'All of Us': een lach, een traan en de dood

©rv

Twintig jaar na ‘Film 1’, een eigenaardig verhaal over de complexe relatie met zijn vader, heeft regisseur Willem Wallyn een tweede film klaar: de pakkende tragikomedie ‘All of Us’. Ditmaal is het allemaal begonnen bij zijn moeder.

Willem Wallyn (58) verraste zichzelf toen hij eind november in Gent voor een publiek van het vrijwilligersnetwerk Kiwanis stond. De mensen hadden er net - zonder dat ze wisten wat ze voor de kiezen zouden krijgen - zijn nieuwe film ‘All of Us’ gezien, en de zaal was muisstil. Precies wat je mag verwachten na een emotioneel verhaal over een praatgroep voor terminale kankerpatiënten.

Bekijk de trailer van 'All Of Us'.

‘Weet u, ik denk dat deze film toont dat ik mijn mama mis’, zei de regisseur na de voorstelling. Het was de bedoeling dat hij in de zaal nog een woordje uitleg zou geven. Wallyn dacht dat hij vragen van de presentator zou krijgen, maar die duwde een microfoon in zijn handen. ‘Ik schrok van mezelf’, vertelt hij. ‘Ik voelde dat die zin door de zaal zinderde, en ik besefte opeens dat daar de fond van mijn film zat. Ik had de hele weg afgelegd om daartoe te komen.’

‘All of Us’ heeft een lang proces doorgemaakt om de filmzalen te halen. Eerst zou het een zesdelige tv-serie worden met de titel ‘Black Spots’, later breidde Wallyn het project uit naar tien afleveringen en heette het ‘Elke derde donderdag’.

Maar hoe meer hij erover nadacht, hoe meer hij begreep dat televisie niet het juiste platform was voor wat hij in gedachten had. Nochtans waren alle zenders waaraan hij de scripts voorlegde enthousiast. ‘Ik voelde dat ze het verhaal zachter wilden maken. Dat begrijp ik. Zij weten het best wat ze nodig hebben. De enige zender bij wie mijn idee kon passen, was Canvas, maar daarvoor was de serie dan weer te groot. Dus heb ik beslist er een film van te maken. Ik heb de 600 pagina’s die ik geschreven had naast me neergelegd en ben weer van nul begonnen’, zegt Wallyn.

Ideaalbeeld

De ruggengraat bleef wel dezelfde: personages die te horen hebben gekregen dat ze terminaal ziek zijn, wonen een praatgroep bij en proberen intussen privé in het reine te komen met hun lot. De karakters komen uit verschillende lagen van de maatschappij, maar de spilfiguur is een arbeidersvrouw, Cathy (rol van Maaike Neuville).

‘Ik wou een vrouw die symbool stond voor het ideaalbeeld van de moeder’, zegt Wallyn. ‘De piloot van het gezin, iemand die er staat ondanks de financiële en emotionele miserie die ze heeft meegemaakt. Plots moet ze haar idealen opgeven voor iets wat groter is dan haarzelf: de dood. Bovendien wil ze haar zoontje het verdriet besparen.’

Ik denk dat ik mijn moeder wil laten voortleven in deze film.
Willem Wallyn
regisseur

Maar het zou dus nog tot eind 2019 duren, op een moment dat de filmversie ‘All of Us’ al in kannen en kruiken was, voor de cineast begreep wat hem er überhaupt toe had gedreven dit verhaal te vertellen. In 2001 verloor hij zijn moeder door een medische fout, toen ze bij het plaatsen van een katheder een luchtbel in haar aders kreeg. Ze belandde in coma en ontwaakte niet meer. ‘Ik denk dat ik mijn moeder wil laten voortleven in deze film’, zegt Wallyn. ‘Ook al leek ze niet op Cathy. Mijn moeder was een heel extraverte vrouw die geweldig goed moppen kon vertellen.’

De reden waarom ‘All of Us’ over een praatgroep voor kankerpatiënten gaat, is veel minder nobel. ‘Dat komt door mijn ego’, geeft Wallyn toe. ‘Ik weet dat ik goed dialogen kan schrijven. Ik geniet daarvan. En zo’n praatgroep is een ideale context voor verbale duels.’ Het was ook de perfecte manier om tegengewicht te geven aan de loodzware thematiek van zijn film.

©rv

De evenwichtsoefening die ‘All of Us’ voor elkaar krijgt, is bepaald indrukwekkend. Hij gaat de pijnlijke confrontaties en hartverscheurende situaties niet uit de weg - één woord: de baby - maar hij is even vaak warm en geestig. Het bijtende cynisme van kankerpatiënte Lizzy (Joke Devynck), de bespiegelingen van de andere leden van de groep (Bruno Vanden Broecke, Jan Hammenecker), de goed bedoelde incompetentie van de psychologe die de praatgroep leidt (Barbara Sarafian), het zijn maar enkele voorbeelden van de toetsen die ‘All of Us’ licht verteerbaar houden.

Die mix van toonaarden is geen sinecure. Wallyn: ‘Ik ga heen en weer tussen sentimenteel melodrama, komedie en existentialisme. Ik moet zeggen dat ik het voortdurend in mijn broek deed op de set. Ik was bang dat het een kakofonie werd, omdat ik alle registers in alle richtingen opentrok. Maar dat was de film die ik wou maken. Het is ook de reden waarom ik dit verhaal niet uit handen wou geven. Ik hou ervan humor en drama te vermengen. Daar heb ik behoefte aan.’

‘All of Us’ speelt vanaf deze week in de bioscoop.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n