'Ik voel me meer beeldend kunstenaar dan theatermaker'

(tijd) - Het Eindhovense gezelschap ZT Hollandia is in ons land te gast met twee opmerkelijke producties. De artistiek leider Johan Simons presenteert in de Bourlaschouwburg in Antwerpen Peter Verhelsts bewerking van de Shakespeariaanse tragedie 'Richard III'. In de Predikherenkerk in Leuven regisseert Sanne van Rijn drie Japanse danseressen in 'Vormsnoei'.

Beide voorstellingen lijken op het eerste gezicht wel elkaars tegenpolen: 'Richard III' is een grootschalige productie met veel volk, veel mooie woorden en gedragen door een klassieker uit de toneelliteratuur. 'Vormsnoei' is dan weer klein, uitgepuurd en woordeloos. Toch vinden beide producties makkelijk een plek in de brede werking van ZT Hollandia, waar naast zuiver teksttheater ook muziektheater en mengvormen allerhande een plek krijgen. In deze laatste categorie hoort ook het werk van Sanne van Rijn thuis. Met producties als 'Zwanenmeer' (met een tiental bejaarden uit Den Bosch), 'Lachen/huilen' en 'Langzaam tot nul' begaf ze zich op de grens tussen performance, dans en beeldende kunst.

'Het werken bij ZT Hollandia is net zo fijn door het vertrouwen dat je er krijgt', zegt Van Rijn. 'En Johan Simons heeft dat vertrouwen in wat ik maak. Ik voel me eigenlijk meer een beeldend kunstenaar dan een theatermaker, ik maak gewoon kunstwerken voor in het theater. Dat is iedere keer weer iets waar je rekening mee moet houden en je moet iedere keer weer iets vinden om dat kloppend te krijgen of aannemelijk te maken. Toch laat Johan me de totale vrijheid en zegt hij alleen: 'Je moet je kunstenaarschap optimaal ontwikkelen'.'

Met 'Richard III' schreef de Britse toneeldichter William Shakespeare een van zijn meest gewelddadige stukken. Nadat hij de legendarische 'War of the roses' voor het huis van York heeft gewonnen, begint de kwade Richard met het afslachten van zijn eigen familie. Tot elke prijs wil hij de troon voor zichzelf opeisen en hij deinst er niet voor terug daarbij zijn beide broers en hun zonen te liquideren. In een dodelijke spiraal richt hij ook zijn andere tegenstanders te gronde.

Regisseur Johan Simons vroeg de Vlaamse auteur Peter Verhelst een bewerking van dat stuk te maken, waarbij niet Richard zelf, maar diens moeder de kijkrichting bepaalt. Daar vormt niet zozeer Richards gewelddadigheid en machtshonger de motor van de voorstelling, maar wel de emoties van de figuren die met hem in aanvaring komen. Ondanks de gruwel die haar zoon aanricht, kan zijn moeder niet anders dan van hem blijven houden. Een schrijnende ervaring die treffend in volgende passage is verwoord: 'Misschien kan een kind te groot zijn voor zijn moeder. Men verwacht een baby van een handpalm groot. Een mond die rond een tepel past. Een vel dat zijdezacht is, en een kruintje dat naar hooi geurt. Maar men krijgt iets dat naar ijzer ruikt. Iets dat loodzwaar is, iets met tanden. Geen lichtgevend kind, maar een zwart gat.'

Ook bij Richard zelf zit onder de zwarte laag een verlangen naar onschuld, zuiverheid en liefde. Voor Simons gaat het hem in 'Richard III', net als in zijn recente ensceneringen van 'GEN (What dare I think?)' en 'Anatomie Titus' om de vraag of we onze gewelddadige natuur zomaar moeten accepteren.

Een sterke cast, bestaande uit Fedja van Huêt (als Richard), Frieda Pittoors (als zijn moeder), Aus Greidanus Jr., Sanne den Hartogh, Loes Haverkort, Servé Hermans, Frank Lammers, Hannah van Lunteren, Hadewych Minis en Gijs Naber, wordt op de scène live bijgestaan door drie jonge muzikanten uit de Veen-studio.

Eigenlijk had 'Vormsnoei' al eerder deze maand in première moeten gaan op locatie in Eindhoven, maar wegens problemen met de Nederlandse werkvergunning van de Japanse danseressen werd de productie enkele weken verlaat. Nu vormt de Predikherenkerk in Leuven het decor voor de eerste speelreeks; in juni volgen dan de voorstellingen in Eindhoven.

Hoewel er op locatie wordt gespeeld, wordt in deze ruimte een witte doos gebouwd waarin de voorstelling plaatsgrijpt. Sanne Van Rijn: 'Het spelen in een witte ruimte was voor mij het echte uitgangspunt van de voorstelling. Eerst zocht ik naar zo'n witte ruimte in een museum of zo'n soort plek, maar het bleek leuker er zelf een te bouwen. Eigenlijk maakt het nu niet zoveel uit waar we die neerzetten. Je hebt vier witte muren om je heen. Je kunt ze neerzetten waar je wil. Dus ook in een kerk.'

Vanuit de afbakening van de speelplek ontstonden de andere basislijnen in de voorstelling. Van Rijn: 'De ruimte werkte erg bepalend over hoe ik verder ben gaan denken. Ik stond voor de vraag wat het betekent een witte ruimte te hebben en erin te spelen. Voor zowel de spelers als het publiek is dat een heel andere ervaring dan in een theaterzaal. Die verhouding tussen publiek en spelers in die ruimte is het uitgangspunt geworden. Het gaat om het doorbreken van de klassieke kijkverhouding.'

Vormsnoei verwijst in de tuinbouw naar het verknippen van struiken en planten tot allerlei vormen, van eenvoudige geometrische figuren tot de meest bizarre dieren en figuren. Van Rijn: 'Het heeft iets heel dubbels. Op een bepaalde manier is het gewoon leuk, op een kinderlijke manier, een struik te snoeien tot een bal of een olifant. Maar aan de andere kant kun je je ook afvragen: is een boom als boom dan niet mooi genoeg? Ik wilde uitzoeken wat er zou gebeuren als die boom zelf heel erg zijn best gaat doen om die olifant te zijn. Als hij helemaal gaat geloven in de vorm die die heeft aangemeten gekregen.'

In de voorstelling zijn het de ogen van het publiek die de spelers vormsnoeien. Het publiek komt met bepaalde verwachtingen en het is aan de performers om zich daar al dan niet naar te plooien. Van Rijn: 'Het gaat voor mij heel erg over een soort basisstress die je als acteur hebt. Als mens wil je eigenlijk het liefst onzichtbaar opgaan in de massa, maar omdat jij nu eenmaal acteur bent, wordt er verwacht dat je iets uitzonderlijks doet. De acteur heeft de verantwoordelijkheid aan die verwachtingen te voldoen. Rond dat basisgevoel hebben we gewerkt. Natuurlijk is het allemaal ingestudeerd en voorbereid, maar we hebben wel geprobeerd te komen tot een soort 'once in a lifetime'-ervaring. Het gebeurt alleen die avond op die manier. We wilden vermijden dat het iets zou worden als televisiekijken - iets dat gewoon doorloopt buiten het publiek om. Het draait echt om de spelers en het publiek, een soort gedeelde verantwoordelijkheid voor het slagen van de avond. Verder hebben we heel erg gewerkt aan dat proberen te verstoppen en onzichtbaar worden. Maar dan wel in een witte ruimte voor publiek. Dat lukt niet echt natuurlijk, maar je kunt het wel heel serieus proberen en dat levert heel leuk scènes op.'

De aanwezigheid van de Japanse danseressen Tamayo Okano, Ayako Watanabe en Mioko Yoshihara zorgt voor een extra gelaagdheid van het kijkgedrag. Van Rijn: 'Ik wilde graag met Japanse danseressen werken omdat dat een soort dubbel perspectief biedt. Als publiek ga je dan ook een beetje via de ogen van die andere cultuur naar jezelf kijken. We beginnen de voorstelling met alle clichés over Japan, dat wil je als kijker en verwacht je ook. Dat krijg je allemaal te zien - en daarna gebeurt het dan.'

'Richard III' wordt op 3 en 4 mei gespeeld in de Bourlaschouwburg, Antwerpen (03/224.88.44). Op 6 en 7 mei in Vooruit, Gent (09/267.28.28). Op 25 mei in CC Hasselt (011/22.99.33). 'Vormsnoei' wordt van 5 (première) tot 13 mei gespeeld in de Predikherenkerk, Leuven (016/320.320).

Meer informatie over beide voorstellingen op www.zthollandia.nl

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud