Advertentie
interview

‘Ik heb veel over voor de kunst, maar doden wou ik niet op mijn geweten'

©Brecht Van Maele

In het intense drama ‘La Civil’ van Teodora Ana Mihai bindt een vrouw de strijd aan tegen Mexicaanse drugskartels. De cineaste uit Gent woonde tot haar achtste in communistisch Roemenië. ‘Mijn film roept een wereld op waarin niets is wat het lijkt. Die wereld ken ik.’

Tijdens hun eerste ontmoeting legde Miriam Rodriguez een revolver op tafel. ‘Als ik wakker word, wil ik doden of sterven. Zo voel ik me elke ochtend’, zei de Mexicaanse antidrugsactiviste. Toen filmmaakster Teodora Ana Mihai (40) dat hoorde, besliste ze dat de vrouw het onderwerp van haar volgende documentaire zou worden - en niet de kinderen die ze tot dan had geïnterviewd over hun ervaringen met het drugsgeweld in Mexico.

Na twee weken in haar spoor begroef Mihai het idee. Miriam Rodriguez werd op de hielen gezeten door leden van drugskartels die haar dochter en andere kinderen hadden ontvoerd en vermoord. ‘We moesten haar met bodyguards volgen’, vertelt de Roemeens-Vlaamse cineaste in een koffiebar vlak bij haar huis in Gent. ‘Die kregen op hun beurt hulp van het leger. We waren een echt konvooi. Het was onwerkbaar voor de intieme documentaire die ik voor ogen had. De situatie voelde ook niet veilig. Ik heb veel over voor de kunst, maar doden wilde ik niet op mijn geweten.’ Ze besloot het verhaal van de vrouw te fictionaliseren. Ze hielden nauw contact, tot Miriam in mei 2017 werd vermoord - op de Mexicaanse moederdag nota bene.

De trailer van 'La Civil'.

Miriam heet Cielo in het intense fictiedebuut waarmee Mihai komende dinsdag Film Fest Gent op gang trekt. In het begin van ‘La Civil’ verdwijnt haar dochter, gekidnapt door een drugskartel. Wanneer de autoriteiten geen hulp bieden, neemt Cielo het heft in eigen handen en transformeert ze geleidelijk aan van een machteloze huisvrouw in een wraakzuchtige antidrugsmilitant.

In ‘La Civil’ is geweld constant aanwezig, maar het wordt zelden expliciet getoond. De film is een trage, donkere trip met een open einde waarover nagepraat kan worden. In Cannes kreeg het drama, mede door de naar de keel grijpende acteerprestaties van de Mexicaanse hoofdrolspeelster en acteurs uit ‘Narcos’ en ‘Amores perros’, een staande ovatie van acht minuten. Het won er ook de prijs voor durf. Met al dat internationale wapengekletter zou je bijna vergeten dat ‘La Civil’ een Vlaamse film is, met het Vlaamse productiehuis Menuetto - een deel van het team achter ‘Girl’ - als hoofdproducent en steun van het Vlaams Audiovisueel Fonds (VAF).

Waarom maakt een Belgische met Roemeense roots een film over Mexicaanse drugsbendes?

Teodora Ana Mihai: ‘Ik heb een raar parcours afgelegd. Mijn hele familie is voor het communisme gevlucht uit Roemenië. Mijn ouders kregen politiek asiel in België, een oom en een tante konden langs een andere route naar San Francisco ontsnappen. Mijn ouders boden me de kans daar mijn middelbare school af te werken. Zo kwam ik op mijn 16de terecht in een Latijns-Amerikaanse vriendengroep. Samen reisden we door een ‘veilig’ Mexico. Toen begon er de drugsoorlog in 2006. Beetje bij beetje zag ik het dagelijkse leven van mijn vrienden en hun families gegijzeld worden door gewelduitbarstingen gelinkt aan drugsgeweld. Van de 35.000 moorden per jaar in Mexico is de helft gelinkt aan drugs.’

‘Het toeval wilde dat ik ook de Mexicaanse romanschrijver (en coscenarist van ‘La Civil’, red.) Habacuc Antonio De Rosario leerde kennen in België. Zijn teksten gingen dikwijls over de situatie in zijn geboortestreek en waren voer voor veel van onze gesprekken. Maar het was een reis naar het noorden van Mexico acht jaar geleden die de doorslag gaf. Ik kreeg te horen dat ik, voor mijn eigen veiligheid, best het huis niet meer zou verlaten na zeven uur ’s avonds. Confronterend, want dat lag zo ver van het Mexico van in mijn tienerjaren. Ik vroeg me af hoe het moet voelen om te leven met de onzekerheid of je partner of je kinderen het einde van de dag wel halen als ze ’s ochtends het huis verlaten. En wat zoiets, in het geval van Miriam dus, kan bovenhalen in een moeder die vecht voor haar kind.’

Miriam was al vermoord toen u terugging naar Mexico om de film te draaien. Was het daarom veiliger werken?

Mihai: ‘Dat had vooral te maken met de regio waarin we draaiden: Durango, een prachtige streek in het noorden van Mexico waar John Wayne een ranch had. Het verklaart de westernlook van ‘La Civil’. Een van de moordscènes is trouwens op die ranch gefilmd. Een andere reden waarom we ons er veilig voelden, was dat iedere verwijzing naar de werkelijkheid uit het scenario was geschrapt. De namen van de locaties en de kartels zijn er allemaal uitgehaald. Zo tilden we het verhaal op tot het metaforische, het kan eigenlijk overal plaatsvinden.’

Hoeveel van Miriam zit in Cielo?

Mihai: ‘Ze staat dicht genoeg bij de vrouw die ik gekend heb, maar het is geen biopic. In haar moed en veerkracht lijkt ze erg op Miriam. Maar haar privésituatie was anders. Miriam had drie kinderen en leefde niet gescheiden van hun vader. In fictie kan je het je permitteren om nevenpersonages te schrappen als ze afleiden. Cielo heeft maar één dochter in de film. Dat maakt het verhaal scherper en haar strijdlust nog aannemelijker.’

Waarom moeten wij in Europa wakker liggen van het drugsgeweld in Mexico?

Mihai: ‘Er is graffiti van Mexicaanse drugskartels in de haven van Antwerpen. We leven in een geglobaliseerde wereld. Wat aan de andere kant van de oceaan gebeurt, is op een of andere manier een oorzaak of een gevolg van wat onze eigen maatschappij doet of laat gebeuren.’

De Mexicaanse actrice Arcelia Ramírez (links) als Cielo in de 'narcowestern' 'La Civil'.

‘Los daarvan is Cielo’s relaas een verhaal dat elke cultuur kan begrijpen: de angst om een kind te zien verdwijnen en de oerkracht die dat bij de ouders naar boven brengt. De universaliteit van de film schuilt ook in de emancipatie van Cielo. Ze begint als een zwakke vrouw en vindt gaandeweg de kracht om terug te vechten. Ze moet daarvoor wel de strijd aanbinden tegen autoriteiten, die haar in de steek laten. Ook dat moet herkenbaar zijn voor mensen hier: het gevoel alleen te staan tegenover bestuurlijk gezag dat niet meewerkt.’

Je voelt het geweld van de drugskartels de hele film door, maar u toont het zelden expliciet.

Mihai: ‘Het mocht geen misery porn worden, want dan zou de aandacht wegglijden van mijn hoofdpersonage. Ik wou dat het geweld er enkel was om het verhaal geloofwaardig te maken. Je moest net genoeg zien om te begrijpen dat die mensen echt bang zijn van de kartels.’

Waarom is gratuit geweld minder geloofwaardig in cinema?

Mihai: ‘Is onze verbeelding niet krachtiger dan de realiteit? Het is veel interessanter om net genoeg te tonen en de verbeelding van de kijker de rest van het werk te laten doen. Ik speel graag met dat evenwicht: hoeveel is genoeg en hoeveel is te veel?’

Is onze verbeelding niet krachtiger dan de realiteit?
Teodora Ana Mihai
Cineaste

(denkt na) ‘In bepaalde scènes is het geweld wel expliciet - of toch expliciet genoeg. Zoals wanneer Cielo in een mortuarium afdaalt en afgehakte hoofden aantreft. (glimlacht) Toen mijn producenten die beelden voor het eerst zagen, waren ze even verrast. Maar dat is geweld ná de daad. Dat is interessanter dan het geweld zelf.’

U woonde tot uw achtste in Boekarest en ontvluchtte het communistische land in 1989, drie maanden voor de val van dictator Nicolae Ceausescu. In welke mate draagt uw werk als cineaste de sporen van dat verleden?

Mihai: ‘In alles. ‘Waiting for August’ gaat niet toevallig over Roemeense kinderen van wie een ouder op zoek gaat naar een beter leven in het buitenland. Mijn ouders vertrokken alleen naar België. Ze kregen een toeristenvisum voor twee weken op voorwaarde dat ze me achterlieten bij familie. Ze dachten dat het eenvoudig ging zijn om me te laten overkomen, maar uiteindelijk duurde het meer dan een jaar. Een Roemeense dame met de Belgische nationaliteit kwam me toen halen in Boekarest. Mijn ouders mochten zelf niet komen omdat ze gearresteerd zouden worden.’

©Brecht Van Maele

‘‘La Civil’ roept dan weer een wereld op waarin niets is wat het lijkt. Miriam kon niemand vertrouwen, zelfs haar eigen vrienden niet. Daarom had ze dat wapen altijd bij zich. In zo’n wereld ben ik opgegroeid. Er werd gezegd dat een op de vier mensen in de grootsteden in Roemenië een informant van het regime was. Achteraf blijkt dat een overdrijving, maar zodra je het gelooft, kan je niet meer normaal leven. Je moest constant rekening houden met dubbele agenda’s. Dat heeft me gevormd, ook al was ik nog maar een kind.’

Waren uw ouders dissidenten in Roemenië?

Mihai: ‘Mijn ouders hebben zich nooit fel verzet tegen het Ceausescu-regime. Ze zagen mij niet opgroeien in communistisch Roemenië. Mijn vader wou als fotograaf ook niet in de propagandamachine van het regime vast komen te zitten. Een neef van hem had in de jaren 70 tijdens een strandvakantie een Vlaamse vrouw leren kennen. Er was ook nog een familielid in Canada. Zij waren onze enige aanknopingspunten buiten Roemenië. Mijn ouders hebben beide landen geprobeerd, whatever came first. België was een of twee dagen voor Canada. Anders had ik nu in Canada gezeten en was ik misschien geen filmmaker.’

‘La Civil’ opent Film Fest Gent op 12 oktober. De film komt op 27 oktober in de zalen

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud