Bad Santa

Van Terry Zwigoff.Met Billy Bob Thornton, Tony Cox, Lauren Graham, Brett Kelly, John Ritter, Bernie Mac, Tom McGowan, Lisa Ross, Bryan Callen.

(tijd) Wat hadden Joel en Ethan Coen hiervan gemaakt, schiet onwillekeurig door je hoofd terwijl je naar 'Bad Santa' zit te kijken. Niet dat de film op zich zo verveelt dat de kijker zich met dat soort alternatieve activiteiten moet bezig houden, verre van zelfs. Maar toch, de Coens (van wie het idee voor deze antikerstkomedie komt) hadden er waarschijnlijk een tikkeltje meer subtiliteit in gekregen dan scenaristen Glenn Ficarra en John Requa. Die twee goedlachse kerels presteerden eerder al 'Cats & Dogs', ook al niet meteen een toonbeeld van finesse en intelligentie. Gelukkig kregen ze met 'Bad Santa' een verhaal aangereikt dat zowaar baat heeft bij de botte bijl.

Het hoofdpersonage verdient weliswaar zijn brood door een rood pak aan te trekken, een wollige muts op te zetten, zichzelf een witte baard aan te kleven en lange rijen ongeduldig wachtende kinderen op de schoot te nemen, veel kerstwarmte straalt hij niet uit. Wat hem precies is overkomen, wordt nooit helemaal duidelijk, maar hij verzuipt wel elk laatste restje levensplezier in sloten alcohol. Willie is een door en door cynische zak, een man die van de ene goot naar de andere sukkelt en zijn gal spuwt tegen iedereen die hij op zijn weg tegenkomt, kinderen incluis. 'Wish in one hand, shit in the other', is één voorbeeld van de goeie raad die hij zijn jonge publiek meegeeft, 'and see which one fills up first.' Om de job toch een beetje interessant te maken geilt hij intussen op aantrekkelijk gevormde moeders en winkeljuffrouwen, terwijl zijn vaste elf (een zwarte man van kleine gestalte) uitdoktert hoe ze het winkelcentrum waar ze die dag halt houden, kunnen overvallen. 'Bad Santa' weet niet goed wat hij met zijn lekker gore hoofdpersonage moet aanvangen en gooit dan maar een zielige snotneus in Willies leven. Een verrassende plot is echter sowieso niet de reden waarom de film een plaats in de bioscoop moet krijgen.

Hij is in de eerste plaats een frontale aanval op de politieke correctheid, een plaag die de wereld steeds onleefbaarder maakt. Willie en zijn 'little helper' worden ontmaskerd door een wantrouwige veiligheidsagent maar die probeert zich zo strikt aan de welvoeglijkheidsregels te houden dat hij niks voor elkaar krijgt. Kerstmis is bovendien het symbool bij uitstek van die opgelegde schijnheiligheid, een periode waarin we elkaar plots collectief de hand reiken omdat het zo hoort terwijl de wereld om ons heen aan duigen valt. Als een film het aandurft om daar tegenin te gaan, verdient hij alle lof, ook al wordt de pis, kots, borsten en billen iets te weinig gecounterd door vlijmscherpe oneliners en observaties. Met Billy Bob Thornton als hoofdacteur heb je trouwens geen tijd om je te storen aan de onderbroekenlol. Hij trekt met zoveel zichtbaar genoegen het ondergespuwde, -gepieste en -geniesde kerstmanpak aan dat je vanaf de eerste minuut zijn kant kiest. 'I'm an eating, drinking, shitting, fucking Santy Claus,' omschrijft hij zichzelf. Zo zijn er te weinig.

RN

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud