'Verzekeraars verbieden dokters fouten toe te geven'

(tijd) - Prof. dr. Hendrik Cammu lijdt aan een zeldzame vorm van schizofrenie: zijn drang om over moeilijke zaken helder te schrijven is bijna even sterk als zijn missie als gynaecoloog. In 'Een lang leven gezond. An Apple A Day' bundelt Cammu een geactualiseerde selectie uit de gezondheidscolumns die sinds 1997 in De Tijd zijn verschenen, aangevuld met nieuwe onderwerpen. Een consultatie in het Academisch Ziekenhuis (VUB) in Jette.

Dokter Hendrik Cammu gaat niet pontificaal achter zijn bureau zitten. Hij hangt zijn witte kiel aan de kapstok en neemt plaats op een klein stoeltje naast de interviewer. Ook dit is een uiting van de 'nieuwe medische cultuur ' waarvan sprake in de inleiding van zijn boek. Een tijd waarin de dokter niet langer de alwetende god-de-vader is en de patiënt wordt bestookt met informatie over gezondheid. Sommige patiënten hebben op het internet een dossier over hun kwaal bijeengezocht voor ze bij de arts aankloppen. Heeft dokter Cammu daar in zijn praktijk ook mee te maken?

'Ik merk vaak aan de manier waarop mensen vragen stellen dat ze zich al geïnformeerd hebben en nu eens willen horen wat die jongen te vertellen heeft. Dat is een gunstige evolutie. Ik voel me daar absoluut niet door beledigd. Soms schrijf ik voor mensen moeilijke woorden op zodat ze op het net verder op zoek kunnen gaan naar informatie. Je moet als arts niet in je gat gebeten zijn omdat patiënten zich informeren. Als ik zie dat mensen twijfelen aan wat ik zeg, raad ik ze zelfs aan elders advies in te winnen. Mensen komen ook bij mij om een tweede advies. Wat telt is dat je hen vooruithelpt. Je moet alleen vermijden dat er een conflict ontstaat, daar is niemand mee gebaat. Omwille van het grote gelijk moet je geen collega's of patiënten afvallen. Het grote gelijk is trouwens tijdelijk; wat nu vanzelfsprekend is, is morgen achterhaald.'

Hendrik Cammu: 'De arts geeft klare informatie, zo volledig mogelijk, op maat van de persoon die voor hem zit. Beide partijen moeten samen tot een besluit komen over de te volgen weg. Alleen als de beslissing in consensus is genomen, heeft de patiënt ook een verantwoordelijkheid en stijgt zijn betrokkenheid. Anders is hij alleen maar een lijdend voorwerp in plaats van het onderwerp.'

'Maar niet iedere patiënt is daarvoor gewonnen. Sommigen spreken over zichzelf als over een derde persoon. Heel bizar. Ze willen van de arts dat hij die derde persoon behandelt. Ze leggen hun lot in je handen en zeggen: dit is mijn klacht, los dat nu maar op. Gelukkig komt het steeds minder voor.'

U vindt dat mensen op een nuchtere manier met onzekerheid en risico's moeten leren omgaan?

Cammu: 'Inderdaad. Een voorbeeld: volgens medische publicaties doen statines, de veel voorgeschreven cholesterolverlagers, de kans op een beroerte dalen met 25 procent. Dat is een abstracte prognose die niettemin indruk maakt op een leek. Een Nederlander heeft het op een andere manier bekeken. Hij berekende hoeveel patiënten je medicatie moet geven om één beroerte te voorkomen. De uitkomst is dat als je 75 patiënten gedurende vijf jaar statines laat slikken, je bij een van hen een beroerte zal voorkomen. Dat lees je niet in de krant, al kunnen mensen zich daar veel meer bij voorstellen dan 'een daling van de kans met een kwart'. De Nederlandse onderzoeker vroeg zich schamper af of het effect niet hetzelfde zou zijn als je die mensen vijf jaar lang wat lichaamsbeweging voorschrijft.'

'Al die risicocijfers maken de mensen zot. In mijn vak was er het gedoe over het toedienen van hormonen na de menopauze en de kans op borstkanker. Mensen interpreteren berichten daarover als: ik neem hormonen, dus ik krijg borstkanker. Het wordt niet in zijn context gezien. VLD-senator Patrik Van Krunkelsven heeft het ons wel moeilijk gemaakt door de boodschap ongenuanceerd op de mensen los te laten.'

Waarom vindt u onze perceptie van gevaar onredelijk?

Cammu: 'Mensen zien virtuele, toekomstige risico's als grotere bedreigingen dan bestaande, directe risico's. Vooral zaken waar we geen controle over hebben boezemen angst in: veel mensen hebben schrik om in een vliegtuig te stappen, terwijl het vele keren veiliger is dan in een auto. Denk ook aan het tumult over de dioxines in ons voedsel. Specialisten hadden berekend dat consumptie van besmette kippen mogelijk tussen 8 en 800 extra kankergevallen zou kunnen veroorzaken in de volgende decennia. Het land stond op zijn kop terwijl bewezen is dat roken 8.000 effectieve doden per jaar maakt. Ik heb in 1999 een artikel geschreven over de gevolgen voor de gezondheid van de dioxinevergiftiging. Ik baseerde me op een stuk in Science waarin werd voorspeld wat nu wordt bevestigd.' (Het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid maakte bekend dat de vrees voor extra kankergevallen ongegrond is - EB.)

'Gelukkig is de PSA-test (prostaat specifiek antigeen) om prostaatkanker op te sporen nu voorgoed begraven. Daar is men het anno 2004 eindelijk over eens. Men weet al lang dat slechts een op de vier oudere mannen met een hoog PSA-gehalte in het bloed kanker heeft. Kun je je voorstellen wat die mannen doorgemaakt hebben toen ze al die onaangename onderzoeken hebben moeten ondergaan? U weet toch wat de tweede betekenis van PSA is? Patiënten Schrik Aanjagen.'

Heeft het toenemende aantal klachten over medische blunders ook te maken met het onvermogen met risico's te leven?

Cammu: 'Dat medische blunders een probleem zijn en blijven, komt door twee dingen. Ten eerste bestaat er geen veiligheidscultuur in de geneeskunde. Nogal wat artsen zien zichzelf als bijna onfeilbaar en sommige patiënten willen niets liever. Ze geloven graag in de onfeilbaarheid van de arts zodat ze hun lot met een gerust gevoel in zijn handen kunnen leggen. Ten tweede leren artsen niet om te gaan met fouten.'

'Fouten zullen nooit volledig te vermijden zijn, het is evident dat er soms iets fout gaat. Ik heb nu ongeveer 40.000 technische aktes uitgevoerd. Ik zou wel goddelijk zijn als al die aktes onberispelijk zouden zijn verlopen. Daarom is het belangrijk dat als er iets mis gaat, de arts de patiënt ernstig neemt. Zeg wat er is misgelopen en engageer je om de patiënt in de mate van het mogelijke te helpen. Ondertussen moeten arts en patiënt te allen tijde blijven communiceren.'

Volgens patiëntenverenigingen zouden er veel minder klachten zijn als de arts bereid zou zijn te praten over het probleem.

Cammu: 'Absoluut. Tien jaar geleden is in The Lancet een analyse verschenen van 300 schadeclaims. Het besluit was dat als de arts van bij het begin had gecommuniceerd met de patiënt, de overgrote meerderheid van de klachten er nooit zou zijn gekomen. Patiënten vragen in de eerste plaats dat de arts hen au sérieux neemt en dat hij erkent dat er iets is misgegaan waardoor de patiënt schade kan ondervinden. Als de arts het probleem in de mate van het mogelijke tracht te verhelpen en begaan blijft met de gang van zaken, komt er bijna nooit een klacht. De meeste klachten komen voort uit frustratie, omdat de patiënt tegen een muur botst en niemand naar hem luistert.'

Is het waar dat de verzekeringen daarin een vuile rol spelen?

Cammu: 'Artsen mogen van hun verzekeringen nooit het woordje 'fout' uitspreken tegenover patiënten. Dat verhindert een goede communicatie met de patiënt over wat er gebeurd is. Er is natuurlijk niemand, of bijna niemand, die doelbewust mensen slecht gaat behandelen. Toch verbieden verzekeraars de artsen om fouten toe te geven.'

Zou een overheidsregulering via een verplichte verzekering voor dokters soelaas kunnen brengen?

Cammu: 'Juridisch ben ik niet onderlegd om daar intelligent op te antwoorden. Maar het is duidelijk dat iedereen gebaat is bij een klimaat van meer openheid. Er bestaat bijvoorbeeld geen internationaal tijdschrift over medische fouten terwijl dat elke dokter aanbelangt. Waarom is er geen Journal of Medical Error of een Journal of Medical Litigation? Het is anders wel a major issue: tienduizenden doden per jaar door medische fouten! Het ergste wat kan gebeuren is dat artsen zich ingraven, terwijl de kwade patiënten zich wat verder in hun loopgraven verschansen.'

'Ik pleit ervoor van medische fouten wetenschap te maken. Je moet de problematiek op een niet-emotionele manier benaderen, onderzoek doen, studies laten uitvoeren, er congressen aan wijden. Om het fenomeen aan te pakken, moeten er twee wegen worden behandeld. Eén: de arts moet zijn communicatieve vaardigheden ontwikkelen. Twee: het gedrag van de arts, de instellingen en iedereen die betrokken is bij de gezondheidszorg moet met het oog op de veiligheid worden bijgesteld. Om het met een boutade te zeggen: je kunt een fantastisch chauffeur zijn maar toch meer brokken maken dan een dame van zestig die heel wat minder stuurvaardig is maar wel anticipeert op gevaarlijke situaties. Het zijn dus niet de slechtste artsen die veel fouten maken. Sommigen zijn virtuoos, maar ze zijn niet genoeg bezig met veiligheid. De verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij de artsen. Ook de ontwikkelaars van geneeskundige instrumenten en apparaten moeten daarop bedacht zijn en zich bijvoorbeeld afvragen of het lampje op hun instrument een brandwonde kan veroorzaken als de arts het op de bil van de patiënt laat liggen? Op elk echelon van de geneeskunde moet veiligheid een bekommernis worden.'

U spreekt zich uit tegen de medicalisering van het leven, maar aan de andere kant zegt u dat er nog te weinig geneeskunde is. Een contradictie?

Cammu: 'Ik ben voor meer geneeskunde als het minder geneeskundige zorg oplevert. Een voorbeeld uit mijn eigen winkel: oudere vrouwen worden vaak in een instelling geplaatst wegens urine-incontinentie. De weerslag daarvan is groot: de vrouwen worden weggehaald uit hun vertrouwd milieu en ze beginnen te twijfelen aan zichzelf. Dat wordt erger als in de onderbemande instellingen geen tijd is voor de incontinentieproblematiek. De betrokkenen zijn in de waan dat, als ze daar met een natte broek zitten, het nu toch wel stilaan het einde is. Toch kan men met eenvoudige technieken die mensen aanvaardbaar continent maakt, dat wil zeggen alleen nog occasioneel incontinent, hun zelfvertrouwen en eigenwaarde weer opkrikken. Een beetje meer geneeskunde heeft in dit geval veel minder zorg tot gevolg en een grotere levenskwaliteit.'

'Inspanningen op een aantal cruciale punten kan in totaliteit minder geneeskunde nodig maken. De basisgedachte komt van een man die in de jaren dertig in een ziekenhuis kwam met ondervoede mensen en zei: geef die mensen eerst voldoende eten en dan zullen de meeste ziekten vanzelf verdwijnen.'

'In mijn boek staan nog voorbeelden van verwaarloosde kwalen zoals osteoporose, hart- en vaatziekten bij vrouwen en zeker ook depressie, een van de ergste ziektes. Mocht er meer aandacht zijn voor de bestrijding van depressie, dan krijg je een gunstig domino-effect met besparingen op medische uitgaven en winst op het gebied van levenskwaliteit. Waarschijnlijk is depressie belangrijker voor hart- en vaatziekten dan een te hoge cholesterol.'

Cammu: 'Het is inderdaad een vorm van medicalisering, maar Viagra heeft wel veel mensen op een eenvoudige manier van hun leed verlost. Viagra is een product voor mannen die gebukt gaan onder hun impotentie. Dat is de doelgroep, punt. De hype errond heeft Pfizer nooit gezocht, integendeel, ze hebben zich altijd gedistantieerd van oneigenlijk gebruik. Maar je kreeg onder potente mensen het 'better than life'-fenomeen, net zoals je jaren geleden niet depressief moest zijn om Prozac te nemen. De firma is op dat punt altijd correct geweest. Een tijd geleden hebben ze Viagra getest bij vrouwen met libidoproblemen, in de veronderstelling dat de stimulering van de bloedvoorziening ter hoogte van de clitoris de lust zou doen stijgen. Pfizer heeft zelf meegedeeld dat het niet werkt.'

Hendrik Cammu & Paul Huybrechts - Een lang leven gezond, An Apple a Day - 2004, Roeselare, Uitgeverij Globe, 365 blz., 17,9 euro, ISBN 90-5466-516-5

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud