De bekommerde blik van Freed in Joods Museum

Verdachte wordt in voorlopige hechtenis genomen. New York, 1978. ©©Leonard Freed / Magnum Photos

De Joods-Amerikaanse fotograaf Leonard Freed toonde in zijn werk de complexe realiteit achter de politieke en sociale en veranderingen in de tweede helft van de 20ste eeuw. Maar de mens stond wel centraal, getuigt een retrospectieve in het Joods Museum in Brussel.

Wat doet de geschiedenis met de gewone mens? Hoe ondergaan de man en de vrouw in de straat beslissingen die boven hun hoofd genomen worden? Het zijn centrale vragen in het werk van de Joods-Amerikaanse fotograaf Leonard Freed (1929-2006). In feite wilde hij eerst schilder worden, maar tijdens een lange reis door Europa en Noord-Afrika kocht hij een Leica en na zijn thuiskomst besliste hij het als fotograaf te proberen. Het was een schot in de roos. Van meet af aan richtte hij zijn lens op de strijd die minderheden leveren, maar ook op veranderingen in de arbeidswereld, de seksualiteit en de plaats van de vrouw in de samenleving.

De tentoonstellingscommissaris Bruno Benvindo leidt ons in het Joods Museum naar enkele foto’s van een kantoorfeestje uit de jaren zeventig. Je ziet de alcohol rijkelijk vloeien en de mannen in maatpak losser worden terwijl hun ogen afglijden naar de vrouwen in mantelpak, die hier duidelijk in de minderheid zijn. ‘Het lukt Freed om veel dingen te zeggen zonder karikaturen of clichés te gebruiken’, zegt Benvindo. ‘Door wat hij hier vrij subtiel vertelt over man-vrouwverhoudingen wil hij niet alleen de realiteit tonen, maar ze tegelijk overstijgen. Wij kijken daar nu met #MeToo-ogen naar, maar ik verdenk hem ervan dat Freed dat toen ook al deed.’

Bescheiden afkomst

Freeds aandacht voor minderheden - of het nu ging om de chassidische Joden of de zwarte gemeenschap, of geluiden uit de tegencultuur die na 1968 meer aandacht opeisten - is een gevolg van zijn eigen bescheiden afkomst. Hij werd geboren in Brooklyn in een arm arbeidersgezin dat geëmigreerd was uit de Wit-Russische hoofdstad Minsk. Zijn vader was timmerman. Het maakte Freed extra gevoelig voor de sociale verhoudingen. Een werkloze man liet hij zijn trots behouden. Net als de zakenmannen uit Wall Street fotografeerde hij hem in pak. Je ziet alleen aan zijn blik dat er iets scheelt.

‘Worldview: Photographing the World Disorder’ bestaat uit 160 zwart-witafdrukken, twee beelddocumentaires en een handvol contactafdrukken die Freeds werkwijze illustreren. Daarmee is de expo iets uitgebreider en diverser dan de retrospectieve van 2011 in het fotomuseum in Charleroi. De titel van de chronologische opgebouwde expo is veelzeggend. Niet alleen omdat het de tentoonstellingsmakers opviel hoe chaotisch de wereld was die de fotograaf vastlegde. Maar ook omdat de meeste fotografen radicaal blijken in hun beginperiode en daarna milder worden, terwijl het bij Freed net omgekeerd lijkt. ‘Zijn eerste foto’s zijn sociaal, maar doordat hij het geweld in de wereld ontdekt, wordt zijn werk radicaler’, legt Benvindo uit. ‘In zijn beginjaren brengt hij het nog impliciet in beeld, later steeds explicieter.’

De expo begint met de foto’s die hij in 1954 maakte van de chassidische Joden in Brooklyn. ‘Het fascineerde hem hoe ze zich na hun komst uit Europa nooit echt hadden aangepast’, legde Freeds weduwe Brigitte Klück tijdens de opening in Brussel uit. ‘Ze lieten zich normaal gezien niet fotograferen, maar maakten een uitzondering voor mijn man omdat hij van Joodse afkomst was, ook al was hij niet religieus. Soms stak hij zijn kleine Leica gewoon in zijn zak, zodat ze niet merkten dat hij foto’s nam. Met het resultaat trok hij op 24-jarige leeftijd naar het tijdschrift Life, waar men verbluft stond te kijken naar de leefgewoonten van een gemeenschap waarmee men niet vertrouwd was.’

Omringd door sluipschutters

Bij het blad leerde hij Cornell Capa kennen. De jongere broer van oorlogsfotograaf Robert Capa nam hem in 1967 op in de invloedrijke Concerned Photography-tentoonstelling en lanceerde hem later bij Magnum. Ook het fotoagentschap was zijn haast etnografische, maar bekommerde blik opgevallen. Op zijn foto’s van de mars op Washington in 1963 maakt het politieke perspectief al snel plaats voor het persoonlijke. ‘In het begin van zijn carrière kende ik wel zwarte artiesten en fotografen, maar wist ik niets van de wijken waar ze woonden. Dus ging ik zelf kijken in Harlem’, legt Capa uit in een documentaire. ‘Freed vertelt geschiedenis met een grote G, maar altijd op het niveau van het individu’, zegt Benvindo. ‘Hij toont niet de gebouwen of de straten, maar de mensen.’

Het lukt Freed om veel dingen te zeggen zonder karikaturen of clichés te gebruiken.
Bruno Benvindo, tentoonstellingscommissaris

Die focus op het kleine leverde Freed opdrachten op om grote gebeurtenissen te coveren, waar hij hetzelfde procedé volgde. Legendarisch is zijn foto van een koppel dat zich tijdens de Roemeense revolutie, net als de fotograaf trouwens, omringd wist door sluipschutters. De geëxposeerde contactafdrukken bewijzen dat Freed net zo lang bleef afdrukken tot de angst en de wanhoop op hun gezicht pijnlijk tastbaar werden. Het skelet van een Egyptische soldaat, slachtoffer van de Zesdaagse Oorlog, op een strand in de Gazastrook, met op de achtergrond een badgast, is een voorafspiegeling van de cynische beelden die we later in de digitale wereld nog veel meer te zien zouden krijgen.

De reportage die het meest opzien baarde, maakte Freed in de jaren zeventig in opdracht van The Sunday Times over geweld. In het begin fotografeerde hij de graffiti op straat, want dat vond hij ook gewelddadig. Maar zijn opdrachtgevers wilden bloed zien, en dus begon hij de politie van New York te volgen op het terrein. Het geweld bracht hij expliciet in beeld met gesofisticeerde, haast filmische shots. De bladen waren er dol op. Maar weg van de stereotiepen toonde hij de agenten ook in hun vrije tijd, alsof hij wilde zeggen: het zijn ook maar gewone mensen die hun leven riskeren voor weinig geld. Vooral de ruimte die hij maakte voor de complexiteit van het leven overleeft deze geëngageerde getuige, die nooit verviel in zwart-witdenken.

‘Worldview: Photographing the World Disorder’ van Leonard Freed, nog tot 17 maart 2019 in het Joods Museum in Brussel. www.mjb-jmb.org

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n