1

Franse kunst in Londen in het spoor van Charles Dickens

©Brooklyn Museum of Art, New York

Toen de Frans-Duitse oorlog in 1870 uitbrak, weken heel wat Franse schilders uit naar Engeland. Een mooie expo in Tate Britain toont Franse meesterwerken die op Britse bodem ontstaan zijn. Met Claude Monet als ster.

In een vlaag van overmoed verklaarde de Franse keizer Napoleon III op 19 juli 1870 de oorlog aan Duitsland. In amper zes weken tijd verloren beide partijen elk 100.000 soldaten. Op 2 september bracht de Pruisische koning Wilhelm I in de slag van Sedan de Franse keizer de genadeslag toe. Napoleon III werd gevangen genomen en weggevoerd. Het Pruisische leger zette de opmars naar Parijs verder. Na een maandenlange belegering capituleerde Frankrijk uiteindelijk op 28 januari 1871. Daarmee was de rust in de Franse hoofdstad nog lang niet teruggekeerd. Hongersnood - de dieren van de zoo werden geslacht en opgegeten - leidde uiteindelijk in mei 1871 tot een volksopstand, de Commune van Parijs.

Het Tate Britain is momenteel in kerstsfeer dankzij de hand van Alan Kane. ©REUTERS

In dat tumultueuze klimaat emigreerden heel wat Franse kunstenaars naar Engeland. De expo ‘Impressionists in London, French Artists in Exile’ in Tate Britain toont een staalkaart van wat de Franse schilders in ballingschap presteerden. Als een prelude toont de expo eerst hoe erg Parijs er in de bloedige jaren 1870 en 1871 aan toe was.

James (Jacques) Tissot is de schilderende kroniekschrijver van dienst. Hij deed dienst als brancardier in het Franse leger tijdens de oorlog. Hij was ook getuige van heel wat terechtstellingen na het neerslaan van de Commune van Parijs. In mei 1871 vertrok hij naar Londen. Het verschil tussen voor en na die ervaring is frappant bij hem. Zijn Parijse ‘oorlogsschilderijen’ zijn wrang. In Londen specialiseerde hij zich in het portretteren van de upper class.

Huis als paardenstal

Het was geen toeval dat Franse schilders onderdak zochten in Londen. De kunstmarkt floreerde er in de tweede helft van de 19de eeuw. Sommige Franse schilders bezochten regelmatig Londen voor de oorlog was uitgebroken. Charles-François Daubigny was een van hen. In 1870 spoelde hij in Engeland aan als oorlogsvluchteling. Hij ontmoette er de belangrijke Franse kunsthandelaar Paul Durand-Ruel. Toen Daubigny een paar maanden later de Thames aan het schilderen was, liep hij de 29-jarige Claude Monet tegen het lijf. Daubigny kon Durand-Ruel overtuigen om werk van Monet te kopen. Het was het beging van een lange en intense samenwerking tussen de kunsthandelaar en een van de grote sterren van het impressionisme.

Monet was lang niet de enige bekende schilder die de oorlog in Frankrijk ontvluchtte. Camille Pissarro is nog zo iemand. Zijn verhaal is best tragisch. De schilder werd door de Duitsers uit zijn huis gejaagd. Ze gebruikten het als stal voor hun paarden. Nog erger verging het Alfred Sisley. Zijn huis werd door de Pruisische soldaten vernietigd. Na het faillissement van zijn familie - ook al door de nasleep van de oorlog - emigreerde hij in 1874 naar Londen. Hij krabbelde er overeind dankzij het mecenaat van de operazanger Jean-Baptiste Faure.

Het werk van Monet werd in Londen geweigerd door de Royal Academy.

De Franse schilders draaiden in Londen niet met hun vingers. Het is mooi om te zien hoe het typisch Britse landschap de Franse schilders inspireerde. De Thames, Westminster, de eeuwige mist, stuk voor stuk waren het grote bronnen van inspiratie. Het beste is bewaard voor het einde met een zaal volledig gewijd aan Claude Monet.

Toen hij in 1870 in Londen arriveerde, bestudeerde hij nauwgezet de schilderkunst van John Constable en William Turner. Hun kleurengebruik had een grote invloed op Monet. In 1871 presenteerde Monet zijn werk aan de Royal Academy. Het werd geweigerd.. Balorig vertrok hij daarop naar Nederland. Maar Londen liet hem niet los.

In de winters van 1899, 1900 en 1901 verbleef hij in het Savoy Hotel aan de oevers van de Thames. Daar werkte hij aan zijn Thames-serie. In meer dan honderd schilderijen portretteerde hij de rivier, haar bruggen, haar gebouwen. Monet werd in 1901 in Londen ziek en keerde terug naar Frankrijk waar hij de reeks verderzette. Drie jaar later toonde hij 37 schilderijen uit de Thamesreeks in de Parijse galerie van Durand-Ruel. Het was zijn meest succesvolle tentoonstelling ooit. Wanneer je de werken in Londen bekijkt, begrijp je meteen waarom. Het schimmige spel van kleur en schaduw roept een sfeer op die nog het meest doet denken aan de donkere passages uit de boeken van Charles Dickens.

Het verhaal van de Franse schilders in Londen is niet gespeend van enige historische ironie. In maart 1871 lieten de Pruisen Napoleon III vrij. Ze stuurden hem in ballingschap naar Engeland. Hij overleed er twee jaar later.

‘Impressionists in London’ loopt nog tot 7 mei in Tate Britain.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content