'Ik ben een veelvraat als het op cinema aankomt'

(tijd) - Een man verdwaalt in een mistig bos en komt terecht bij een wat vreemde herbergier die onverwachte plannen met hem heeft. 'Calvaire', de eerste langspeelfilm van Fabrice du Welz, staat met beide benen onmiskenbaar in het horrorgenre. Maar de regisseur wil meer doen dan enkel zijn publiek choqueren. 'Ik heb het kleine filmpje gemaakt dat ik wou maken, met allerlei knipoogjes naar mijn favoriete genre.'

Als je Fabrice du Welz (32) hoort vertellen over de weg die hij heeft afgelegd om zijn langspeeldebuut 'Calvaire' te maken, krijg je de indruk dat hij de filmboot zo lang mogelijk heeft afgehouden. Hij omschrijft zichzelf wel als een veelvraat als het op film aankomt, maar zijn eerste studiekeuze was zowaar acteren. Nauwelijks een paar maanden acteeropleiding aan het conservatorium van Luik maakten hem echter duidelijk dat die kant van de camera of de planken niets voor hem was. Hij moest dus opnieuw kiezen, en weer werd het geen film. Hij trok weliswaar naar het INSAS in Brussel, maar dan om theaterregie te studeren. 'Theater of film, het is altijd een serieus conflict geweest bij mij', zegt hij schouderophalend.

Uiteindelijk raakte hij via de televisie toch op de plaats waarvoor hij in de wieg was gelegd. Du Welz begon bij Canal+ België (en later Frankrijk) als regisseur en sketchschrijver. In 1999, toen hij 27 was, deed hij dan de stap naar een eerste kortfilm, die meteen ook de toon zette. 'Quand on est amoureux c'est merveilleux' was het verhaal van een vrouw die zichzelf voor haar verjaardag trakteert op een Chippendale maar kwaad wordt als de man in kwestie zich niet wil plooien naar haar erotische fantasieën. Burleske humor, emotioneel geweld, een alles verterende hunkering naar liefde, de kracht van de fantasie, het zit ook allemaal in 'Calvaire'. Met dat debuut liet du Welz vorig jaar op het festival van Cannes al van zich spreken, nu loopt de film eindelijk in de zalen.

Als de psychoanalyse gelijk heeft, hoef je de prille oorsprong van de Belgische gruwelfilm 'Calvaire' niet lang te zoeken. Du Welz zat als kind namelijk tien jaar lang op internaat bij de jezuïeten. 'En dat tekent een mens', voegt hij eraan toe. 'Daar ben ik opgegroeid.' Geen wonder dus dat 'Calvaire' zich afspeelt in een wereld waar enkel mannen lijken rond te lopen.

Is een wereld zonder vrouwen uw grootste nachtmerrie?

Fabrice du Welz: 'Dat zou inderdaad vreselijk zijn. Een wereld met vrouwen is al moeilijk genoeg. Zonder vrouwen zou het helemaal ondraaglijk worden.' (lachje)

Was dat idee ook het uitgangspunt toen u aan het scenario begon?

Du Welz: 'Nee, het uitgangspunt was het idee van een alleenstaande man die een andere man als vrouw neemt. Ik had zin om een horrorfilm te maken, een survivalverhaal en iets wat zich afspeelt in de Ardennen of de Hoge Venen. Het begin hebben we vlot op papier gekregen, maar met het einde hadden we veel meer problemen. Op een bepaald moment heb ik dan bedacht dat het beter zou zijn niet alles uit te leggen en de grillen van het lot te laten meespelen in het verhaal. Omdat het gaat om een wereld zonder vrouwen leek dat me heel coherent en logisch. Dat uitgangspunt heeft trouwens niets met homoseksualiteit te maken. Voor mij is dit een puur liefdesverhaal met personages die niets liever willen dan een ander liefhebben en daar zwaar in overdrijven.'

Uw hoofdpersonage is een charmezanger. Wou u ook iets zeggen over de showbizzwereld?

Du Welz: 'Best mogelijk, maar ik heb nooit geprobeerd alle thema's uit te werken en alle vragen te beantwoorden. Ik haat films die me de vragen en de antwoorden netjes aanreiken en aan de kijker precies uitleggen hoe ze het verhaal moeten interpreteren. Ik heb geprobeerd 'Calvaire' te zien als een bizarre en amorele fabel waar je vanalles in kunt zien. Het begin komt recht uit het handboek 'Hoe schrijf ik een horrorfilm', met een man die verdwaalt in een bos en vervolgens in een pijnlijke situatie terechtkomt. Maar daarna wou ik de kijker telkens opnieuw op het verkeerde been zetten. Ik wou bijvoorbeeld niet dat hij zich identificeert met de zanger, waardoor hij bijna verplicht is mee te leven met de herbergier. Het is een experiment met de relatie met de kijker, binnen een genre waarvan hij denkt dat hij het door en door kent. Buñuel deed dat ook. Hij plaatste de kijker steeds midden in de scène. Maar zonder alles te verklaren.'

Toch nog één thematische vraag. De film steekt vol religieuze verwijzingen. Hoe ziet u het verband tussen godsdienst en dit beestachtige verhaal?

Du Welz: 'Dat een hele groep mensen zo sterk kan geloven in een waanbeeld dat het hun hele leven gaat beheersen. Die collectieve waanzin vind je ook in onze joods-christelijke religies terug. Iedereen denkt dat Jezus Christus de zoon van God is en is bereid te doden om dat geloof te verdedigen. Het verschil met wat in 'Calvaire' gebeurt, is miniem.'

Voor een horrorfilm is het geweld dat u laat zien heel beperkt. Waarom?

Du Welz: 'Omdat ik meer de oorzaken en gevolgen van geweld wou tonen dan frontale agressie. In 'Calvaire' gaat het om menselijk geweld, en dat komt nooit uit de lucht gevallen. Bovendien wou ik de humor van het verhaal niet in de weg lopen. Sommige mensen reageren slecht op de film, maar anderen zien de humor die erin steekt. Vooral de Angelsaksische wereld, vreemd genoeg. Als ik mijn film daar toon, wordt er altijd hartelijk gelachen. In Vlaanderen trouwens ook. Jullie zien 'Calvaire' als een pikdonkere komedie, terwijl Franstaligen het er veel moeilijker mee hebben. Zij zijn veel meer gechoqueerd. Op het festival van Namen had ik het gevoel dat ze me op elk moment op straat in brand konden steken, op het festival van Gent konden de mensen ervan genieten.'

'Calvaire' verwijst regelmatig naar klassiekers uit het horrorgenre, en dan vooral uit de jaren 70, zoals 'Night of the Living Dead' en 'The Texas Chainsaw Massacre'. Wat bewondert u zo aan die films?

Du Welz: 'Dat ze meer ambities hebben dan het publiek louter te doen schrikken. Regisseurs als George Romero en Tobe Hooper wilden ook iets zeggen over de wereld waarin ze leefden en situeerden hun verhalen dus ook in hun eigen streek, Pittsburgh en Texas. Ze maakten horror, maar het was politieke horror. Het ging over racisme, sociale uitsluiting, armoede, Vietnam, noem maar op. Daarom wou ik ook per se een verhaal dat zich in Wallonië afspeelde, om de Belgische problemen van de laatste jaren aan te kaarten. Ik heb vaak de indruk dat Belgische regisseurs doen alsof er niets gebeurd is in ons land. Ze maken 'Pauline & Paulette' en 'Confituur' en doen voor de rest alsof hun neus bloedt. Ik vind dat onze kunstenaars ook die open wonde van onze maatschappij moeten durven aanpakken. Praten over de seksuele en affectieve miserie van ons land. Dat is zinvol en belangrijk.'

Heeft u alle filmische referenties bewust gekozen?

Du Welz: 'Ik ben een veelvraat als het op cinema aankomt. Waarschijnlijk is er dus ook veel onbewust ingeslopen. Maar daar was ik niet bang voor. Ik ben zonder complexen aan de film begonnen. Ik had nooit gedacht dat 'Calvaire' uitgenodigd zou worden in Cannes of Toronto. Ik heb het kleine filmpje gemaakt dat ik wou maken, met allerlei knipoogjes naar mijn favoriete genre. Dat is ook niet abnormaal volgens mij. Een beginnende schilder zal ook eerst iets proberen in de trant van de artiesten die hij bewondert terwijl hij toch zijn eigen weg zoekt. Dat heb ik ook geprobeerd. Dus ja, 'Calvaire' zit vol verwijzingen, van Delvaux over Tobe Hooper en Jess Franco tot Gaspar Noé. Waarom niet?'

'Calvaire' speelt nu in de zalen.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud