‘Het is lastig conversaties te onthouden van mensen die zich goed voelen’

Brecht Evens: ‘Mijn boeken zijn geen animatiefilms die een rechte lijn volgen. Ook mijn figuren veranderen onderweg.’

Striptekenaar en illustrator Brecht Evens duikt graag onder in de massa, om daarna eenzaam in zijn atelier verhalen te bedenken over tobbende volwassenen. Hasselt pakt uit met een prachtige expo over zijn beeldromans.

Brecht Evens (35) glimlacht even als ik beken dat ik snel snel zijn boeken uit de bibliotheek heb geleend ter voorbereiding van de expo in Het Stadsmus in Hasselt. Een echte kenner van zijn oeuvre ben ik niet. ‘Welke?’, vraagt hij. Als een examinandus som ik de titels op: ‘Ergens waar je niet wil zijn’ (2009), ‘Panter’ (2014) en ‘Het amusement’ (2018). ‘Dan heb je alleen ‘De liefhebber’ (2011) niet gezien. Die vond ik zelf wel goed’, zegt hij droog.

In zijn beeldromans schetst Evens een herkenbare wereld van tobberige volwassenen die zich staande proberen te houden in een ingewikkelde wereld. Het nachtleven, met zijn opwinding en valkuilen, ontbreekt zelden. Evens is een ervaringsdeskundige. Zijn verhalen zijn zoals het leven: nooit rechtlijnig en vaak onrechtvaardig. Eenzaam maar ook grappig. Een beetje seks hier en daar. Maar ook breekbaar, over de relatie tussen Panter (het dier) en het kleine meisje Kristientje.

Zijn stijl is ver weg van de klare lijn van Hergé. Evens zweert bij waterverf, wat zijn verhalen een herkenbare stijl geeft. Hij meandert in zijn boeken van veel plaatjes op één blad tot slechts één afbeelding op een blad. Je weet nooit wat volgt. ‘Mijn boeken zijn geen animatiefilms die een rechte lijn volgen. Ook mijn figuren veranderen onderweg. Panter is soms lief, soms kwaadaardig.’

Evens sleepte voor zijn oeuvre een rist prijzen in de wacht. Het begon in 2005, toen hij op zijn 19de de debuutprijs kreeg voor ‘Boodschap uit de Ruimte’, nog een vrij klassieke strip. In 2019 won hij op het prestigieuze stripfestival van Angoulême voor ‘Het Amusement’ de Prix Spécial du Jury. Om maar te zeggen: Evens, die al jaren in Parijs woont, is een monument in de stripwereld, en niet alleen in België. Hij relativeert het succes. ‘Als ik een halve meter uit de kring van stripfanaten stap, herkent niemand me. De wereldkampioen badminton weet wat ik bedoel.’

Enige miserie

In het Cartoonmuseum van de Zwitserse stad Basel kreeg Evens vorig jaar zijn eerste tentoonstelling. Hasselt, zijn geboortestad, doet er een schepje bovenop. De expo ‘We kunnen eender waarheen’ loopt op twee plaatsen: Het Stadsmus en Villa Verbeelding. Er zit geen hiërarchie in de plekken, die op wandelafstand van elkaar liggen. Twee keer wordt het oeuvre van Evens getoond, ingedeeld in thema’s: de natuur, de massa, het nachtleven, enzovoort.

De tekeningen aan de muren en vensters zijn veel groter dan de A4’tjes van de boeken. De rijkdom van Evens’ beeldtaal komt daardoor nog beter tot zijn recht. Je houdt het soms bijna niet voor mogelijk hoeveel personages een tekening bevolken. En ze doen allemaal iets anders. Het lijkt Bruegel wel.

De diehard fans zullen meteen kunnen zeggen welke tekening uit welk boek komt. Maar dat is voor de expo niet-relevante kennis. Haast discreet zijn hier en daar wat zinnetjes uit de boeken op de muur geplakt, om niet te vergeten dat het om een expo over de beeldroman gaat: ‘Waarom ruik jij naar mijn jeugd?’ en ‘Dat is toch wat je wou, nee? Ontsnappen.’

Evens heeft zich niet echt gemoeid met de tentoonstelling. ‘Ik kijk er met dezelfde ogen naar als de bezoeker. De keuze van de illustraties heb ik overgelaten aan curator Johan Stuyck. Als ik in mijn atelier werk, denk ik nooit aan een tentoonstelling. Maar ik geef graag toe dat de tekeningen er hier beter uitzien dan in mijn lades. (lachje) Dat heeft te maken met de textuur en de lichtinval. Die kan je niet afdrukken.’

We staan voor een grote tekening van een massa mensen, een weerkerend thema. ‘Ik ben graag in menigtes. Ik doe daar ook inspiratie op, vooral als het om enige miserie gaat. Het is moeilijk te schrijven over mensen die gelukkig zijn. Echt. Ik vind het ook lastig conversaties te onthouden van mensen die zich goed voelen. Of ik constant zit na te denken of ik iets kan gebruiken? Nee, dat niet. (na een halve minuut stilte) Ja, toch wel, eigenlijk. Ik onthoud veel. Sommige dingen schrijf ik op, andere schets ik snel. Een vrouw die worstelt met haar kinderwagen om een plas water te vermijden of zoiets.’

Een van de indrukwekkendste illustraties is een gigantische wereldkaart van 5 op 1,5 meter. Evens maakte ze vorig jaar voor de Philharmonie de Paris. Ze is volgetekend met dieren en mensen en objecten. Je kan niet anders dan denken aan de oude atlassen van eeuwen geleden die echte encyclopedieën waren. ‘De Catalan-atlas uit de 14de eeuw was een voorbeeld. Ik heb me wat vrijheden gepermitteerd, maar wat ik tekende, moest wel ongeveer juist zijn.’

Gebiedsuitbreiding

Een solotentoonstelling is voor een kunstenaar vaak een scharniermoment: terugkijken en dan opnieuw beginnen. ‘Journalisten dwingen me weleens na te denken over mijn toekomst. Ik zie geen radicale nieuwe wegen. Mijn matras van waaruit ik vertrek, is zo breed dat ik gemakkelijk verschillende stijlen in mijn werk kan moffelen: Japanse beeldkunst, middeleeuwse miniatuurtjes. Ik spring niet van eiland naar eiland, maar doe aan gebiedsuitbreiding. Begrijp je?’

Eerst potloodlijn, dan inkt, dan inkleuren, dat is niet aan mij besteed. Maar ik zou wel graag weer leren tekenen.
Brecht Evens
Striptekenaar en illustrator

Zijn nieuwe boek wordt wel anders. ‘Het is een detective, met een superheld. Het is ontstaan toen ik in 2018 aan een psychose leed. Ik werk al tweeënhalf jaar aan het scenario. Dat is lang, maar het verhaal moet kloppen. Wat op pagina 26 gebeurt, mag niet in tegenspraak zijn met de actie op pagina 176. Of misschien wel. Het zit vol geheimen en valse sporen. Aan de tekeningen ben ik vorig jaar begonnen. De verhouding tussen tekst en beeld is altijd subtiel. De tekening mag nooit puur illustratief zijn.’

Evens werkt helemaal alleen in zijn atelier/appartement in Parijs. ‘Ik heb wel altijd goede mentors gehad. Maar nu niet meer. Mijn laatste lief kon me supergoed bij de les houden. Ze voelde wat werkte en wat niet. En merkte op wanneer ik te veel afweek van het oorspronkelijke plan. Maar we zijn al een jaar uit elkaar. Strikt genomen zou ze mijn eindredacteur nog kunnen zijn. Later misschien. We zijn nog aan een pauze toe.’ (lachje)

Of hij bij wijze van experiment ook een Kuifje zou kunnen tekenen? ‘Ik denk het eerlijk gezegd niet. Ik gebruik al te lang waterverf, waardoor ik geen tekenlijn heb ontwikkeld. Ik zou gek worden als ik zoals Hergé zou werken. Eerst potloodlijn, dan inkt, dan inkleuren, dat is niet aan mij besteed. Maar ik zou wel graag weer leren tekenen, eigenlijk. Ik ben dat verleerd.’

‘Brecht Evens, We kunnen eender waarheen’ loopt tot zaterdag 12 oktober in Hasselt.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud