David Byrne / 'Grown Backwards'

Nonesuch/Warner

Als oprichter van Talking Heads, soloartiest met een voorliefde voor Zuid-Amerikaanse muziek, soundtrackfreak, conceptueel artiest of Luaka Bop-labelbaas is David Byrne een man van evenveel muziekjes als ideeën. Op zijn debuut voor Nonesuch verlaat hij voorlopig het spoor van de wereldmuziek om halt te houden bij Italiaanse en Franse opera. Naast elf zelf geschreven tracks en een geslaagde cover van Lambchops 'The Man Who Loved Beer' bevat de cd ook twee aria's: 'Un di Felice, Eterea' uit Verdi's 'La Traviata' en een duet - met Rufus Wainwright - uit Bizets 'Les Pêcheurs de Perles'. Byrne is verre van een groot zanger en neemt behoorlijk wat risico door een van de grootste mannelijke duetten uit de muziekgeschiedenis onder handen te nemen, maar net als Wainwright redt hij het meer dan behoorlijk en past de song wonderwel in het grote geheel van deze cd. Vooral de strings van het Texaanse Tosca Quartet - die hij ook veelvuldig gebruikte op de onlangs verschenen soundtrack 'Lead Us Not Into Temptation' - bepalen de klankkleur van 'Grown Backwards'. Verder zo goed als geen gitaren of toetsen, enkel wat sporadische percussie, aan de leiband gehouden drums en behoorlijk wat koperwerk. Dat laatste schittert op 'Empire', een fictief 'tongue in cheek anthem' dat hij schreef om de imperialistische grootgedachte van het huidige Amerika van melodische slagkracht te voorzien. 'Tiny Apocalypse' wentelt zich in lichte bossanova, 'She Only Sleeps' haakt zich reeds na één luisterbeurt in je geest vast waarna 'Dialog Box' zich de titel van meest funky song mag toe-eigenen. 'Grown Backwards' laat Byrne van een heel andere kant zien: hij is het typevoorbeeld van een artiest die blijft groeien en verbazen. DF

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud