Advertentie
reportage

Magisch-realistische kunst met bouwmaterialen

Vier paarden, geen hoofd en voorpoten. Bijeengebracht rond een boek over leiderschap. ©Paul Casaer

Kunstenaar Paul Casaer bouwde De Garage in Mechelen om tot een tentoonstellingspark voor zijn nieuwe expo 'All we can get'. Met ijzeren bouwmaterialen en voorwerpen creëert hij sculpturen die esthetiek aan duurzaamheid koppelen.

Kunst moet het soms afleggen op sport. Terwijl Paul Casaer (54) in de vitrine van De Garage in Mechelen met zijn rustige stem uitleg geeft bij een van de mooiste werken van de nieuwe expo, barst een oorverdovend kabaal los op straat. De coureurs van het WK wielrennen voor beloften passeren de kunsthal. Het voordeel van de koers is dat de renners na twee seconden alweer weg. Kunst is duurzamer.

Casaer sprak bij het kunstwerk over Richard Wagner en zijn zoektocht naar de klank van klokken in zijn opera 'Parsifal'. Daar refereert de kunstenaar aan in 'Ostinato Bells', vier bijna gelijkaardige zwarte sculpturen. De grote, zwarte bellen - in het vroegere leven bodems van hogedrukvaten - vallen het eerst op. Dan zie je het drumstokje en de partituurstandaard. En oh ja, vergeet de takjes niet. 'Ostinato Bells' is een toegankelijk en mooi werk. Maar net zo goed is het een verhaal met veel lagen.

In 'Ostinato Bells' refereert Paul Casaer aan werk van Richard Wagner en René Magritte. De zwarte bellen zijn ook een allusie op het nazisme. ©Paul Casaer

De zwarte bellen verwijzen naar gelijkaardige vormen die René Magritte in zijn schilderijen toont. Ze zijn ook een allusie op het nazisme. De nazi's dachten na over een manier om door de tijd te reizen, in schotelvormige toestellen die lijken op de bellen van Casaer.

De essentie

  • In De Garage in Mechelen houdt Paul Casaer de expo 'All we can get'.
  • Hij creëerde nieuwe sculpturen in zwart ijzer.
  • De titel van de tentoonstelling is een referentie aan duurzaamheid of het gebrek eraan.
  • Casaer ontdoet alledaagse voorwerpen van hun originele betekenis en geeft ze een nieuwe bestemming.

De gelaagdheid van Casaers tentoonstelling zit vervat in de titel 'All we can get'. Hebzucht zit daarin: alles meepakken wat we kunnen krijgen. Je kan de titel ook anders interpreteren: raken we in deze wereld niet verder dan wat we nu tonen en presteren? Is er echt niet meer?

Casaers kunst is een roep om duurzaamheid. Dat weerspiegelt zich in het gebruik van zijn materialen. Meestal zijn het metalen of ijzeren voorwerpen, machineonderdelen die hij in fabrieken of groothandels op de kop tikt. 'Dit komt van Forges de Clabecq', zegt hij, wijzend naar een buis van een installatie.

De inventiviteit van Paul Casaer schuilt in de manier waarop hij een banaal voorwerp onttrekt aan zijn betekenis en er een nieuwe connotatie aan geeft.

De expo was aanvankelijk gepland voor december 2020. De lockdowns dwongen tot uitstel. 'Ik heb daardoor allemaal nieuwe sculpturen kunnen maken', zegt Casaer. Het geeft de tentoonstelling een grote uniformiteit zonder dat de kunstenaar in herhaling valt. Sculptuur na sculptuur - ze zijn bijna allemaal zwart - verrast hij de bezoeker.

'Je kan een kunstwerk nooit los zien van de ruimte waarin het is opgesteld. Ik vergelijk het wel eens met een pretpark. De attracties in Walibi zijn ook verankerd in de omgeving. Ze beïnvloeden elkaar. Dat streef ik met de expo ook na.

Aan het begin van de expo wordt dat nog geaccentueerd met een slagboom waar je langs moet. Een slagboom met een cocktailglas. Alsof je wordt uitgenodigd op iets leuks. 'Er zit geen chronologie of hiërarchie in de opstelling van de sculpturen. Je loopt rond zoals je wil. Zoals in een park', zegt Casaer.

De kunstenaar, die ook doceert aan het KASK in Gent, begon lang geleden als tekenaar en schilder. 'Maar ik heb nooit één schilderij tentoongesteld. Ik hou meer van het maken van sculpturen. Daar zit geen twijfel in. Het is er of het is er niet. Met schilderijen kan je veel verdoezelen.'

Paul Casaer tussen zijn applaudisserende mannen. ©Sophie Nuytten

Casaer gaat bij een sculptuur niet over een nacht ijs. Hij maakt eerst kleine ontwerpen, die hij fotografeert. De beelden voert hij in zijn computer in. Daar puzzelt hij tot het resultaat goed is en hij in zijn atelier de creatie kan uitvoeren.

De inventiviteit van de kunstenaar schuilt in de manier waarop hij een banaal voorwerp onttrekt aan zijn betekenis en er een nieuwe connotatie aan geeft. Een voorbeeld is 'Retrovision Club I', uitvergrote autospiegels op een tot tribune omgebouwd boekenrek. 'De spiegel is een vaak terugkerend thema in de kunstgeschiedenis. Hij staat voor ijdelheid. De achteruitkijkspiegel kom je veel minder tegen. Op een dag reed ik op een Vespa rond. Ik zag de horizon voor mij, maar in de spiegel zag ik de horizon achter mij. Ik hoorde de stemmen van Goethe en Schiller, Duitse schrijvers uit de romantiek. Ze zeiden: je weet toch wat er achter jou allemaal ligt? De hele geschiedenis dus. Een mens ontsnapt niet aan de herinnering.'

Op de tribune van Casaer is geen plaats voor toeschouwers, enkel de spiegels en de herinneringen hebben toegang. De mens ontbreekt. Maar die staat misschien aan de overkant bij de 'Applauding Men'. Het gaat om silhouetten van mannen. Ze worden samengehouden door paperclips. Het werk bestaat uit losse elementen en is nooit definitief.

Soms springt een gekleurd element eruit om de strengheid van het zwarte materiaal te temperen. 'The Leadership Challenge', een van de zeldzame oudere werken, stelt op een ingenieuze manier vier paarden voor. Zonder hoofd, zonder voorpoten. Ze houden elkaar niettemin in evenwicht. In het midden van de installatie ligt een boek over leiderschap, alsof dat boek de dominante factor is van de installatie. 'Het heeft te maken met Donald Trump', zegt Casaer.

Maar je kan het op allerlei manieren interpreteren. Dat is ook een kracht van de tentoonstelling. Je hoeft niet per se achter alles naar de betekenis te zoeken. Of naar de betekenis die de kunstenaar voor ogen heeft. Zijn beelden laten zich bekijken zoals de beste boeken van Haruki Murakami: de concrete wereld verdwijnt in het magisch-realisme. Zoals in het allerlaatste werk in de expo, 'Displaced Vanishing Object'. Het is een sculptuur die lijkt op een ontploffing in een stripverhaal. Alles verdwijnt. Toch twijfel aan de duurzaamheid.

'All we can get' loopt tot 21 november in De Garage in Mechelen.

cultuurcentrum.mechelen.be

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud