Een culinaire moord

De oester bestaat al 250 miljoen jaar, leeft in groep en hecht zich vast aan een plaats waar ze van nature voor eeuwig zal blijven. Er bestaan zo’n honderd soorten. Oesters zijn alternerend hermafrodiet. Ze groeien op als mannetjes, wisselen van geslacht als de temperatuur begint te stijgen, en... ©rv

Ondanks haar onappetijtelijke look heeft ze het tot internationaal sekssymbool geschopt. Niet slecht voor een hoop slijm tussen twee schelpen. Het Nationaal Visserijmuseum in Koksijde laat zien wat de oester zo sensueel maakt.

It was a bold man who first swallowed an oyster’, sprak de Engelse koning Jacobus I in de 17de eeuw. Het was het begin van de fascinatie voor de oester: delicatesse, geneesmiddel, inspiratiebron, kunstobject, parelkwekerij, statussymbool en afrodisiacum.

Op weg naar de ondergrondse ruimte in het Nationaal Visserijmuseum komt de geur van de zee ons tegemoet. Uit de boxen klinkt het geluid van het leven onder water. ‘Ooit al eens echt naar een oester gekeken?’, vraagt directeur Ineke Steevens enthousiast. ‘De mensen kijken er bijna nooit naar. Ze eten ze direct op.’

Wij kijken wel. Oesters zijn bijna menselijk: ze hebben ingewanden, een maag en een voet, een mantel en tentakels ook, en een anus, een adductorspier en een schelp. En bovenal, ze hebben verdacht veel weg van dat andere orgaan waar mannen zo graag naar verwijzen. A bold man? A confused man, wellicht.

‘Oesterpassie’ onthult het karakter van de oester aan de hand van de zeven hoofdzonden: gulzigheid, ijdelheid, afgunst, luiheid, woede, onkuisheid en hebzucht. Er wordt gewaarschuwd voor overdaad in weelderige stillevens. De pracht en de magie van de parel komen tot hun recht in portretten van gegoede burgervrouwen. Ondeugende foto’s van halfnaakte dames brengen een vleugje erotiek. En er hangen enkele bekende werken, waaronder een replica van ‘De oestereetster’ van James Ensor uit 1882. Dat was destijds een ophefmakend schilderij van een vrouw die een rijkelijk feestmaal van oesters verorbert zonder gezelschap, een schande. Aan een luisterpaal klinkt het lugubere kortverhaal van de Amerikaanse filmregisseur Tim Burton over de tragische dood van een oesterjongen.

Oesters worden levend opgegeten, nadat hun schelp met geweld is opengebroken. Een passionele culinaire moord. Leuk om weten is ook dat de parel ontstaat door een beschermingsreflex. Als een zandkorrel in de oester dringt, omringt ze die met laagjes parelmoer. Vandaag worden parels ook artificieel gecreëerd door zandkorrels handmatig in te planten.

Lekker koppig

Los van de sensatie valt op de expo ook een en ander te leren. Tot diep in de 18de eeuw werden onze oesters ingevoerd uit Frankrijk, Engeland en vooral Zeeland, met een gemiddelde jaarlijkse afname van 6.000 ton of 12 miljoen oesters.

De Gentse broers Jan en Pieter de Loose hadden geld geroken en begonnen in 1765 met de allereerste Belgische (toen nog Oostenrijks Nederland) oesterkwekerij in Oostende: Clays en Cie. Vijftien jaar hadden ze een monopolie aan de Vlaamse kust, daarna werd de oesterkweek geopend voor iedereen. Hoewel, oesters werden hier niet gekweekt, dan wel ‘gevet’. Dat wil zeggen: geplukt uit de natuurlijke oesterbanken aan de overkant van het Kanaal en geparkeerd in zuiverende waterbekkens tot ze hun volle potentieel bereiken. Zo ontstond de befaamde blanke sappige Ostendaise of Royale d’Ostende, de lieveling van de Europese beau monde.

Maar de oester bleek een koppig dier dat niet zo makkelijk uit te buiten viel. Door oorlog in Europa, ziekte in Engeland, overbevissing en vervuild zeewater verdwenen op termijn, na enkele mislukte reddingspogingen, bijna alle Belgische kwekerijen. Op één na: de Oesterput in Oostende, waar vandaag nog een variant van de Ostendaise te verkrijgen is.

‘Oesterpassie’ is gevarieerd, legt originele artistieke connecties en onthult onbekende verhalen uit verre culturen. Maar het ondeugende karakter van de oester had gerust volledig in de spotlights mogen staan. Het geheel blijft wat braaf. De beloning van het proeven was ook fijn geweest. De ultieme manier om de ware passie voor de oester te beleven is ze met gesloten ogen in al haar glorie door te slikken. Bij voorkeur zonder peper of citroen.

‘Oesterpassie’ loopt nog tot 22 november in het Nationaal Visserijmuseum in Oostduinkerke.

www.navigomuseum.be

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud