'Het meisje met de parel' had wimpers

Een internationaal onderzoeksteam bestudeerde 'Het meisje met de parel'. ©AFP

Een internationaal onderzoeksteam analyseerde de voorbije twee jaar het wereldberoemde schilderij 'Het meisje met de parel' van de Nederlandse schilder Johannes Vermeer. Er was vroeger meer te zien op het doek dan vandaag. Wimpers bijvoorbeeld.

'Het meisje met de parel' uit 1665 kostte ooit 2 euro, plus 30 cent aan commissie voor het Venduehuis der Notarissen in Den Haag, waar het schilderij in 1881 werd geveild. De Nederlandse kunstspecialist en verzamelaar Arnoldus Andries des Tombe haalde met de glimlach de 2,30 euro uit zijn zak. Toen hij in 1902 overleed, schonk hij het schilderij aan het Mauritshuis in Den Haag. Daar hangt het nog altijd.

In 2018 ging in het Mauritshuis het onderzoeksproject 'Het meisje in de schijnwerper' van start. Met de allermodernste niet-invasieve beeldvormingstechnieken (geen contact met het schilderij) en een doorgedreven chemische analyse van de verf werd het schilderij binnenste buiten gekeerd. Aan restauratie werd niet gedaan. Dat was in 1994 al gebeurd en sindsdien is de gezondheid van het doek uit 1665 stabiel.

Groen gordijn

De wetenschappers gingen vooral op zoek naar het creatieproces. Hoe ging Vermeer te werk? Welke verftechnieken gebruikte hij? En welke geheimen draagt het doek in zich?

Rechts onderaan zijn de plooien van het gordijn te zien.

Best wat, zo blijkt. De onderzoekers deden enkele belangrijke inhoudelijke ontdekkingen. De belangrijkste is dat het meisje niet tegen een egale, zwarte achtergrond staat. Vermeer schilderde haar tegen een groen gordijn. Dat verdween in de loop der eeuwen in de plooien van de geschiedenis door het ontkleuren van de groene verf. Maar het gordijn was er wel. Met de nieuwe technieken zijn diagonalen en kleurverschillen rechtsboven in het schilderij waargenomen die geplooide stof suggereren..

 Nog zo'n ontdekking zijn de wimpers rond de ogen.  Het menselijk oog ziet ze niet (meer). Met  macroröntgenfluorescentie scanning en onder de microscoop werden toch kleine haartjes rond beide ogen waargenomen. Ook die zijn in de voorbije eeuwen vervaagd en uiteindelijk verdwenen. De ontdekking is kunsthistorisch belangrijk omdat ze het meisje een iets persoonlijker karakter geeft.

Het is nog steeds niet te achterhalen wie het meisje was. Het is zelfs goed mogelijk dat ze nooit heeft bestaan. In het vakjargon heet dat: een tronie. Een portret op basis van algemeenheden en de fantasie van de kunstenaar. We zullen allicht nooit weten of er werkelijk iemand voor Vermeer heeft geposeerd. Scarlett Johansson in de film 'Girl with a Pearl Earring' is niet meer dan de Hollywoodiaanse fantasie, valt te vrezen.

Stevige penseelstrepen

Hoe ging Vermeer te werk? Hij kocht een geweven canvas met een een kant en klare grijze onderlaag. Daar tekende en schilderde hij met stevige zwarte en bruine penseelstrepen twee onderlagen op. De contouren van het meisje schilderde hij met fijne, dunne strepen. Het onderzoek wijst uit dat Vermeer onderweg wijzigingen in de compositie aanbracht. De positie van het oor, de bovenkant van de hoofddoek en de achterkant van haar hals werden veranderd.

Scarlett Johansson in de film 'Girl with a Pearl Earring' is niet meer dan de Hollywoodiaanse fantasie, valt te vrezen.

Vermeer werkte daarbij zeer systematisch van de achtergrond naar de voorgrond. Na het opzetten van de groenige achtergrond en de huid van het gezicht van het meisje, schilderde hij daarna achtereenvolgens haar gele jas, de witte kraag, het hoofddoek en de ‘parel’. De parel is slechts illusie, doorschijnende en dekkende vegen witte verf, waarbij een haakje om de parel aan te hangen ontbreekt.

Vermeer wijzigde in zijn bovenlaag zijn eerste creatie. Hij veranderde onder meer het oor.

Vermeer gebruikte een rijk geschakeerd kleurenpalet:  rood (vermiljoen, en rode lak van cochenille), verschillende tinten geel en bruin (aardepigmenten, lood-tin-geel en gele lak), blauw (ultramarijn en indigo), tinten zwart (houtskool en beenderzwart) en wit (twee soorten loodwit) ). 'Vermeer selecteerde zorgvuldig twee soorten loodwitpigment met verschillende optische en uitvloei-eigenschappen waarmee hij subtiele kleurschakeringen en een naadloze overgang van licht naar schaduw in de huid van het meisje wist te bereiken', tekenen de onderzoekers op in hun bevindingen.

Economische rijkdom

Heel interessant is de afkomst van de pigmenten waarmee hij zijn verf maakte. Ze kwamen uit alle delen van de wereld. Dat bewijst de economische rijkdom van Nederland in de 17de Gouden Eeuw.  Per kleur kan de afkomst gedetecteerd worden: van Mexico en Centraal-Amerika over Engeland tot Azië. Het kostbaarste pigment was het blauwe ultramarijn voor de hoofddoek en de jas. Het was afkomstig van de lapis lazuli, een steen uit Afghanistan. In de 17de eeuw was lapis lazuli meer waard dan goud. De onderzoekers menen dat Vermeer de steen moet verhit hebben waardoor die gemakkelijker kon vermalen worden. Dat kwam de intensiteit van het blauw ten goede.

Het Mauritshuis is momenteel gesloten, maar de resultaten van het onderzoek zijn te bekijken op www.mauritshuis.nl.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud