portret

De man die in alles schoonheid zag

Fernand Léger in Bozar in Brussel. 'Les Loisirs - Hommage à Louis David' ©Sabam Belgium 2018

Hij stond mee aan de wieg van het kubisme en proefde van alle kunststromingen uit de 20ste eeuw. Maar uiteindelijk was de Franse schilder Fernand Léger vooral zichzelf. Bozar toont hem in honderd werken.

‘Ik hou van de vormen van de moderne industrie. Ik maak gebruik van haar stalen objecten met veelkleurige weerkaatsingen die zoveel subtieler en krachtiger zijn dan de klassieke onderwerpen.’ Dat schreef Fernand Léger (1881-1955) in 1923 aan zijn galeriehouder Léonce Rosenberger. Alsof hij voor een zeldzame keer de nood voelde zich te verantwoorden voor de richting die hij met zijn kunst was ingeslagen.

Als je door de Bozar-tentoonstelling ‘Schoonheid alom’ wandelt, kan je je haast niet voorstellen dat er een tijd is geweest dat Légers schilderijen niet op algemeen applaus werden onthaald. Wellicht was hij te vernieuwend. Vandaag voelt zijn figuratieve schoonheid in een modernistisch jasje vertrouwd.

Fernand Léger in Bozar ©Photo News

Je krijgt bij Léger nooit het ongemakkelijke gevoel dat je te dom bent om zijn kunst te snappen. Tegelijk zie je dat hij met niets of niemand te vergelijken is. Het maakt van Léger een geliefde kunstenaar, ook op de kunstmarkt. Met een veilingprijs van 70 miljoen dollar was ‘Contraste de formes’ het op vier na duurste kunstwerk van 2017.

Het schilderij hangt niet in Bozar. Maar het wordt niet echt gemist: de honderd andere werken vertellen genoeg. Ze schetsen Légers loopbaan in een vrij klassieke, chronologische opstelling. Net voor de ingang van de tentoonstellingszalen hangt het monumentale ‘Le transport des Forces’ uit 1937. Het doek - 8,7 meter breed en 4,9 meter hoog - werd geschilderd door drie leerlingen van Léger op basis van een gouache van de meester.

Het vat zijn kunst perfect samen: een combinatie van natuur en industrie in strakke, gekleurde geometrische vormen.

Fernand Léger in Bozar ©Agence photo de la RMN-GP

Tot die kunstvorm is Léger niet in één dag gekomen. Bij het binnengaan van de expo bots je op een klein impressionistisch zelfportret, waarbij de ogen met een dikke verfstreep zijn overschilderd. Het werkje dateert uit 1904-1905, toen Léger nog volop op zoek was naar zijn eigen stijl.

De impressionisten, met Paul Cézanne op kop, waren zijn grote voorbeelden. Maar toen hij het kubisme in zijn werk begon te integreren, kreeg hij een hekel aan zijn vroege werk. Hij vernietigde vrijwel alle schilderijen uit zijn beginperiode. Het zelfportret is een van de weinige die bewaard zijn gebleven.

Geen hiërarchie

Léger was van eenvoudige komaf. Zijn vader was veehandelaar in het Normandische dorpje Argentan. Hij stierf toen zijn zoon drie was. De jonge Fernand deugde voor niet veel. Op school bakte hij er niets van, maar hij kon wel goed tekenen. In 1903 werd hij toegelaten tot de Ecole des Arts Décoratifs in Parijs. Dat was de vakschool van de kunst, in tegenstelling tot de Ecole des Beaux Arts voor de echte kunstenaars.

Léger liet het niet aan zijn hart komen. Hij begon fanatiek te schilderen. Tegelijk schreef hij zich in als architectuurstudent, maar dat leidde nergens toe.

In Parijs maakte Léger kennis met de toenmalige hedendaagse kunst. Het impressionisme liep op zijn laatste benen. Pablo Picasso en Georges Braque introduceerden het kubisme. Léger sloeg ook die richting in. De grote transitie van de maatschappij was zijn inspiratiebron. De opkomende industrialisering en de verstedelijking noopten tot nieuwe kunst, vond hij. Hij stelde de contrasterende werking van vorm, kleur en lijn centraal.

Fernand Léger in Bozar ©Photo News

Misschien nog het opvallendst is de gelijkschakeling van mens en machine in zijn schilderijen. Er is geen hiërarchie meer. De mens gaat op in het object. Daar zijn aan het begin van de tentoonstelling enkele prachtige voorbeelden van te zien. Op ‘Le Pont du remarqueur’ uit 1920 beeldde hij een binnenvaartschipper af die op de Seine in Parijs vaart. Je merkt de kapitein nauwelijks op tussen de geometrische vormen van het schip en de kade, die ook al met elkaar verweven zijn.

Je zou het van zo’n nieuwlichter misschien niet verwachten, maar schoonheid stond centraal. Alleen definieerde Léger ze anders. ‘Ik wil de mensen doen beseffen dat er niet zoiets als een geclassificeerde, hiërarchische schoonheid bestaat. Overal is er schoonheid. In de schikking van kookpannen tegen een witte keukenmuur wellicht nog meer dan in uw 18de-eeuwse salon of in de officiële musea’, zei hij in 1923.

Bij Léger draaide alles om moderniteit en verandering. De Eerste Wereldoorlog speelde daarin een grote rol. De schilder was brancardier aan het front. De gruwel van de oorlog tekende hem zwaar. De uiteengereten lichamen en kapotgeschoten landschappen noemde hij de ‘academie van het kubisme’. Het geheel uiteengevallen in niet meer passende onderdelen.

De oorlog betekende ook de industrialisering van het geweld met almaar krachtiger en moorddadiger wapens. Ze voedden de fascinatie voor machines van de schilder.

Léger blinkt uit in artistieke veelzijdigheid. Hij flirtte met veel stijlen. Zijn kubisme vermengde hij met surrealisme en abstracte kunst, en later met realisme. Daardoor bekleedt hij een redelijk unieke positie in de kunst van de 20ste eeuw. Hij hoort overal en nergens bij. In veel dingen was hij een voorloper. Meer dan eens sta je bij een schilderij en denk je: ‘Tiens, Mondriaan heeft goed naar Léger gekeken.’ Of: ‘Oh, net de popart van Roy Lichtenstein. Zelfs Keith Haring komt om het hoekje kijken.

Léger was ook op uiteenlopende terreinen actief. Hij was onder meer verzot op reclame, nog zo’n product uit de vroege 20ste eeuw. Reclame was de kunst van de toekomst, meende hij. Hij ontwierp veel publiciteitsaffiches. Daarnaast speelde hij met taal en typografie, illustreerde hij boeken, schreef hij essays en verdiepte hij zich in poëzie.

Zot van circus en dans

De expo in Bozar wijdt een apart hoofdstuk aan Légers passie voor spektakel. De Franse kunstenaar was gek op circus. Met veel zwier schetste hij acrobaten en jongleurs. In 1950 bundelde hij in het boek ‘Cirque’ 63 lithografieën uit het circusleven, aangevuld met tekst en poëzie.

Ook dans was een passie. Léger ontwierp decors en kostuums voor balletten en opera’s. In een van zijn eerste creaties voor Les Ballets suédois vertaalde hij zijn schilderijen naar het podium door er muziek en beweging aan toe te voegen.

Charlie Chaplin

Toen Léger de film ontdekte, ging een nieuwe wereld open. Charlie Chaplin was zijn held. Op de expo is een geschilderde sculptuur van de acteur te zien. Léger was zo gebeten door de filmmicrobe dat hij in 1924 met regisseur Dudley Murphy ‘Ballet mécanique’ draaide, een experimentele film zonder verhaal. En ook al was Léger in 1924 nog lang niet aan het einde van zijn carrière, alle elementen van zijn kunst zijn erin verwerkt.

Contrasterende beelden van mens en machine, letters en geometrische vormen, felle kleuren en grijstinten volgen elkaar snel op. ‘Modern Times’ op zijn Légers. Het is de moeite waard om de film helemaal uit te kijken. Hij duurt maar twintig minuten.

Fernand Léger in Bozar in Brussel ©Photo News

De expo eindigt met enkele grote, prachtige schilderijen die Léger aan het einde van zijn leven maakte. Toen hij na de Tweede Wereldoorlog uit de Verenigde Staten terugkeerde - hij had geen zin om nog eens een oorlog mee te maken - werd hij lid van de communistische partij. Zijn kunst stelde hij in het teken van zijn politieke engagement: de verbetering van het leven van de gewone man.

In die optiek is ‘Les Loisirs - Hommage à Louis David’ uitgegroeid tot een iconisch werk in Frankrijk. Het vakantiekiekje wordt er beschouwd als de ultieme illustratie van de afgedwongen congé payé. Voor Léger was het een terugkeer naar de eenvoud. Gedaan met het kubisme of de abstracte kunst. Dat begreep het volk toch niet, dacht hij bij zichzelf. Toch klopt er van alles niet aan het schilderij als je heel goed naar de personages kijkt.

En zo lijkt Léger de toeschouwer altijd een stap voor te zijn, waardoor je nooit op hem uitgekeken raakt. Ook niet in Bozar.

‘Fernand Léger, schoonheid alom’ loopt tot 6 juni in Bozar in Brussel. www.bozar.be

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content