Blueberry

Met Vincent Cassel, Michael Madsen, Juliette Lewis, Colm Meaney, Eddie Izzard, Djimon Hounsou, Hugh O'Conor, Ernest Borgnine, Temuera Morrison

(tijd) Waarom heet deze film 'Blueberry'? Dat is de vraag die zich halverwege Jan Kounens bizarre western opdringt. Toegegeven, het hoofdpersonage heet Mike Blueberry, hij heeft een zwak voor indianen (die hem de bijnaam Tsi-na-pah, ofwel Gebroken Neus geven) en vecht voor tolerantie en gelijkheid, en hij wordt bijgestaan door een zatte roskop die McClure heet. Maar verder houdt elke overeenkomst op met de gelijknamige stripheld die Jean Giraud en Jean-Michel Charlier aan het einde van de jaren 60 in het leven riepen.

Waar Blueberry in de strips uitblinkt door zijn gigantische strategisch doorzicht en de strip door zijn gedetailleerd uitgebouwde plots, stuurt de Franse cultregisseur hem een compleet andere richting uit. De vijand met wie Mike Blueberry hier de strijd aangaat, heet in eerste instantie Wally Blount en onze held heeft het op hem gemunt omdat de schurk de dood van Blueberry's eerste liefje op zijn geweten heeft. Maar uiteindelijk draait het erop uit dat hij in de arena moet treden met een heel andere tegenstander: zichzelf.

Die weg naar inzicht gaat gepaard met de nodige geestverruimende middelen, indiaans gezang, filosofische dialogen en ander fraais dat je doorgaans niet in een western aantreft.

In zekere zin kan je dan ook niet anders dan de lef waarderen waarmee Kounen, nochtans met veel respect voor het genre, alle regels op hun kop zet.

Aan het eind van de rit heeft deze 'Blueberry' veel meer gemeen met 'The Matrix' dan met het universum van Sergio Leone, ook al loopt ook deze film vol karaktersmoelen en zweterige gezichten en krijgt de oudgediende Ernest Borgnine zowaar een rolletje toebedeeld.

Anderzijds pompt Kounen zijn film zo vol Indiaanse mystiek - na twee uur heb je genoeg schor fluitende roodhuiden gezien om het een leven lang uit te houden -, religieuze symbolen en andere etherische thema's dat je er kop noch staart aan krijgt. We zien Blueberry op de rand van een hoge rots dartelen à la Pocahontas, hij wordt wakker in een nest slangen, hij wordt gezuiverd door vuur en in het diepste binnenste van een berg drinkt hij een indianenbrouwsel dat hem een kwartier lang in waanzinnige computeranimatie doet belanden. Op het einde vindt Blueberry inderdaad zichzelf, maar de kijker is hij dan al lang kwijt.

RN

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud