Vincent Geyskens schildert wat niet fotografeerbaar is

In zijn werk onderzoekt Vincent Geyskens de functie van het beeld. Hij breekt het bij voorkeur af. ©Tim Dirven

Geschilderde kaders zonder doek. Doeken zonder kaders. Collages en stillevens. Het oeuvre van de Belgische schilder Vincent Geyskens is divers en heel doordacht. Nu te bewonderen in Museum M in Leuven.

'Ze vonden het wel goed. Maar ze hadden ook aanmerkingen. Iemand zei dat het geen echte schilderijen waren omdat ze geen kaders hadden. Een andere jongen vroeg zich af waarom je schilderijen toont die nog niet klaar zijn. Hij had het over de werken waar je alleen in de rechterbenedenhoek hebt geschilderd en de rest wit hebt gelaten.'

'Waarom denken kleuters toch zo conventioneel?', antwoordt Vincent Geyskens glimlachend op de opmerkingen van de twee educatieve medewerksters van Museum M. Ze hadden een kleuterklas op bezoek op de expo. De kleuters hadden het wel goed gezien. Geyskens is geen conventionele schilder, al hangt dat natuurlijk af van wat je onder conventie verstaat.

Schilderen is bij Geyskens een proces dat verder gaat dan wat je als toeschouwer visueel ervaart. De fysieke handeling van het schilderen is net zo belangrijk als het resultaat.

Geyskens legt het zelf plastisch uit aan het eind van de rondleiding die hij ons geeft. 'Je moet het onfotografeerbare schilderen.' Hij geeft het voorbeeld van een jas. 'Je schildert de jas niet, maar het ophangen van de jas aan een kapstok. De beweging dus. Ik geef al jaren les aan het KASK in Gent, waar ik met de studenten veel praat over wat schilderen precies is. Ze schilderen een jas en de rest van het schilderij laten ze leeg. Omdat er verder niets te schilderen is, menen ze. Dat is een verkeerde veronderstelling. Ook de leegte of het niets moet je schilderen. Schilderen heeft te maken met zien, niet met laten zien.'

Stilleven 'I Conformisti', 2020.

De tentoonstelling in Leuven is de tweede grote museale van Vincent Geyskens (°1971). De eerste was in 2012 in Gent, 'Undead'. De nieuwe expo is anders - het gaat voornamelijk om schilderijen van de voorbije tien jaar - maar het uitgangspunt van de kunstenaar is niet veranderd. 'Ik ben een kind van de jaren 90. Toen was schilderkunst zo goed als dood verklaard. In mijn geval betekende dat vooral dat ik nadacht over de functie van het schilderen en de functie van het beeld. Hoe presenteer en representeer je de werkelijkheid? Dat is nog altijd de kern van mijn schilderspraktijk.'

De essentie

  • Vincent Geyskens is een Belgische kunstschilder.
  • In M Leuven brengt hij een overzicht van werken van de voorbije tien jaar.
  • Hij maakt collages, werken op kaders en stillevens.
  • Hij onderzoekt in zijn oeuvre de functie van het beeld.

In een oppervlakkige overschouwing kan je denken dat Geyskens de grens opzoekt tussen abstractie en figuratie. Maar dan ga je op zoek naar het herkenbare beeld in zijn werk, terwijl dat ondergeschikt is. Schilderen is bij Geyskens een proces dat verder gaat dan wat je als toeschouwer visueel ervaart. De fysieke handeling van het schilderen is net zo belangrijk voor hem als het resultaat.

'Je zal bij mij geen intentie tot communicatie aantreffen. Mijn schilderijen hebben ook geen functie. Bij mij gaat het om de materiële aspecten en de fysieke gewaarwording van het schilderen. De vijandigheid tegenover het pure beeld is in dat opzicht niet veranderd in al die jaren. Ik vind schilders die zich voortdurend afvragen wat schilderen nog betekent en hoe ze de relatie met het beeld bestuderen, de interessantsten.'

Richmond L.O.M., 2013. Uit kaderreeks.

Een deel van het oeuvre van Geyskens bestaat uit collages, van verknipte erotische afbeeldingen, advertenties en campagnebeelden. 'Het is de letterlijke vernieting van het bestaande beeld', zegt hij daarover. Maar net zo goed is het nieuw gecreëerde beeld van de collage niet te duiden.

Toen ik studeerde, waren er ankerpunten, zoals Luc Tuymans en Marlene Dumas. Je wilde zoals hen schilderen. Nu is er nonkel Jos. Daarmee bedoel ik: veel jonge kunstenaars leven in hun eigen bubbel die door sociale media is gecreëerd.
Vincent Geyskens
Schilder

Het meeste in het oog springend op de tentoonstelling in Leuven zijn de beschilderde kaders. Soms ontbreekt het doek, soms is het canvas net als de kaders volgeschilderd. Soms voegt Geyskens een klein collageachtig stuk aan het doek toe, als een soort van trompe-l'oeil. Met de kaderreeks voel je het duidelijkste wat de schilder bedoelt met de fysieke gewaarwording van het schilderen. Je ziet hem bijna nog worstelen met de borstel. Het draait puur om de verf in toon en kleur op een oppervlak.

Een heel ander gevoel roepen de stillevens op die hij sinds vorig jaar begon te schilderen. Opnieuw overheerst kleur en textuur. In de achtergrond schemeren wat voorwerpen door - een appel, een fles, een schedel - maar je gaat er niet naar op zoek. Geyskens schakelt zich zo in de lange traditie van de schilderkunst in, maar geeft de stillevens een eigen invulling en interpretatie.

Het is te betwijfelen of de nieuwe generatie schilders, die hij mee opleidt, oog heeft voor het verleden. 'Het centrum is weg. Toen ik studeerde, waren er ankerpunten, zoals Luc Tuymans, Marlene Dumas en Gerhard Richter. Je wilde zoals hen schilderen. Nu is er nonkel Jos. Daarmee bedoel ik: veel jonge kunstenaars leven in hun eigen bubbel die door sociale media is gecreëerd. Ze zijn niet meer geïnteresseerd in het artistieke canon of canonieke referenties. Het draait alleen om wat ze zelf leuk vinden. Er is bijna een vijandigheid tegenover het artistieke centrum. Maar goed, dat was bij de avant-gardisten in de 20ste eeuw niet anders.'

Vincent Geyskens, tot 5 september in M Leuven.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud