'Ik maak geen entertainment, ik wil meer bereiken met mijn films'

(tijd) - Vier kinderen die hun moeder kwijt raken maar hun flat niet uit durven. Rond dat (waar gebeurde) verhaal weefde de Japanse cineast Kore-eda Hirokazu 'Nobody Knows'. Niet verwonderlijk dat de film goed doordacht lijkt: Kore-eda heeft er 16 jaar aan gewerkt. 'Ik wou van deze film een soort samenvatting maken van mijn ervaringen met cinema', legt Kore-eda Hirokazu uit.

De film in kwestie, 'Nobody Knows', vindt het midden tussen documentaire en fictie, de twee genres die de Japanse regisseur in de loop van zijn carrière heeft verkend. Oorspronkelijk wou Kore-eda romanschrijver worden, maar hij veranderde van mening (en medium) toen hij de kans kreeg om voor een tv-station te werken. Met nauwelijks drie films ('Maborosi', 'After Life' en 'Distance') werkte hij zich op tot één van de meest vooraanstaande regisseurs van de nieuwe generatie. Het zijn bovendien niet de makkelijkste thema's die hij aanpakt. In 'Maborosi' ging het over een vrouw die te horen krijgt dat haar man zelfmoord heeft gepleegd, in 'After Life' om pas overleden mensen die het gelukkigste moment uit hun leven moeten kiezen om er de eeuwigheid mee door te komen en in 'Distance' over de familieleden van een groep terroristen.

Ook 'Nobody Knows' pakt geen simpel thema aan. Kore-eda loopt al met het idee voor de film rond sinds hij 16 jaar geleden over de zaak Nishi-Sugamo hoorde. Zo kwam hij bij een verhaal over vier kinderen die door hun moeder in de steek worden gelaten en hun eigen streng moeten trekken in het moderne Tokio. Oorspronkelijk wou hij de hele historie vertellen vanuit het standpunt van de oudste zoon, maar uiteindelijk werd het een semi-documentaire film die ervoor zorgt dat je als kijker zelf een lid van het merkwaardige huishouden wordt.

Tokio, de stad waar u geboren en opgegroeid bent, speelt een grote rol in uw film. Vond u het belangrijk om niet de hele tijd in de flat te blijven?

Kore-eda Hirokazu: 'Zoals je weet, is de film gebaseerd op iets wat 16 jaar geleden echt gebeurd is. Toen dat verhaal bekendraakte, zag ik het meteen als de perfecte illustratie van hoe het is om in Tokio te leven. In het moderne Tokio zijn de relaties tussen de mensen lang niet meer zo hecht en diep als vroeger. Veel mensen zijn totaal niet geïnteresseerd in wat zich buiten hun eigen familie of gezin afspeelt. Het verhaal van die vier kinderen die maanden op zichzelf waren aangewezen zonder dat iemand het gemerkt had, symboliseerde die omstandigheden. Tokio is altijd mijn thuis geweest, al 40 jaar. Ik heb de stad stelselmatig zien veranderen. Vandaar ook dat het verhaal van die kinderen me zo aansprak. In de eerste plaats gaat het over wat die jongen en zijn boer en zussen meemaken, maar het zegt tegelijk ook veel over de wereld van vandaag.'

U legt heel weinig uit over de achtergrond omdat u blijkbaar wilt u dat de kijker zijn eigen mening vormt over wat hij te zien krijgt, maar er is toch één element dat een beetje duiding nodig heeft. Waarom kan die moeder maar één van haar kinderen laten zien aan de buitenwereld? Waarom is het überhaupt een probleem dat ze als alleenstaande vrouw vier kinderen heeft?

Hirokazu: 'Ik vermoed dat die situatie specifiek is voor Japan. Het heeft alles te maken met de schaarste aan woningruimte in Tokio. Gezinnen met kleine kinderen hebben het sowieso moeilijk een flat te vinden, omdat huisbazen liever andere huurders nemen. Kleine kinderen maken veel lawaai, maken alles vuil en veroorzaken veel last. Als een gezin met vader en moeder het al zwaar heeft om huisbazen te overtuigen, dan kan je je voorstellen dat het voor een alleenstaande moeder helemaal onmogelijk is, en zeker als ze vier kinderen met zich meebrengt. Daarom laat ze uitschijnen dat ze maar één zoon heeft, een welopgevoede jongen van een jaar of tien die zeker niemand tot last zal zijn. De moeder zegt het trouwens op een bepaald moment letterlijk tegen haar jongste zoon. Omdat hij te veel lawaai had gemaakt in hun vorige flat, werden ze daar buiten gezet. In Japan maken we ons altijd zorgen om wat de buren denken en zeggen. Dat vinden wij belangrijker dan onze eigen behoeften. Het feit dat ze een alleenstaande moeder is, maakt het ook niet makkelijker. In de ogen van veel mensen is het onbehoorlijk om zonder man een kind op te voeden.'

In uw eerste fictiefilm 'Maborosi' speelde u veel met licht om de emoties van uw personages uit te beelden. Was het in 'Nobody Knows' de bedoeling om iets gelijkaardigs te bereiken met tijd? Ik denk bijvoorbeeld aan de manier waarop u de seizoenen gebruikt.

Hirokazu: 'In 'Maborosi' wou ik het licht en de duisternis uitbeelden en via de belichting het gevoel van verlies opwekken waarmee de personages te maken hebben en het helingsproces dat ze doormaken. Ik weet niet of ik in 'Nobody Knows' op dezelfde manier omga met tijd. Wat ik hier het belangrijkst vond, was het proces van groot worden, en dat wordt vertaald in de tijd. Wat telt, is dat de dingen één voor één verloren gaan. Vanuit het standpunt van de jongen raken ze eerst hun moeder kwijt, dan hun toekomst, dan hun vrienden, dan hun geld, enzovoort. Eén voor één gaan alle dingen waar hij waarde aan hecht verloren. Maar daardoor wordt hij ook beetje bij beetje een volwassen persoon. Die contrasterende elementen wou ik een jaar lang volgen, enerzijds het verlies dat hij lijdt en anderzijds dat langzame proces van volwassen worden.'

Op de eindgeneriek staat dat de moeder gespeeld wordt door 'You'. Ik dacht even dat u daarmee de kijker op zijn eigen verantwoordelijkheid wou wijzen, tot ik begreep dat You de naam van de actrice was. Of vergis ik me?

Hirokazu: 'Ik wou in elk geval niet die moeder met de vinger wijzen. Ze mocht geen gruwelijke persoon worden, maar iemand die in wezen zelf nog een kind is. Het is niet dat ze haar kinderen niet graag ziet. Het feit dat er geen enkele wrijving is tussen haar oudste zoon en de andere kinderen wijst erop dat ze allemaal met evenveel liefde behandeld werden. De moeder is meer iemand die haar liefde niet kan controleren. Je bent trouwens niet de eerste die de opmerking maakt over de naam van de actrice maar ze heet inderdaad echt You. Dat is haar artiestennaam. Ze is een bekende tv-persoonlijkheid in Japan. De reactie van niet-Japanse kijkers heeft ook mij verrast.'

In hoeverre zag u de film toch als een manier om uw publiek bewust te maken van een bepaalde problematiek?

Hirokazu: 'Ik maak geen films puur om de entertainmentwaarde. Ik heb niks tegen compleet vrijblijvende cinema, maar die ben je na een uur alweer vergeten. Ik wil meer bereiken met mijn films. Ik wil dat de kijker zich na één van mijn films bepaalde vragen stelt, dat hij nadenkt over zijn visie op de wereld, over de relaties tussen mensen, of hij genoeg doet om van deze wereld een betere plek te maken. Daar geloof ik in, maar tegelijk had ik bij 'Nobody Knows' nooit de ambitie om sociale veranderingen in gang te zetten. Ik denk niet dat iemand het sociale vangnet in Japan zal verbeteren omdat hij mijn film heeft gezien. Maar dat neemt niet weg dat films een belangrijke rol kunnen en moeten spelen. Film is een krachtig medium omdat het de mensen rechtstreeks aanspreekt. Ik heb 15 jaar met deze film rondgelopen omdat ik wist dat iedereen zich met die kinderen zou kunnen identificeren, los van de sociale achtergrond. Door de innerlijke wereld van die jongen voelbaar te maken kan ik echter ook de link leggen naar andere thema's.'

U hebt 'Nobody Knows' chronologisch gedraaid en hebt de film tijdens het draaien al gemonteerd. Wat zijn voor u de voordelen van die manier van werken?

Hirokazu: 'Het verhaal dicteerde dat we chronologisch moesten draaien. Tenslotte volgen we kinderen die opgroeien en op die leeftijd gaat dat behoorlijk snel. De reden waarom ik die manier van filmen gebruik, heeft te maken met de stijl die ik wil. Ik gebruik graag close-ups, maar dat betekent dat je een vertrouwensband moet smeden met die kinderen. Soms stond de camera vlak naast hun hoofd en moesten ze toch een natuurlijke uitdrukking op het gezicht hebben. Ze moesten zich dus helemaal op hun gemak voelen met mij en de rest van de ploeg. Vandaar dat we een heel jaar gefilmd hebben. Ik heb ook mijn film telkens na elk seizoen aangepast. Ik monteerde wat we gedraaid hadden en herwerkte vervolgens het script. Dat heb ik vier keer gedaan. Die techniek heb ik uit mijn ervaring met documentaires gehaald. Daar is die methode schering en inslag. Dit verhaal leende zich daar perfect toe.'

Het gevoel dat de film opwekt, is een vreemde mix van vreugde en droefheid. Wat overheerst er volgens u?

Hirokazu: 'Toch de vreugde. Het einde van de film is tamelijk triest, maar het was mijn bedoeling om te benadrukken dat de toekomst hoop biedt. In het begin van de film heb je vier kinderen, op het einde ook, en daarmee zeg ik dat het leven kan verder gaan. Het zijn taaie kinderen die zich niet zomaar neerleggen bij hun situatie. De kans is groot dat ze kunnen overleven. Geluk en verdriet liggen bovendien heel dicht bij elkaar. Een gebeurtenis is nooit zo triest als wanneer hij gecontrasteerd wordt met diepe vreugde. Het komt erop aan de juiste balans te vinden. Ik geef er ook de voorkeur aan die droefenis niet direct in beeld te brengen. In plaats van een close-up van iemand die huilt, toon ik liever een potje nagellak dat omvalt. Hetzelfde voor de piepende sandalen die het jongste dochtertje draagt. In het begin van de film klinkt dat gepiep grappig, maar na verloop van tijd verandert de stemming.'

Werken met kinderen is naar het schijnt een van de zwaarste taken die een regisseur te beurt kunnen vallen. Hoe hebt u ze voorbereid op hun rol?

Hirokazu: 'Ik heb ze vooral aangemoedigd om gewoon te spelen en zich natuurlijk te gedragen. Wat de dialogen betreft, heb ik ze heel vaak in het oor gefluisterd wat ze moesten zeggen. Alles stond wel degelijk op papier maar ik hield er niet krampachtig aan vast. Als een situatie dicteerde dat ik een stukje dialoog moest veranderen, dan deed ik dat ook. De scène in het park is bijna volledig spontaan gedraaid. Dat was de eerste dag dat ze naar buiten mochten en ze waren zo uitgelaten dat ik ze eerst heb laten doen. Ik zag dat ze graag met de draaimolen speelden en daarom heb ik daar mijn camera in geplaatst. Daar moet je voor open staan.'

De film herinnerde me aan de intimistische cinema van iemand als Ozu. Voelt u zich deel van een ruimere Japanse traditie?

Hirokazu: 'Niet echt. Ik heb mijn werk nog nooit zo bekeken. Natuurlijk heb ik veel bewondering voor Ozu maar ik denk dat mijn films toch anders zijn, ook al omdat ik andere methodes hanteer. De enige andere regisseur met wie ik me min of meer verwant voel, is Hiroshi Shimizu, een van de vaste medewerkers van Takeshi Kitano die zelf ook films regisseert. Net als ik gebruikt hij natuurlijk daglicht en filmt hij op een documentaireachtige manier. Voor de rest heb ik niet het gevoel dat ik deel uitmaak van een bepaalde traditie of strekking.'

'Nobody Knows' speelt nu in de zalen.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud