Drie dagen feestvieren in ‘de Beurs'

©Beursschouwburg

U2 en Tom Waits traden er ooit op. De geschiedenis van de Beursschouwburg in Brussel, die vandaag 50 jaar bestaat, is er een van grote turbulenties. ‘Wat wij deden, was baanbrekend.’

Als een tweede platform voor Vlaamse theatergezelschappen in Brussel, naast de Koninklijke Vlaamse Schouwburg (KVS). Zo begon op 5 februari 1965 het verhaal van de Beursschouwburg. Het cultuurhuis, vandaag een bedrijvig experimenteel kunstencentrum, viert zijn vijftigste verjaardag met een driedaags festival en een feestprogramma dat tot de zomer loopt. In een lijvig en interessant boek dat speciaal voor de 50ste verjaardag van ‘de Beurs’ is gemaakt, schetst oud-minister Hugo Weckx - een van de grondleggers - de Vlaams-onvriendelijke sfeer in het Brussel van de jaren 60: ‘Je werd als Nederlandstalige weleens hard aangepakt en je durfde niet altijd je stem te verheffen.’

‘Het was de periode van de triomfen van het FDF met zijn anti-Vlaamse opstelling’, herinnert Annemie Neyts zich. De liberale politica kwam in de jaren 70 aan boord van de Beursschouwburg. Eerst als bezoeker en al snel als voorzitster van de Agglomeratieraad voor Nederlandstalige Brusselse Jeugd (ANBJ). Toch was de Beursschouwburg geen militant Vlaams politiek project, zegt Neyts. ‘We waren complexloos Vlaams, maar zeker niet krampachtig eentalig. We wisten dat we met zo’n militante instelling niet ver zouden fietsen. Er was van meet af aan de ambitie om - over politieke en linguïstische grenzen heen - ruimte te geven aan de alternatieve jongerencultuur. Er was niet alleen plaats voor Vlaamse voorstellingen en concerten van Vlaamse groepen. De programmatie is altijd zeer internationaal geweest. Waren wij progressief? (lacht) Dat meenden we wel te zijn, ja. We wilden meer maatschappijveranderend dan -bestendigend zijn. Wat wij deden, was baanbrekend.’

Het gebouw in de jaren 30. ©Beursschouwburg

Doodlopende straat

De Beursschouwburg leverde niet alleen inhoudelijk en artistiek pionierswerk. De instelling baande ook de weg voor nieuwe Vlaamse cultuurinstellingen in de hoofdstad. Zowel de AB, het Kaaitheater als Bronks zijn gegroeid uit de werking van het jarige cultuurhuis, dat door zijn centrale ligging tussen het Beursgebouw en de Dansaertstraat een begrip is tot ver buiten Brussel.

Ze forceren het experiment. Zo zijn er niet veel cultuurhuizen bij jullie.
Kunstenaar David Helbich
Kind aan huis in de Beursschouwburg

Neyts was er ook twee keer voorzitster. ‘Als voorzitster heb ik altijd gevonden dat ik me niet met de inhoud te bemoeien had. Dat heeft het bestuur ook nooit gedaan. We waarschuwden wel als we het gevoel hadden dat we in een doodlopende straat waren gesukkeld: bij financiële problemen of als het gebouw ons weer eens parten speelde.’

De geschiedenis van de Beursschouwburg is er inderdaad een van grote turbulenties. Dat blijkt ook uit het boek, dat gelukkig niet leest als de hagiografie van een 50-jarig feestbeest. Vandaag is de culturele instelling financieel gezond, maar dat is ooit anders geweest. Naast financiële problemen is het gebouw ook een terugkerend probleem. In de jaren 90 was op sommige verdiepingen het instortingsgevaar reëel. In 2000 sloot het gebouw voor een renovatie van vier jaar. De terugkeer in 2004 verliep niet langs de grote poort. Niet iedereen smaakte de renovatie van de B-architecten. De Beursschouwburg draagt die last nog altijd mee. Iedereen die er vandaag iets onderneemt, spreekt zonder uitzondering van ‘een moeilijk gebouw’.

Ook inhoudelijk ging de culturele instelling meermaals door diepe dalen. De laatste was na de heropening in 2004. Het was verschillende jaren zoeken naar een nieuwe identiteit. Dat vond ook kunstminnend Brussel. ‘De beurs’ liep leeg.

Vandaag, onder leiding van de elfde directeur Tom Bonte, is de Beursschouwburg opnieuw een montere vitrine voor jonge theatermakers, beeldend kunstenaars en muzikanten. En het publiek is terug. Vorig jaar kwamen 36.000 bezoekers over de vloer, wat meer dan verdienstelijk is voor een kunstencentrum dat het als zijn opdracht ziet beginnende kunstenaars en experimentele kunstvormen een podium te bieden. ‘Er is opnieuw speelvreugde’, constateert Annemie Neyts verheugd.

Mysterieus

Een halve eeuw na de opening is de Beursschouwburg ook nog steeds een Vlaamse instelling. Het cultuurhuis krijgt subsidies van de Vlaamse regering. Maar Brussel is in die periode erg veranderd. Het Frans is niet meer de leidende taal die het was in de jaren 60 en 70, het Engels heeft sterk aan invloed gewonnen en het aantal Vlamingen is teruggevallen. Het is een vraag die regelmatig terugkeert: waarom moet Vlaanderen in zijn Brusselse culturele instellingen blijven investeren?

www.beursschouwburg.be ©Bram Tack_Beursschouwburg

Voor Annemie Neyts is het antwoord vanzelfsprekend: ‘Zonder kunst en cultuur verschraalt een gemeenschap. Op een mysterieuze manier zeggen kunstenaars iets over een samenleving dat ‘gewone’ mensen niet kunnen zeggen. (laconiek) Ik ken geen enkele gemeenschap in de wereld die zichzelf respecteert en zelfs maar één vierkante meter van zijn hoofdstad opgeeft. Vlaamse cultuurhuizen zijn er niet alleen voor Vlamingen. Gelukkig maar. We kunnen toch niet als Vlamingen met Brussel als hoofdstad vinden dat we een rol te spelen hebben op het Europese toneel en zeggen: we gaan alleen maar voor onszelf betalen.’

We waren complexloos Vlaams, maar zeker niet krampachtig eentalig.
annemie neyts
politica (open VLD)

Hoe kijkt een buitenlandse artiest naar de Beursschouwburg? De Duitser David Helbich is er al enkele jaren kind aan huis. ‘Ze forceren het experiment, zo zijn er niet veel huizen in Vlaanderen’, vertelt hij. ‘Hun Vlaams karakter vind ik als buitenlander interessant, maar ik voel me er niet door geremd omdat er heel internationaal wordt gedacht.’

De Beursschouwburg is vintage Brussel, meent Helbich. ‘Parijs of Berlijn hebben een sterke identiteitsdwang. Amsterdam heeft dat ook: of je bent een Hollander ofwel niet. Brussel heeft geen duidelijke identiteit. Dat ligt aan de taal. Het is een stad zonder moedertaal en dus zonder basisidentiteit. De Beursschouwburg mankeert ook een duidelijke identiteit. Er is geen leidende kunstvorm. En soms heerst er chaos. Alles is mogelijk. Dat onbesliste is een geweldige troef.’

Under construction since 1965: 50 uur durend marathonfeest: 5 februari vanaf 19u. Elk uur begint een nieuwe voorstelling. Naar aanleiding van de 50ste verjaardag verschijnt bij Lannoo het 'Beursschouwboek: over een cultuurrebel in Brussel'
Meer info op www.beursschouwburg.be

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content