Adam Thorpe/ Onder de straatstenen het strand

(tijd) - In 1992 debuteerde de Britse auteur Adam Thorpe (1956) met de historische roman 'Ulverton', een kwaliteitsvolle bestseller over een verzonnen dorp in het Engelse binnenland. Aan de hand van twaalf episodes, elk verteld door een ander personage uit een verschillende periode, reconstrueerde hij de geschiedenis van een archetypisch gehucht op een fijnzinnige en aangrijpende wijze. Thorpe schreef met 'Ulverton' een boek dat tegelijk panoramisch en persoonlijk, fragmentarisch en precies was.

Nu is ook Thorpes zesde roman 'No telling' in het Nederlands vertaald. De vertaling draagt de naam 'Onder de straatstenen het strand', naar de bekende mei '68-slogan. Deze vuistdikke roman vertelt over het leven van de Franse middenklasse ten tijde van het Parijse mei-oproer. Thorpe, die in Frankrijk werd geboren en er nu opnieuw woont, schreef daarmee alweer een heel andere roman dan zijn prachtige eersteling.

'Onder de straatstenen het strand' speelt zich af in Parijs aan het eind van de jaren zestig. Gilles Gobain, de dertienjarige verteller, groeit er op in een rusteloos, volks gezin in de Parijse randstad. De Gobains runnen daar een stofzuigerwinkel die, na de dood van Gilles' vader, wordt overgenomen door zijn drankzuchtige oom Alain, inmiddels de echtgenoot van Gilles' nerveuze moeder. De dertienjarige jongen gidst de lezer gedetailleerd en laconiek door zijn kleurloze jeugd, waarin zijn vaders dood wordt gevolgd door een mentale crisis van zijn zus, de stelselmatige aftakeling van de levensloze verhouding tussen zijn moeder en zijn oom, de geboorte van een zwaar gehandicapt broertje en de onophoudelijk aanbouw van industriële panden in de wijk waar hij met zijn jeugdvriendje rondhangt.

Gilles' wereld komt overtuigend over, maar de meer dan 500 bladzijden aangehouden nadruk op zijn wat luie onderwerping aan de tijd werkt uiteindelijk hoogstens hypnotiserend. Het ontbreekt Thorpes zesde roman aan een narratieve spanningsboog en aan diversiteit op het inhoudelijke niveau. Thorpe bundelt Gilles' eindeloze beschrijvingen als een doorwrocht historisch egodocument van een volksjongen en niet als de ingrediënten voor de ontwikkeling van een sterk hoofdpersonage. In tegenstelling tot 'Ulverton', waar je als lezer constant nieuwe perspectieven krijgt aangeboden, laat 'Onder de straatstenen het strand' dan ook een monotone indruk na.

Als de jongen en z'n moeder aan het einde van het boek hersenloos door de Franse hoofdstad lopen, raken ze verwikkeld in het eerste straatoproer van mei '68. Door te benadrukken hoe de twee totaal door het gebeuren worden verrast (ze volgden het nieuws nauwelijks) en Gilles' moeder plotsklaps door de politie geslagen wordt, zet Thorpe alsnog zijn geliefkoosde spanningsveld in de verf. Zoals ook uit 'Ulverton' bleek, ligt de tragiek van de geschiedenis voor Thorpe in het feit dat ze zich met verschillende snelheden en op verschillende niveaus afwikkelt. Door de omstandigheden krijgt de onwezenlijke fletsheid van Gilles' levenswereld ineens een heel andere lading.

Adam Thorpe 2005, Amsterdam, Uitgeverij Podium 543 blz., 27,5 euro, ISBN 90-5759-167-7

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud