Advertentie
Advertentie

Een artistieke rugtatoeage als paspoort naar de vrijheid

Koen De Bouw als de kunstenaar die ruggen tatoeëert.

Een Syrische vluchteling sluit een deal met een duivelse kunstenaar: zijn rug als canvas in ruil voor toegang tot de Europese Unie. Dat is het uitgangspunt van ‘The Man Who Sold His Skin’, een wilde Tunesische parabel met een grote Belgische inbreng.

Toen de Tunesische cineaste Kaouther Ben Hania in 2012 het Louvre bezocht, zag ze daar een kunstwerk dat haar aandacht trok: een man op een sokkel, met de rug naar het publiek. Die rug was één grote tatoeage, een collage van allerlei tekeningen (een doodshoofd, rozen, vogels, vissen, vleermuizen) met centraal een grote Madonna.

Het werk bleek ‘Tim’ te heten en was afkomstig van Wim Delvoye, de controversiële West-Vlaamse kunstenaar die eerder ook al varkens met een tatoeagemachine had bewerkt. Ben Hania’s verbeelding raakte geprikkeld, wat uiteindelijk een langspeelfilm heeft opgeleverd.

In het beste geval hoop je dat de film een toegevoegde waarde heeft en dat je er zelf als acteur toe bijgedragen hebt om de wereld een beetje te verbeteren. Met die overtuiging sta ik op een filmset.
Koen De Bouw
Acteur

Ook in ‘The Man Who Sold His Skin’ gaat het over een man die zijn rug ter beschikking stelt van een moderne kunstenaar, maar Ben Hania voegt er een brandend actueel sociaal-kritisch laagje aan toe. In tegenstelling tot Tim Steiner, de Zwitserse voormalige tattooartiest die zich door Delvoye onder handen liet nemen, handelt hoofdfiguur Sam Ali uit wanhoop.

Hij gaat in op het aanbod van de (fictieve) Belgische kunstenaar Jeffrey Godefroy omdat het zijn enige weg is om binnen te raken in Europa en zijn geliefde terug te vinden. Ali komt namelijk uit Syrië, wat betekent dat een visum buiten zijn bereik ligt. Behalve als hij zich laat ombouwen tot kunstvoorwerp.

De essentie

  • ‘The Man Who Sold His Skin’ is een film van de Tunesische cineaste Kaouther Ben Hania.
  • Centraal staat een Syrische vluchteling die zich door een Belgische artiest laat tatoeëren om zo als kunstvoorwerp de EU binnen te mogen.
  • Ben Hania haalde de inspiratie bij een installatie van Wim Delvoye.
  • In de film neemt Koen De Bouw de rol van de kunstenaar voor zijn rekening.
  • De kruidige politieke parabel kreeg als eerste Tunesische productie een Oscarnominatie.

Surrealistisch

Ben Hania construeert een uitdagende en vaak donker geestige parabel rond dat gegeven. Nieuwkomer Yahya Mahayni - eigenlijk advocaat van opleiding - zet een doorleefde, fysieke hoofdvertolking neer. Voor de rol van de provocerende kunstenaar ging de cineaste aankloppen bij Koen De Bouw, die zich uitdost met zwarte nagellak en eyeliner en er een cynische, licht demonische figuur van maakt.

‘Kaouther wou een aantal sprookjesfiguren verwerken in mijn personage', zegt de acteur. ‘Ik mocht hem wat grootser maken. Geloofwaardigheid was niet zo belangrijk. Kunstenaars heb je ook in alle kleuren en maten. De realiteit leert ons sowieso dat ze altijd nog groter is dan de verbeelding.’

Trailer

Het betekent niet dat hij zich gespiegeld heeft aan Delvoye, die overigens een fijne cameo maakt in de film als kunstverzekeraar. De Bouw zocht hem op in zijn atelier, maar de man die hij daar leerde kennen is het tegenovergestelde van Godefroy. Eenvoudig maar apart, noemt De Bouw hem.

‘Op een bepaald moment zei hij dat hij drie huizen had gekocht in Iran en hij liet ze me zien op de computer. Dat waren echte zandkastelen midden in de woestijn. Die wou hij restaureren. Alleen was Trump toen nog president en die had plannen om Iran te bombarderen. Wat als een van die bommen op zijn huis viel? 'Dat zou wel interessant zijn', antwoordde Wim. Het idee geeft een bijna surrealistische toets aan de situatie en daar houdt hij van. Het is hem niet om schoonheid of zo te doen maar om het gebeuren, het moment, het uitdagende. De vragen interesseren hem meer dan de antwoorden.’

Hete kolen

Die invalshoek heeft Ben Hania overgenomen in ‘The Man Who Sold His Skin’. Dat apprecieert De Bouw. Hij vindt dat ze niet meteen een standpunt inneemt, ook al is het duidelijk wat haar mening is over immigratie, het thema dat als hete kolen onder de film brandt.

De tatoeage die de hoofdfiguur op zijn rug krijgt, zegt wat dat betreft alles: het is een gigantisch Schengen-visum. ‘Voor mij is het belangrijk dat je een document maakt waarover de mensen een mening kunnen hebben, geen document waarbij de meeste vragen al op voorhand ingevuld zijn', meent hij.

‘In het beste geval hoop je dan dat de film een toegevoegde waarde heeft en dat je er zelf als acteur toe bijgedragen hebt om de wereld een beetje te verbeteren. Het is misschien een heel naïeve kijk op de dingen, maar ik sta met die overtuiging op een filmset.’

Dat ‘The Man Who Sold His Skin’ uiteindelijk naast de Oscar voor beste internationale film greep - die ging naar ‘Drunk’ van Thomas Vinterberg - had De Bouw verwacht. Hij tilt er niet zwaar aan. ‘Film is geen voetbal,’ zegt hij. ‘Het is geen spel met winnaars en verliezers.’

‘The Man Who Sold His Skin’ speelt vanaf deze week in de bioscoop.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud