geen enkele reden om vrouwen van bij hun geboorte hun rechten te ontnemen. In veel islamitische landen is het nog zo dat mannen 'verantwoordelijk' zijn voor vrouwen. Ze proberen de vrouwen weg te werken, terwijl ze er zelf niet veel van bakken. Ik heb nog nooit een overtuigend argument gehoord voor de visie dat vrouwen hun rechten van mannen moeten krijgen. Ik ben overtuigd dat als de islamitische wereld wil emanciperen, de emancipatie van de islamitische vrouw noodzakelijk is. Dat zou voor de komende decennia een hele grote historische gebeurtenis zijn. Marokko heeft er al een begin mee gemaakt. Koning Mohammed wou dat van bij zijn aantreden. Volgend jaar is het het jaar van de rechten van de vrouw. Dan moeten er verdragen worden getekend. Iran is daar niet toe bereid, maar Marokko wel. Marokko wil ook een verdrag tekenen met Europa zodat ontvoerde kinderen uit gemengde huwelijken terug naar Europa worden gebracht, iets wat indruist tegen de islamitische wetgeving. Dat is een hele moedige stap. Maar het is niet omdat die nu gezet is, dat alles is geregeld. De islam beschouwt de vrouw niet als een soeverein individu. Ze is het bezit van de vader, of van de echtgenoot. Of ze is een seksuele tijdbom, een verleidster. Als ze een kort rokje draagt, is ze een hoer. Ze is maar respectabel als ze helemaal bedekt is.'

'Die mentaliteit is niet licht te veranderen. In Pakistan en Afghanistan komen nog eremoorden voor. Daar is het nog droevig gesteld met de positie van de vrouwen. Kijk trouwens maar naar de moslimvrouwen in Nederland. Denk je dat die vrouwen in Nederland dezelfde rechten hebben als islamitische mannen? Helemaal niet. Al 40 jaar wordt dit getolereerd onder het mom van 'het is hun eigen cultuur'. De Nederlandse overheid zou zich daar diep moeten voor schamen.'

Bouazza: 'Ervoor zorgen dat de slachtoffers van het patriarchale machisme ergens terecht kunnen. De Nederlandse staat zou die vrouwen moeten beschermen, zodanig dat de angst niet meer regeert. Vrouwen die eruit willen breken, moeten de mogelijkheid krijgen om dat te doen zonder angst voor de repercussies van de familie. Want die angst zit er nog diep in. Ik hoor daarover regelmatig verhalen, ook van mannen. Als de moslimvrouwen in opstand kwamen, zou de hele wereld achter hen staan, maar dan moeten ze natuurlijk eerst af van hun verwrongen loyauteit tegenover een godsdienst die ze zelf niet eens mogen bestuderen.'

'Het argument 'respect voor de andere cultuur', dat je vandaag zo vaak hoort, vind ik niet overtuigend. Ik heb liever onverschilligheid dan respect. Want ik respecteer de islam niet.'

'Natuurlijk wil ik geen moskeeën gaan bekladden of zo, maar ik heb geen respect voor een leer die ongelijkheid predikt en pleit voor het afhakken van handen.'

Hafid Bouazza stelt op dinsdag 18 november om 20u zijn boek 'Paravion' voor op het Literair Salon in de Brusselse Hoofdstedelijke Openbare Bibliotheek, Muntplein 6. Reservatie: 02/223.68.32 of info@beschrijf.be

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud