Ricardo Villalobos / 'Thé au harem d'Archimède'

Perlon/ Lowlands

In de tweede helft van de jaren negentig vermoordde de commercie het technogenre. Elektronische creatievelingen gingen andere wegen bewandelen; de grote, bekende deejays ruilden hun technosets voor meer eclectisch deejaygeweld. Vandaag circuleren in het circuit nog dezelfde namen.

Anno 2004, ongeveer tien jaar na de bloeiperiode van techno in België, vallen dus bitter weinig verrassingen in het milieu te rapen. Ricardo Villalobos vormt een uitzondering. Vorige maand nog ving hij de vakjuryprijs op de Dutch Deejay Awards, een in Europa door platenridders en volgelingen hoog aangeschreven evenement. Villalobos, die in de jaren zeventig onder het regime van Pinochet als kind naar Duitsland vluchtte, zette begin jaren negentig zijn eerste stappen in de discotheken van Darmstadt en Frankfurt. Daar bleef hij jarenlang hangen, enkele sets in Ibiza niet te na gesproken, om in 2000 in Berlijn aan te meren.

Sindsdien bouwt hij naambekendheid uit. 'Thé au harem d'Archimède' is zijn vierde langspeler in twee jaar, na een stroom van singles. Villalobos blijft trouw aan zijn 'microhouse': minimale funky beats doorspekt met spaarzame improvisatie op akoestische instrumenten. In 'Hireklon' rolt een vette baslijn over een tikkende beat, naar het einde toe laat Villalobos plukken harp en akoestische gitaar er doorheen dwarrelen. Heel strak is 'Théorème d'Archimède', maar ook met louter een beat en een echoënde syntthoon swingt Villalobos. 'Thé au harem d'Archimède' is een hoogst eenvoudig en tegelijkertijd complex werkstuk.

IS

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud