'Sebastian' klonk nooit apocalyptischer

(tijd) - Steve Harley & The Cockney Rebel Band beginnen hun tournee 'Anytime' met een vrijdag in de Arenbergschouwburg in Antwerpen. Vorige zomer speelde Harley naast David Bowie en The Who op het Isle of Wight-festival. In zijn Cockney Rebel-begeleidingsband zat geen enkele van de originele muzikanten met wie de 53-jarige zanger dertig jaar geleden doorbrak, maar de nummers spraken het veel jongere publiek nog steeds aan. Harley zegt nu die oude hits nog liever dan vroeger met zijn publiek te delen.

Harley zegt, als de voorwaarden goed zijn, haast nooit nee tegen een concert. Toen de aanvraag voor een Antwerps concert binnenliep, om zijn nieuwe Britse tournee 'Anytime' mee te beginnen, zag hij dan ook geen enkel probleem. 'Ik doe het zo graag', zegt hij, bijna extatisch. 'En we verdienen er proportioneel ook een beetje meer aan dan vroeger. In de jaren zeventig bleef het geld altijd wel ergens hangen. Iedereen had er toen baat bij dat je optrad, behalve de artiest zelf. Dat zullen zelfs de grootste namen in de rockwereld je vertellen. We krijgen nu ook meer respect dan vroeger. De mensen komen om te luisteren, niet om te drinken en rumoer te maken, zeker als je in schouwburgen speelt. Plus: we spelen tegenwoordig ook nummers die ik nog nooit live bracht of al lang niet meer gespeeld heb. Dat maakt het interessant.'

Steve Harley speelt afwisselend elektrische sets met band en intiemere semi-akoestische optredens. Ontdekt hij zo nog vaak nieuwe eigenschappen van oude nummers? Harley: 'Constant. Je staat daar op het podium met je ogen dicht terwijl je je eigen woorden zingt, en je leert de hele tijd bij. Soms begrijp ik nu pas wat ik 25 jaar geleden bedoelde met een tekst. Akoestische muziek geeft een zanger veel ruimte om dingen te veranderen, om met de melodie te spelen. De muziektelevisiezender MTV deed alle singer-songwriters jaren geleden een groot plezier door met de unplugged-rage uit te pakken. Dat opende een nieuwe markt voor ons. Ik heb meer dan tien albums gemaakt met songs die praktisch allemaal geproduceerd werden voor een rockband in een studio, maar stuk voor stuk ook akoestisch overeind blijven. Zelfs 'Sebastian', op plaat gearrangeerd voor een 45-koppig orkest, is een eenvoudig liedje met drie akkoorden. Zo heb ik het ook geschreven op gitaar. Een akoestische interpretatie toont de luisteraars vaak de ware afkomst van een nummer.'

'Maar zoals gezegd, in Antwerpen breng ik de rockband mee en moet ik me laten leiden door de arrangementen, en de luide drums en elektrische gitaren. 'Sebastian' klonk nooit apocalyptischer. Ik laat het elke keer opnieuw groeien, het origineel hoor ik er niet meer in. Als het gedaan is, wil ik echt het podium aflopen en mijn drijfnatte T-shirt uitwringen. Dan ben ik compleet van de kaart en is het afgelopen. Vreemd, als je nagaat dat ik die song nooit echt begrepen heb. Als je me vraagt waar het over gaat, dan zal ik je elke dag iets anders vertellen. Ik denk dat ik aan de drugs zat toen ik het schreef.'

Zijn grootste hit 'Make Me Smile (Come Up and See Me)' was in het midden van de jaren zeventig een steek naar de drie muzikanten die Harleys begeleidingsband Cockney Rebel verlaten hadden. Ondertussen zal het nummer ook wel andere betekenissen gekregen hebben. Harley: 'Ja, het is een eigen leven gaan leiden. Telkens als ik het zing, neemt het publiek het vrijwel meteen van me over. Het klinkt ook elke avond anders, want de melodie is niet erg strikt. Ik heb het overal in de wereld gehoord: in taxi's, liften, restaurants, noem maar op. Vorig jaar liep ik een hotel binnen waar het werd gespeeld op een trouwpartij. Ik stond in de deurgang en zag de mensen op de dansvloer, de handen in de lucht en een lach op hun gezicht. Ik genoot er zichtbaar van, maar niemand herkende me en dat vond ik best zo.'

Twee songs uit het prille begin van zijn carrière maakten Steve Harley wereldberoemd, maar nu heeft hij het veel moeilijker om liedjes te schrijven. Is dat niet frustrerend? Harley: 'Nee, helemaal niet. Ik heb alles bereikt wat ik wilde bereiken in het leven. Ik heb een fantastische familie, de royalties blijven binnenstromen, en op tijd en stond kan ik optreden. Wat wil een mens nog meer? (pauzeert even) Maar waar schrijf je dan over? Als je jong bent, ben je nog hongerig. Dan smijt je je er volledig in. Op mijn leeftijd vind ik een publiek veel belangrijker dan nieuwe songs, want wat ben ik met nieuwe songs als ik ze niet voor een publiek kan spelen? Ik schrijf er nog wel, hoor, en ik probeer ze sporadisch ook uit tijdens de optredens. Ik duik binnenkort zelfs in de studio om een cd af te werken. Maar ik ben niet iemand die om het andere jaar een nieuwe plaat uitbrengt omdat het nu eenmaal zo hoort. Ik wil trots zijn op het eindproduct. Ik ben geen Amerikaan, die een hele plaat kan volschrijven over de terreuraanslagen van 11 september 2001. Ik wil net alle tragedie zo veel mogelijk bannen uit mijn leven.'

'De melodieën voor de nieuwe songs zijn af, ze zitten al een hele tijd in mijn hoofd. Maar de tekst is andere koek. Al heb ik zopas beslist geen excuses meer te zoeken en de verdomde woorden eindelijk op papier te zetten. En ook al gebeurt er niets spectaculairs in mijn leven, het zal autobiografisch zijn. Ik moet er rekening mee houden dat ik niet de enige 53-jarige met opgegroeide kinderen ben.'

Zijn nieuwe tournee heet toepasselijk 'Anytime'. Harley: 'Ik woonde onlangs samen met mijn zoon een concert van Brian Wilson bij. Het was verre van het beste concert dat ik ooit zag. Achteraf stonden we allemaal recht om hem te bedanken voor de mooie avond. Hij groette zijn publiek en speelde nog een paar liedjes. Zo gaat dat in de showbiz. Ik zeg na het applaus van het publiek steeds: 'Anytime.' Ik ben me er na twee en een half uur van bewust dat als het publiek mij bedankt het minste wat ik kan doen is zeggen: 'Alstublieft, bitte schön, anytime, ik kom terug.'

Steve Harley & The Cockney Rebel Band concerteren op vrijdag 12 november in de Arenbergschouwburg in Antwerpen.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud