De korte maar krachtige videoclipcarrière van Chris Cunningham

(tijd) - Als het aan hem ligt, zit zijn loopbaan als videoclipmaker er al op. Tijdens het voorbije decennium regisseerde Chris Cunningham nochtans het mooiste werk uit de clipcatalogus van popgroten als Björk en Madonna. Dat deed hij door de beperkingen van het genre duchtig naar zijn hand te zetten. Maar zelfs dan stond al het gedoe hem niet aan. Tegenwoordig concentreert hij zich liever op eigen werk, dat op een dag moet uitmonden in een bioscoopfilm. In afwachting staan nu zijn beste muziekvideo's samen op één dvd.

Videoclips zijn bedoeld om cd's (en MP3-files) te doen verkopen. Die basisregel wil al wel eens worden vergeten in een apologetiek van de videoclip. Voor de generatie(s) opgegroeid met MTV is het spanningsveld tussen kunst en commercie een evidente site om vondsten te doen. Tussen het vele maatwerk dat songs, albums en beroemdheden slijt, schuilt wel degelijk al eens een parel die een geschiedenis van het pure audiovisuele experiment in herinnering brengt. De videoclip combineert beeld en klank. Om die simpele reden vindt hij zijn plaats in een genealogie die terugvoert via de videokunst en de experimentele film uit de jaren zestig en zeventig naar de (stille) abstracte film uit het interbellum. Met dat verschil dat Nam June Paik, Kenneth Anger, Bruce Conner, Oskar Fischinger of Hans Richter geen commercieel popproduct te verkopen hadden.

Sinds de jaren tachtig heeft de muziekvideo zich wel eens van huurlingen bediend om de occasionele diamant te slijpen. Filmmakers, fotografen en beeldende kunstenaars wisten bij momenten heel even te camoufleren dat de videoclip in wezen een reclameclip is. Maar intussen dient zich een nieuwe lichting beeldenmakers aan, die van het maken van muziekvideo's een kunst hebben gemaakt. Zoals de Hollywood-filmauteur zijn oeuvre boetseert binnen de restricties van het genre en de filmstudio's, zo ontwikkelen die professionele clipregisseurs een eigen signatuur binnen de krijtlijnen uitgetekend door popsterren, managers, platenfirma's en tv-stations.

De internationale lijst van getalenteerden groeit aan: Jean-Baptiste Mondino, Paul Hunter, HypeWilliams, Stephane Sednaoui, Spike Jonze, Michel Gondry, Chris Cunningham, zijn enkele van de grootste namen. De drie laatsten uit het rijtje zien in de reeks 'The Work of Director ...' de hoogtepunten uit hun werk al verzameld op dvd. Cunningham is de enige van het drietal die de sprong naar de langspeelfilm nog niet heeft gemaakt (Jonze maakte 'Being John Malkovich' en 'Adaptation', Gondry tekende voor 'Human Nature'). Maar ook voor de meest weerspannige aller videoclipmakers komt dat er wel van.

De filmindustrie blijkt geen vreemd terrein voor Chris Cunningham. Niemand minder dan Kubrick gaf hem de opdracht een animatronisch jongetje te bouwen voor de hoofdrol in 'A.I.' Na de vroegtijdige dood van de regisseur ging het project naar Spielberg, die meer brood zag in een levende acteur. Het apocriefe verhaal gaat dat Cunningham in zijn clip voor Björk een tipje van de sluier oplicht van hoe een kubrickiaanse robot er had kunnen/moeten uitzien. Zelf beweert Cunningham het tegendeel, het vrijende robotkoppel in 'All Is Full Of Love' getuigt inderdaad van zijn voorliefde voor de mens-machine en andere onmogelijke lichamen.

De modelbouwer en computernerd Cunningham behoort duidelijk tot de Photoshopgeneratie voor wie de manipulatie van het beeld een uitgemaakte zaak is. In zijn video's hebben wulpse vrouwen een mannenhoofd en kinderen het gezicht van een volwassene, mensen zien hun ledematen breken als glas, machines hebben seks, dieren worden automaat, popsterren ontmoeten hun dubbelgangers. Leve de digitale trukendoos die in handen van deze tovenaar onbehaaglijke resultaten oplevert.

In 1997 leverde Cunningham zijn eerste meesterwerkje af: 'Come To Daddy' voor Aphex Twin, tegelijk cult en een clipklassieker. Het Amerikaanse MTV draait het kleinood enkel in de nachtelijke uren wegens te bizar. Er is iets van aan: Aphex Twins striemende, schurende elektronische geweld krijgt zijn visuele equivalent in een stel agressieve kinderen die stuk voor stuk het (lelijke) gezicht van de componist-muzikant Richard James hebben. Hij valt zelf nergens te bespeuren, maar zijn gestoorde drum & bass wint nog aan intensiteit dankzij uitgekiende beeldstoringen en een loden pijp die keer op keer tegen een ijzeren hek klettert. De krijsende climax gaat gepaard met een demon die oprijst uit een kapot tv-toestel en dan een tergend lange gil laat in het aangezicht van een bejaard vrouwtje. Kille kleuren, een troosteloos stadsdecor, visceraal geweld, de surreële aan/afwezigheid van de popster; ziedaar de ongewone ingrediënten die Madonna meteen deden besluiten haar volgende clip aan Cunningham uit te besteden.

Muziekvideo's maken betekent permanent opboksen tegen bestaande formaten en vooropgestelde regels. De hechte structuur van de song, de duur van het nummer en het gezicht van de ster zijn verplichtingen waaraan Cunningham zich op de een of andere manier weet te onttrekken. In zijn video lijkt de tijd uit te deinen. De muziek wordt een soundtrack bij de beelden. Voor het trage 'Only You' van Portishead dompelt hij zijn zingende personages in een waterbasin en werkt achteraf zorgvuldig de luchtbellen weg. Die mooie digitale ingreep is meer dan een gimmick, de technisch bravoure slechts het middel om zijn oorspronkelijk idee gestalte te geven: 'Het creëren van een nachtelijk droomlandschap waarin verstilde lichamen het akelige voorgevoel uit de song visualiseren', zegt Cunningham. Aan Madonna's 'Frozen' geeft hij een gelijkaardige draai. Haar speelse geflirt met mystiek en spiritualiteit verandert in de clip in onvervalste gothic met raven, een zwarte madonna en blauw maanlicht. De prachtige verdubbelingen van de popster en haar metamorfose in een vlucht vogels geven alweer gestalte aan dat instabiele lichaam waarop Cunningham het patent lijkt te hebben.

De Britse clipregisseur geeft zelf volmondig toe dat hij zich voortdurend herhaalt. Hij blijkt de man van het ene idee, en inderdaad: in het satirische 'Windowlicker' voor Aphex Twin ziet de blanke, bebaarde Richard James zijn gezicht dit keer verschijnen op de lijven van vele zwarte bimbo's. En de sensuele robots uit Björks 'All Is Full Of Love' vormen zowel een echo van de insectmachine in Autechre's 'Second Bad Vibel' als een voorbode van de drummeraap in 'Monkey Drummer'.

Die laatste titel is een videoinstallatie geheel op rekening van Cunningham, net als 'Flex', een audiovisueel werk waarmee hij het circuit van de beeldende kunsten indook. Gedaan met het verkopen van andermans cd's. Zelfs de carte blanche die hij van Björk kreeg om haar 'witte hemel' een hedendaagse vorm te geven, kon hem niet langer bekoren. Zijn verleidelijk onheilspellende droomwereld is nu geheel de zijne. Naar verluidt zit zijn langverwachte en vergevorderde verfilming van William Gibsons 'Neuromancer' voorgoed in het slop. Maar tot nader order is Cunningham geen videoclipmaker meer.

'The Work of Director Chris Cunningham', videoclips voor onder anderen Aphex Twin, Portishead, Leftfield, Squarepusher, Madonna en Björk, 1995-98, www.directors label.com

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud