Advertentie

Belgische jazz komt weer thuis in Sounds

Fanny De Marco en Joachim Caffonnette in de Sounds in Brussel. Ze schenken de mythische jazzclub een tweede leven.

Een groep buurtbewoners redde de Brusselse jazzclub Sounds van de dood door het gebouw te kopen en de werking toe te vertrouwen aan een groep jonge jazzprofessionals.

‘Sounds? Dat was onze living. Brussels Jazz Orchestra is er ontstaan. Ik kijk ernaar uit er opnieuw te kunnen spelen en rondhangen met collega’s. Voor veel Belgische jazzmuzikanten was het een evidente plek. Als je een nieuw stuk had geschreven dat je wilde uittesten op een publiek, belde je naar Sounds. Dan werd binnen de week een concert geregeld’, zegt Frank Vaganée van het Brussels Jazz Orchestra aan de telefoon, net voor we de voordeur van de Brusselse jazzclub openzwaaien om de vernieuwbouw te aanschouwen.

De essentie

  • Sounds is een jazzclub in de Brusselse gemeente Elsene.
  • De oprichters maken na 35 jaar plaats voor een nieuwe generatie.
  • Het voortbestaan van de club was in gevaar, maar een groep vermogende buurtbewoners voorkwam dat het gebouw een andere bestemming kreeg door het te kopen.
  • Sounds viert zijn heropening met een festival dat een maand duurt.

Binnen wordt alles in gereedheid gebracht voor de uitverkochte heropeningsavond. De hele maand zijn er concerten en jamsessies, als eerbetoon aan de originele oprichters van de mythische club. Zij kochten het gebouw in 1986 en organiseerden er tot de eerste lockdown in 2020 tot vijf keer per week optredens. De kleine muziekclub in de buurt tussen de Naamsepoort en het Flageyplein was een begrip bij Belgische jazzmuzikanten en -liefhebbers, meer nog dan Jazz Station en The Music Village - de enige twee andere overgebleven jazzclubs in Brussel. Honderden muzikanten uit de Belgische jazzwereld - ook de groten - stonden er op het podium: Philippe Cathérine, Jef Neve en Toots Thielemans, maar ook de buitenlandse jazzartiesten Mark Turner, John Scofield of Paolo Fresu.

De jongste jaren verging het de club niet meer zo goed. Ongeveer een jaar voor de pandemie zetten de eigenaars het gebouw te koop. Een groep van vermogende buurtbewoners legde bijna een miljoen euro samen om te voorkomen dat doorgewinterde vastgoedspeculanten het gebouw een andere dan een culturele bestemming zouden geven. Twee verenigingen mogen de zaal de komende 15 jaar uitbaten. De ngo Buen Vivir kan ze een dag per week gebruiken voor culturele activiteiten en debatten. Maar Sounds wordt in de eerste plaats weer een jazzclub. Een groep jonge jazzprofessionals gaat er vier dagen per week concerten organiseren. Woendagavonden staan in het teken van jamsessies, donderdagen zijn voorbehouden voor groepen die een vaste residentie in de club krijgen en op vrijdagen en zaterdagen zullen jazzbands en -artiesten worden uitgenodigd.

©Roger Vantilt

Het programma wordt samengesteld door een comité van muzikanten en specialisten dat om de drie maanden verandert. Joachim Caffonnette van de nieuwe vzw stelde een charter op voor het programmatorenteam met het oog op inclusie en leeftijd, zodat alle muzikale disciplines binnen de jazz aan bod komen. ‘We staan open voor alles tussen traditionele jazz en avant-garde’, zegt Caffonnette. Een uitzondering vormt de jazz die live op computers of laptops wordt gespeeld, omdat de akoestiek daarvoor niet geschikt is.

Caffonnette kan als professioneel pianist die het voorbije decennium zeker 70 keer op het podium van de Sounds stond als geen ander het belang van een jazzclub voor een gezonde, evenwichtige jazzscene inschatten. ‘Twintig jaar geleden telde Brussel twaalf jazzclubs, vandaag nog maar drie’, zegt hij. ‘Jazzmuzikanten kunnen bijna alleen maar terecht in cafés, waar ze gratis optreden en dus amper iets verdienen, of grote zalen zoals Flagey of Bozar.’

Dat laatste geeft het genre een wat elitair karakter, vindt hij. ‘De basis van jazz ligt in de clubs. Muzikanten kunnen er oefenen en experimenteren, andere artiesten ontmoeten tijdens jamsessies, en ze worden beter betaald dan in de cafés. De bezoeker van een jazzclub kan in comfortabele omstandigheden ontdekkingen doen. De afstand met de muzikanten is ook veel kleiner dan in de grote concertzalen.‘

©Roger Vantilt

Een crowdfundingactie bewijst het draagvlak voor het voortbestaan van de club als jazzhotspot. 3.500 deelnemers schonken samen 34.000 euro. Hoe mythisch Sounds ook was en hoezeer jazzmuziek ook in de lift zit, het wordt een hele uitdaging om de club financieel in leven te houden. De nieuwe uitbaters konden voor de opstart rekenen op beperkte steun van de gemeente Elsene, de Franse Gemeenschap en het Brussels Gewest. 80.000 euro ging naar werken aan het gebouw. Het podium werd vernieuwd en vergroot, de muren werden geverfd, de elektriciteit werd vernieuwd en de ventilatie aangepast aan de coronanormen. Wil de vzw haar ambitie van 160 concertavonden per jaar waarmaken, dan zullen de inkomsten uit de entreetickets en de bar niet volstaan en is structurele subsidie nodig, zegt Fanny De Marco van de vzw. ‘We willen niet alleen van subsidies afhankelijk worden, maar zonder wordt het heel moeilijk.’

Maar eerst wordt het tweede leven van Sounds gevierd. Onder meer de Belgische jazzartiesten Philip Catherine, Bert Joris en Nathalie Loriers maken de komende weken hun opwachting in de vernieuwde club, maar ook internationale namen zoals de Braziliaanse gitarist Nelson Veras, de Britse pianist Kit Downes en de Amerikaanse jazzzangeres Lauren Henderson. Op 18 december sluit de bigband van het Brussels Jazz Orchestra de feestmaand af. ‘Dat concert wordt thuiskomen’, zei Vaganée aan de telefoon.

Alle info op sounds.brussels

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud