'We proberen ons vrolijk te houden, maar het lukt niet'

(tijd) - 'A Song about a Girls' is op verschillende niveaus een nieuwe start voor Zita Swoon. De voorbije maanden mocht Stef Kamil Carlens naast enkele nieuwe muzikanten ook een nieuw label en een akoestischer geluid verwelkomen. Terug naar de bron dus. 'Wat het instrumentarium betreft, sluit de nieuwe cd wel aan bij de eerste jaren van de groep.'

De akoestische tournee in het zog van de op cd verschenen TMF-sessie was een eerste aanzet. Een vruchtbare, muzikale retraite in de Ardennen zette de groep definitief op het verse spoor. Omdat ook het eerste langspeelalbum van Carlens en co, toen nog Moondog Jr., een akoestisch randje had, werd al vlug geopperd dat de band terug naar de bron ging. Maar achteraf geeft de zanger graag toe dat Moondog Jr. toch nog een pak ruwer klonk. 'Maar wat het instrumentarium betreft - veel contrabas, piano, percussie en akoestische gitaren, weinig synths - sluit de nieuwe cd wel aan bij de eerste jaren van de groep. Als er al elektrische gitaren te bespeuren vallen, dan werden ze steevast door een klein versterkertje gestuurd.'

Het sobere, ingetogen, wat bluesy palet vormt ook een uitgelezen achtergrond voor de persoonlijke teksten van Carlens, die vrijwel uitsluitend (zijn) relaties met vrouwen bezingt. 'A Song about a Girls' was ook het eerste album dat Carlens maakte als vader, maar dat heeft volgens hem amper een impact gehad op de muziek (wel op zijn leven). Over vrouwen klonk de zanger, die de plaat ook zelf producete, echter nooit openhartiger. Hij zingt over verliefdheid (single 'Thinking About You All the Time'), passie ('100') of gemis ('Hey You Whatshadoing'), maar ook over zijn eeuwige twijfels ('Selfish Girl') en zijn spijt ('Josiesomething').

Het zijn stuk voor stuk flarden van gevoelens, die als een dagboek met elkaar verbonden zijn. 'Ik noem het soms ook een dagboekplaat. Ik heb altijd dagboeken bijgehouden, vroeger nog obsessiever dan nu. Nu denk ik soms dat ik iets, wanneer het echt belangrijk is, wel zal onthouden.'

Ook op 'A Song about a Girls' ontmoeten we Josie: het al dan niet fictieve karakter dat al sinds midden jaren negentig op de platen van Carlens opduikt. Hij weigert nog steeds te zeggen waar hij de inspiratie haalt voor het personage, maar we mogen wel weten dat ze nog geen spat veranderd is. 'Josie is heel uitbundig. Dat kan zich uiten in vrolijkheid, maar dat doet het zeker niet de hele tijd. In 'Josiesomething' zing ik dat ik redelijk blauw en melancholisch ben, maar dat Josie nog veel erger is.' De andere Josie-track, 'Me and Josie on a Saturday Night', zweemt dan weer tussen naïef en rationeel. 'We try to believe in everything that we see', klinkt het in de eerste strofe. Maar meteen daarop luidt het refrein: 'When things get complicated / we try not to be blue'. Carlens: 'De twee hoofdpersonages, ik en Josie, proberen zich hier echt heel vrolijk te houden, ze proberen zich ervan te overtuigen dat ze zich goed voelen.' En lukt dat dan meestal? 'Neen. We proberen ons vrolijk te houden, maar het lukt niet.'

Carlens teksten bulken uit van bijzinnen die vaak ingeleid worden met 'I wish' of 'I guess' of 'I try'. Een vormkeuze waarachter de liedjesschrijver zich behendig verstopt? 'Ja, misschien wel. Het moet niet te direct zijn. Ik wil niet alles prijsgeven.'

Zou hij met de (bewuste) spelfout in de albumtitel dan ook verstoppertje spelen en gaat dit album ondanks de meervoudsvorm over één welbepaald meisje? 'Mmm, interessante interpretatie. Maar ik heb ook geen zin om de titel uit te leggen.'

De nieuwe cd nam Carlens nog op met de vertrouwde bezetting, plus percussionist Kobe Proesmans. Maar tijdens de opnames hebben Bjorn Eriksson en Tomas De Smet de groep verlaten. Ondertussen werden een nieuwe pianist (Joris Caluwaert), een nieuwe bassist (Bart van Lierde) en drie extra zangeressen (Leonie, Eva en Capigna alias Radio Candip) ingelijfd. Samen met de drie overblijvers en Proesmans betekent dat live een podiumvullende, negenkoppige band.

'De integratie van de nieuwe muzikanten verliep alvast erg vlot', zegt de zanger terugblikkend op de vele personeelswissels. 'Het was wel even slikken toen ik te horen kreeg dat muzikanten de groep zouden verlaten. Ook al had ik het voelen aankomen, voor mezelf was ik het toch blijven ontkennen. Maar ik heb veel begrip voor hun keuzes: Bjorn wilde zich liever focussen op zijn eigen groep, Maxon Blewitt, en Tomas zet nu alles op Think Of One.'

Een en ander had wel tot gevolg dat Carlens voor het eerst in zijn carrière audities moest houden. 'Voor Kobe en Joris was dat niet nodig. Kobe kennen we al langer en Joris werd me aangeraden door Tom Pintens, die hem had zien spelen in het conservatorium. Maar daarmee hadden we nog steeds geen bassist. Zo'n auditie is best wel maf, hoor. Ik had aan de bassisten gevraagd om een of twee oude nummertjes van Zita Swoon in te studeren, daarna hebben we wat gejamd en stelde ik nog wat vragen. Het lijkt allemaal heel officieel, maar ik vond het best plezant. Achteraf was het moeilijk te kiezen, want het bleken allemaal toffe mensen én goede muzikanten en ze wilden het ook allemaal echt graag doen. Uiteindelijk kozen we voor Bart Van Lierde, om verschillende redenen. Hij speelt zowel contrabas als elektrische bas, hij is sympathiek en wilde zich meteen engageren, ook al speelt hij ook nog bij Zornik.'

Het was in eerste instantie de bedoeling dat Wim De Wilde de plaat zou producen, maar omdat Carlens niet kon wachten tot De Wilde zijn werk voor een theaterstuk van Wayne Traub beëindigd had, was hij er zelf al aan begonnen. 'Ik was al redelijk vergevorderd toen hij erbij kwam. Na een maand samen zoeken hebben we uiteindelijk beslist ermee te stoppen. Ik kon wat ik al bereikt had niet meer loslaten en hij wilde liever van nul beginnen.'

De vorige Zita Swoon-plaat producete Carlens samen met de andere groepsleden. Dit keer wilde hij het helemaal alleen doen. 'Toen ben ik erachter gekomen dat er één persoon moet zijn die de knopen doorhakt. Het was niet makkelijk afstand te nemen van mijn eigen nummers - je zit er met je neus op. Maar toch rest je als producer geen andere optie.' Het resultaat klinkt als de meest coherente plaat die Carlens ooit opnam en daar is hij best trots op. 'Ik heb altijd op dezelfde manier gewerkt. Ik gaf een nummer aan Aarich en Kobe. Zij maakten er de basis van. Daarop bouwde ik vervolgens voort. Meestal ging dat erg vlot, behalve bij 'Josiesomething' en 'De Quoi A Besoin l'Amour'. Die songs moest ik weer helemaal afbouwen, omdat ik er het liedje dat ik in mijn gedachten had niet op kreeg.'

Drie van de twaalf nummers schreef Carlens in het Frans. Dat was geen première, want eerder deed hij ook Arno al een Franstalige track aan de hand ('Vide' op 'French Bazaar'), maar dat hij ze nu ook zelf zingt is wel nieuw. 'Toch voelt het aan als thuiskomen. Thuis spreek ik al tien jaar elke dag Frans met mijn vriendin. Voor de zekerheid laat ik mijn Franstalige teksten wel nalezen, door mijn vriendin en mijn vader. Het was overigens een verademing om eens wat feedback te krijgen, ook al omdat er nog flink wat grammaticale fouten in zaten. In het Engels ben ik iets zelfverzekerder, maar kan ik alleen maar op mezelf terugvallen.' Tom PEETERS

A Song about a Girls' verschijnt via Chikaree Records en wordt verdeeld door Bang!.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud