‘Het virtuele museum is een valkuil'

De bizarre plant van Gabriel Tapia is een geraffineerde hint naar het coronavirus. ©saskia vanderstichele

Door corona konden we de voorbije weken virtueel en virusvrij naar tentoonstellingen. Maar dat is in tegenspraak met de ontmoetingsfunctie van een museum, vindt Lola Meotti. Ze toont kunst in de vitrines van Kanal.

De Veiligheidsraad moet de datum nog goedkeuren, maar normaal mogen de musea op 18 mei weer opengaan. Dat betekent niet dat kunstliefhebbers de voorbije weken op hun honger bleven. Veel musea gingen virtueel. De virtuele rondleidingen van Toerisme Vlaanderen langs de Van Eyck-expo in Gent en de Breugel-tentoonstelling in het KMSKB in Brussel werden door ruim 300.000 mensen bezocht.

Maar virtuele musea overstijgen zelden de mogelijkheden van een fysieke tentoonstellingsruimte. Dat vinden ze ook bij Kanal. Het Brusselse museum opende vrijdag de eerste fysieke tentoonstelling in ons land die is toegelaten onder de coronamaatregelen.

In situ

Het idee voor de expo met de toepasselijke naam ‘In situ’ komt van Lola Meotti. De Française die al dertien jaar in Brussel woont, richtte kort na de start van de lockdown het platform #windowmuseum op. Uit irritatie, zegt ze. ‘Na een paar dagen in quarantaine kon ik me niet meer opladen om op een scherm naar al die tentoonstellingen te gapen. Ik kreeg een indigestie.'

Na een paar dagen in quarantaine had ik een indigestie van al die virtuele kunst.
Lola Meotti
Curator

Het frustreerde haar ook dat ze de nabijheid van al die kunst niet kon voelen. 'Ik wil kunst figuurlijk kunnen omarmen. Die virtuele musea mogen goedbedoeld zijn, het zijn ook valkuilen. Cultuur is in de eerste plaats een ontmoeting met een kunstwerk en een kunstenaar.’

Meotti bedacht een tentoonstelling waarvoor je Kanal niet hoeft binnen te gaan. Alles speelt zich af in de etalage van de voormalige autofabriek. Om de aandacht van voetgangers en voorbijrijdende automobilisten te trekken, schakelde ze de tatoeagekunstenaar Gabriel Tapia in. Hij beplakte zes ruiten van de showroom met een wit vinyldoek, een verwijzing naar de museale white cube. Daarop tatoeerde hij een bizarre plant, iets tussen een koraal en een boom, die lijkt te muteren. Het is een geraffineerde hint naar het coronavirus. In de eerste lijntekening van Tapia leek de plant meer op het virus zoals we het kennen van afbeeldingen in de media, maar dat vond Meotti te evident.

Wetenschap en natuur

Drie kunstenaars exposeren in de vitrine van de voormalige garage. Hun werken verschijnen in vensters die in het vinyl zijn uitgesneden. Ook zij proberen iets te vertellen over de tijdsgeest. Fotograaf Hervé Charles doet dat met dromerige en mystieke foto’s over natuurrampen. Een verwijzing naar de link die het WWF legde tussen de pandemie en onze vernietigende omgang met de natuur. De stuurloze kadrering is volgens Meotti een metafoor voor de richtingloosheid waarin corona de wereld heeft geduwd.

Een kind fietst langs de vitrine-installaties van Claude Cattelain. ©saskia vanderstichele

De video’s van Hicham Berrada zijn dat op een bepaalde manier ook. Zijn zonderlinge films zijn experimenten met stoffen, gassen en metalen die hij in producten laat oplossen. De artiest kruipt zo in de huid van de wetenschapper. ‘Iemand die aan iets begint maar nooit weet wanneer zijn opdracht eindigt’, zegt Meotti  doelend op de wetenschappers die tegen de klok racen om een coronavaccin te vinden.

De installaties van Claude Cattelain zijn dan weer een ode aan het menselijk lichaam: bruut maar ontzettend fragiel.

Tot 28 augustus in de vitrines van de showroom van Kanal in Brussel.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud