Een wereld in steekkaarten

©Kristof Vadino

Cultuurhoofdstad Bergen gaat de zomer in met de heropening van het Mundaneum, een museum over ’s werelds eerste zoekmachine. Jawel, de bakermat van het internet ligt in België.

Een anoniem wit gebouw in een kasseistraat in het historische stadscentrum. Op deze plek vond in de jaren dertig een van de eerste grootwarenhuizen van Bergen een onderkomen. Sinds de tweede helft van de jaren negentig biedt het gebouw onderdak aan een archief met een grote historische waarde: het Mundaneum. De afgelopen twee jaar sloot het museum voor broodnodige renovaties. Nu Bergen zich als culturele hoofdstad van Europa aanbeveelt, kan een van zijn museale kroonjuwelen aan een tweede leven beginnen.

Wie de glazen deur van het opgeknapte museum binnenstapt, komt terecht in een halfdonkere ruimte waarin een grote wereldbol centraal staat. Tegen de muren staan oude houten archiefkastjes met vergeelde steekkaarten in: 14 miljoen fiches, verspreid over drie verdiepingen in duizenden houten lades.

Meer lijkt er op het eerste gezicht niet te zien. Maar schijn bedriegt. Op de eerste verdieping wordt het leven van de Belgische stichter van het Mundaneum, de Brusselse jurist Paul Otlet (1868-1944), uit de doeken gedaan. We staren gefascineerd naar honderd jaar oude kaarten, schetsen en tekeningen waarin Otlet met pijltjes en lijnen landen en werelddelen in verbond. Volgens het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift Nature is hij ‘de vergeten profeet van het internet’. De Franse krant Le Monde omschreef zijn monnikenwerk ooit als ‘het Google van het papier’. Google zelf, dat deze week in de Borinage een tweede vleugel van zijn datacenter opende, erkent Otlet als de echte vader van het internet.

Paul Otlet wordt niet voor niets ‘de vergeten monnik van het internet’ genoemd.

Wat dit museum over ’s werelds eerste zoekmachine zo bijzonder maakt, is het verhaal erachter. Otlet had een droom: hij wilde alle kennis wereldwijd in kaart brengen. Samen met Henri La Fontaine richtte hij in 1895 in Brussel het Office International de Bibliographie op, dat later het Mundaneum zou worden. Otlet ontwikkelde een klasseringsmethode die - zo leert een filmpje op de multimediale expo - nog altijd wordt gebruikt door archieven en bibliotheken wereldwijd.

Hoewel het Mundaneum minder oog heeft voor de verdiensten van La Fontaine, was ook zijn rol niet te onderschatten. Als pacifist en humanist was La Fontaine een groot pleitbezorger van een openinformatiesamenleving. Hoe meer kennisverspreiding, hoe beter mensen elkaar zouden begrijpen. En, zo dacht La Fontaine - die in 1913 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg - hoe groter de kans op wereldvrede. De twee Belgische utopisten zagen hun Mundaneum dus ook als een politiek project.

Telescoop

De allereerste zoekmachine werkte ongeveer als volgt. Wie informatie over een onderwerp zocht, bezorgde zijn vragen per brief of telegraaf aan de bibliotheek, die vanaf 1920 in het Jubelpark in Brussel zat. De vragen werden per brief beantwoord door vrouwen die zich over de kasten met steekkaarten ontfermden. Later experimenteerde Otlet met een toestel waarvan een replica in Bergen staat en dat veel weg heeft van een computer. In de jaren dertig voorspelde hij ook dat mensen op een dag met een soort ‘elektrische telescoop’ via een telefoonlijn toegang zouden krijgen tot een centrale gegevensbank, waarbij de resultaten van zoekacties als afbeelding via een beeldscherm zouden worden gepresenteerd.

Ik zei: ‘We hebben goud in handen, Elio. Je moet deze bibliotheek redden.’
Jean-Paul Deplus, voorzitter van het Mundaneum

Al die vooruitziendheid ten spijt begon de motor van het Mundaneum te sputteren. De Belgische overheid verloor haar interesse voor het project. In 1934 werd het Mundaneum verjaagd uit het Jubelpark. Otlet probeerde zijn archief met miljoenen steekkaarten, foto’s en krantenartikels aan de Verenigde Staten te verpatsen, maar president Franklin Roosevelt was niet geïnteresseerd. In de Tweede Wereldoorlog vernietigden de nazi’s een aanzienlijk stuk van het archief. Na Otlets dood in 1944 raakte het archief versnipperd op verschillende plekken in Brussel.

Rogierplein

Jean-Paul Deplus trekt een lade open en bestudeert de Franse tekst op een steekkaart. De voorzitter van het Mundaneum trof het archief van Otlet in 1993 aan op twee plekken in de buurt van het Rogierplein in Brussel. ‘Niemand wilde na de dood van Otlet opdraaien voor zijn archief’, zucht hij. ‘Het was eraan te zien. Een deel van de collectie konden we meteen weggooien: verzopen in een ondergrondse parking onder het Rogierplein. Dat deed pijn. Ik stapte naar Elio Di Rupo, die toen minister van Onderwijs was. Ik zei hem: ‘We hebben goud in handen, Elio. Je moet deze bibliotheek redden.’’

Di Rupo luisterde en liet de kaartenbakken, dozen en boeken naar ‘zijn’ Bergen verslepen. De eerste jaren werd de index van de wereldkennis in een garage ondergebracht, en vanaf 1998 in dit gebouw in de binnenstad van Bergen.

De Waalse regering had 3 miljoen euro veil voor de renovatie van het Mundaneum. Voor de bezoekers van het museum is er binnen weinig veranderd. De investeringen gebeurden vooral in het aanpalende onderzoekscentrum. Het Mundaneum is naast een museaal archief ook een wetenschappelijke instelling. Naast de 14 miljoen steekkaarten heeft het museum ook een kelder met daarin nog eens enkele kilometers onontgonnen archiefmateriaal uit de collectie van Otlet. Die bewaarruimte kreeg een nieuw koelingssysteem. In een nieuwe leeszaal kunnen professionele bezoekers - wetenschappelijke onderzoekers of archivarissen - archiefstukken raadplegen. Er is zelfs een kleine zaal voor evenementen en congressen en een educatieve zaal voor scholen.

Exact 120 jaar na de oprichting van Otlets bibliotheek lijkt het kleine museum eindelijk klaar voor de 21ste eeuw. Dat moet zich ook in de publiekscijfers vertalen. De directie hoopt dit jaar op 30.000 bezoekers, een verdubbeling van het doorsnee toeschouwersaantal. Het museum rekent niet alleen op een gunstig Mons 2015-effect, maar verwacht ook veel van de nieuwe tijdelijke expo die deze week opende. ‘Mapping knowledge: de wereld begrijpen door data’ loopt de komende maanden als een rode draad door de permanente collectie. Op papier en digitaal, in vitrinekasten en op interactieve schermen, wordt de manier waarop de mens gegevens visualiseert uit de doeken gedaan: van de eerste Romeinse wegenkaarten tot de impact van digitalisering op kunst en wetenschap.

Mundaneum, Rue de Nimy 76 in Bergen

Open van dinsdag tot zondag

www.mundaneum.org

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect