‘Grote kunstgaleries moeten hun mentaliteit veranderen'

Op de Franse kunstbeurs FIAC zijn kleine stands goedkoper geworden om kleine galeries een duwtje te geven. ©BELGAIMAGE

In het Grand Palais in Parijs gaat vandaag FIAC van start. De belangrijkste Franse hedendaagse kunstbeurs is de eerste in een rits beurzen die de standprijzen voor grote galeries duurder maakt. Zelfs Art Basel, de grootste kunstbeurs ter wereld, volgt. Wat is er aan de hand?

Het gebeurt niet vaak dat mensen zich kandidaat stellen om meer belast te worden. Maar oproepen tot een extra taks in de hyperkapitalistische kunstwereld is du jamais vu. Toch was dat exact wat David Zwirner, de man achter de gelijknamige megagalerie en een van de belangrijkste spelers in de hedendaagse kunstwereld, voorstelde tijdens een paneldiscussie in april in Berlijn.

‘Kunstbeurzen zijn zo belangrijk, maar het is erg moeilijk voor jonge galeries om deel te nemen, en de kosten zijn hoog. Ik zou het niet erg vinden wat meer te betalen als grote galerie, zodat sommige jongere galeries hun werk op beurzen kunnen tonen’, zei hij. ‘Een beetje zoals een taks. Je verdient een beetje meer, je betaalt een beetje meer belasting.’

Zwirner kwam zo met een oplossing voor een bekend probleem: kleinere en middelgrote galeries hebben het steeds moeilijker om te overleven. Peperdure kunstbeurzen behoren tot de schuldigen. Kleinere of jongere galeries nemen daar proportioneel een veel groter risico mee dan grote en gevestigde galeries. Hun bekende kunstenaars verkopen sowieso. Op het werk van minder bekende kunstenaars dat jonge galeries naar beurzen meebrengen, liggen de winstmarges veel lager.

Door de hoge standprijzen op kunstbeurzen ontstaat een monocultuur van grote galeries en nemen standhouders almaar minder experimenteel werk mee.

Het resultaat is dat steeds meer galeries met minder experimenteel werk (lees: verkoopbaar) naar de beurzen trekken, zeggen verschillende galeristen. Weg diversiteit. In de plaats ontstaat langzaam een monocultuur van grote galeries en monopolies van de megagaleries als Hauser Wirth & Schimmel en Zwirner. ‘Het huidige systeem zit fout’, gaf Zwirner toe tijdens het panel. ‘Het is niet goed dat een paar galeries steeds meer marktaandeel opslokken.’

Robin Hood-taks

Arne Glimcher, oprichter van de bekende Amerikaanse galerie Pace, zat in het publiek. Toen Zwirner hem vanop het podium vroeg of die zijn voorstel een goed idee vond, riep hij: ‘Let’s do it.’ ‘Dan zijn we met twee,’ riposteerde Zwirner. In de zaal klonk applaus. Andere bekende kunsthandelaars als Elizabeth Dee, Almine Rech-Picasso en Thaddaeus Ropac vielen Zwirner snel bij. Journalisten spraken over een Robin Hood-taks.

Daarna bleef het stil tot september. In nog geen week tijd kondigden zowel Art Basel, Frieze Art Fair, Art Berlin als FIAC aan dat ze vanaf volgend jaar hun prijzen op gelijkaardige wijze zouden aanpassen. FIAC, de belangrijkste Franse beurs voor hedendaagse kunst, voert de veranderingen het snelst door. Vanaf de editie die vandaag begint, zien galeries met kleinere standen de prijzen per vierkante meter zakken met 5 procent naar zo’n 550 euro, terwijl grotere stands 2,2 procent meer betalen, wat neerkomt op 650 euro per vierkante meter.

Dat Art Basel, de belangrijkste kunstbeurs ter wereld, volgt, zegt veel. Marc Spiegler, directeur van het bedrijf boven Art Basel en zusteredities in Miami en Hongkong, kondigde aan dat high-end dealers meer zouden betalen per vierkante meter vanaf de Zwitserse editie van de beurs in juni. De transitie zou bij de editie in Hongkong in 2020 compleet moeten zijn.

In 2018 betaalden alle galeries in de ‘Galleries’-sectie van Art Basel 742 euro per vierkante meter. Mocht Art Basel de traditionele jaarlijkse prijsstijging van 5 procent hebben doorgevoerd, zou dat gestegen zijn naar 778 euro. In het nieuwe systeem kost een stand in de ‘Galleries’-sectie in 2019 680 euro per vierkante meter voor kleine stands, en rond 809 euro voor wie meer plaats wil.

Verder voert Spiegler allerlei andere kortingen door, onder meer een ‘first-time’-korting voor galeries die voor de eerste of tweede keer aan de beurs deelnemen. De plannen betekenen dat wie de allergrootste stand neemt op Art Basel maximaal zo’n 8.640 euro extra zou betalen. Klein bier voor een megagalerie.

Een kanttekening: nieuw is een prijs per ‘galeriekaliber’ op een kunstbeurs niet. Dure en grotere standen met een betere plaatsing en met meer voetverkeer kosten in het algemeen al meer. Ook daar zijn kleinere galeries vaak de dupe van. ‘Onze prijzenpolitiek is altijd al zo opgesteld dat de vierkantemeterprijs hoger is naargelang de stand groter is,’ zegt Anne Vierstraete, managing director van de Belgische kunstbeurs Art Brussels. ‘Waar sommige beurzen nu mee van start gaan, zijn wij al jaren mee bezig.’

Het is wel nieuw dat een beurs als Frieze Art Fair in de plaats van voor een vast bedrag opteert voor een glijdend schaalmodel en dat een beurs als Armory deze zomer al haar standprijzen liet zakken, in plaats van de prijs zoals gewoonlijk met 4 procent op te trekken.

Druppel op hete plaat

De kortingen zijn welkom. Wellicht helpt het om enkele jonge galeries over de streep te trekken om aan een grote beurs deel te nemen. Toch is het slechts een druppel op een hete plaat, zeggen kunsthandelaars. ‘Ik kan niet zeggen dat ik het prijsverschil heb gemerkt’, zegt Jan De Clercq van de Brusselse galerie Meessen De Clercq, die in een kleine stand in de ‘main section’ van FIAC een selectie werken tentoonstelt rond het thema ‘afwezigheid’ en daarnaast werken van Leon Vranken en Thu Van Tran exposeert in het Petit Palais en Centre Pompidou.

‘De standprijs is een klein deel van de totaalkosten: denk aan het verblijf, de standaankleding, de opbouw, het personeel en de transportkosten. Wij stonden vroeger op Art Basel Hongkong. De standprijs was even duur als ons transport.’ ‘Tegelijk moet je je galerie draaiende houden. Je moet ook daar verkopen en overheadkosten en personeel betalen’, zegt kunstdealer Elizabeth Dee, die de New Yorks-Brusselse kunstbeurs Independent mee oprichtte.

Dee, een kritische stem onder de Amerikaanse galeristen, zegt dat een holistische benadering nodig is. Onder meer door zoals met Independent, dat tussen 8 en 11 november in Brussel plaatsvindt, het jaar door galeries te ondersteunen met evenementen, tentoonstellingen en andere samenwerkingen. Ze is ook een voorstander van een grotere ‘kunstbeurstaks’ van 20 of zelfs 30 procent op de handvol megagaleries.

Intussen is de vraag of grote galeries de daad bij het woord voegen en meer geld in de beurspot zullen steken als het niet wordt opgelegd door beurzen. ‘Er moet een mentaliteitsverandering komen’, zegt Sofie Van de Velde van de gelijknamige Antwerpse galerie en ondervoorzitter van de Federation of European Art Galleries Associations. ‘Jonge galeries zijn nodig. Voor mensen met kleine budgetten. Jonge verzamelaars worden later ook gevestigde verzamelaars. Zo krijgen grotere galeries ook een instroom van cliënteel. Dat is op de lange termijn interessant voor iedereen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect