Huts beheert ook kunstcollectie offshore

©Dominique Provost

Permeke, Rubens, Jordaens… De kunstcollectie van de zakenman Fernand Huts is verbluffend. Hij beheert die via een stichting in het belastingparadijs Jersey. ‘Wegens de Angelsaksische aanpak van het kunstbeheer’, argumenteert Huts.

Bij elke nieuwe aankoop en bij elke nieuwe tentoonstelling, zoals ‘Oer, de wortels van Vlaanderen’ - Huts’ expositie van Vlaamse kunst die vorig jaar 60.000 bezoekers lokte naar het Caermersklooster - valt de naam van Huts’ stichting The Phoebus Foundation. Die stichting is niet in Vlaanderen, waar Huts het gros van zijn kunst bewaart, gevestigd. Ook niet in Kent, waar Huts officieel woont en evenmin in Luxemburg, waar Katoen Natie zijn officiële hoofdkantoor heeft. The Phoebus Foundation is een stichting in het notoire belastingparadijs Jersey, het grootste van de Kanaaleilanden. Het lilliputtereiland van 116 km² bulkt van de postbusvennootschappen omdat bedrijven er nul procent belasting verschuldigd zijn. Ook dividenden, intresten en royalties kan je er belastingvrij opstrijken.

©The Phoebus Foundation

Wie op Google Street View het adres opzoekt van Huts’ kunststichting, ontdekt meteen dat het om een zuivere postbusconstructie gaat. Op de eerste verdieping van een klein gebouw aan de Mulcaster Street nummer 2 in het district Saint Helier vind je zeker geen kunstcollectie. Daar werken alleen mensen van STM Fiduciaire, een kantoor dat naar eigen zeggen gespecialiseerd is in het opzetten van postbusconstructies in ‘the world’s premier offshore finance centre’.

De stichting op Jersey bestaat sinds 2 augustus 2011. Ze droeg vroeger een andere naam: ‘The Pallas Athena Foundation’, een verwijzing naar Griekse mythologische godin van de kunst, die ‘even rein als de lucht’ was.

De nieuwe naam verwijst naar de mythologische ‘Phoebus Apollo’, de beschermer van de muzen. Huts was er snel bij met zijn stichting op Jersey want dit type structuur was er amper twee jaar eerder in het leven geroepen. De voordelen zijn legio. Er zijn geen belastingen verschuldigd. Alle stichters en begunstigden mogen buitenlanders zijn en zowel hun namen als alle bezittingen die in de stichting zijn ondergebracht blijven afgeschermd voor de buitenwereld. Ook het doel van de stichting is vrij te kiezen.

Maar ook voor 2011 bouwde Huts zijn kunstimperium financieel op vanuit een belastingparadijs. Voordien werkte hij via de stichting Fondation d’Art Moderne et Textile in de ultradiscrete dwergstaat Liechtenstein. Ook die constructie bestond alleen op papier. De stichting bevond zich op het adres van een advieskantoor in de hoofdstad Vaduz.

Hoofdkantoor

Waarom beheert Huts het grootste gedeelte van zijn rijke kunstcollectie vanuit stichtingen in belastingparadijzen? Het gaat hier alleen om het ‘financiële’ luik van de constructie. Want fysiek is het merendeel van de collectie gewoon in ons land te vinden. Ze wordt hier tentoongesteld, onder andere in het hoofdkantoor van Katoen Natie in Antwerpen. Het gros wordt bewaard in het Katoen Natie Art Depot in Loghidden City in de Antwerpse haven. Ook alle praktische zaken worden hier geregeld. Dat gebeurt via twee Belgische vzw’s. Voor de ‘museale functie’ in het hoofdkantoor van Katoen Natie - zoals het organiseren van de rondleidingen en het opleiden van gidsen - bestaat al sinds 2004 de vzw Art in Headquarters.

©The Phoebus Foundation

In juni 2016 is ook de vzw Kanselarij Phoebus Foundation opgericht onder leiding van Huts curator Katharina Van Cauteren. De stichting wordt gefinancierd door Huts’ bedrijven (Indaver en Katoen Natie) die zelf vergoedingen betalen om de kunstwerken te huren.

Waarom werken met een stichting op een lilliputtereiland? Andere bekende Belgische kunstcollecties blijken met een Belgische private stichting te werken. Zo valt de Oost-Vlaamse Verbeke Foundation, die een tweeduizendtal werken omvat, onder een gelijknamige Belgische stichting in Stekene. Idem dito voor de Gentse Herbert Foundation van Anton en Annick Herbert, de Axel & May Vervoordt Foundation in Wijnegem en de Fondation ‘A’ Stichting van Guy Ullens.

Ook Marc Coucke, die een deel van zijn kunstcollectie privé verzamelt en een deel via een Belgische vennootschap, zal vermoedelijk met een Belgische stichting werken als zijn museum in Durbuy er komt.

Experten

Waarom financiert Huts zijn kunstimperium liever via Jersey? We vroegen het aan enkele fiscale topexperts. Zij gaan er prat op dat zij als adviseurs hun Belgische klanten telkens een Belgische ‘private stichting’ hebben aangeraden voor hun kunstcollecties. Ook bij ons betaalt zo’n stichting amper belastingen: slechts 0,17 procent per jaar op de waarde van het vermogen. Dat is een taks ter vergoeding van de successierechten die nooit verschuldigd zullen zijn.

‘Wie die kleine belasting niet wil betalen, zal eerder werken via een Nederlandse stichting’, menen de adviseurs. Ook als Huts, zoals zijn Wikipedia-pagina vermeldt, de toekomst van zijn privécollectie wil veiligstellen en zijn verzamelde werken niet wil verkopen ten voordele van zichzelf of zijn familie, zien de adviseurs weinig redenen om niet gewoon met een Belgische stichting te werken.

Een reden waarom mensen offshoreconstructies voor kunst gebruiken is dat er iets niet correct is met een werk of de geldbron.
Fiscale expert

‘Een typische reden waarom mensen zo’n offshoreconstructie gebruiken voor hun kunst, is dat er iets niet helemaal correct is met bepaalde werken of met de geldbron’, vertellen verschillende fiscale experts unisono.

Eén expert maakt gewag van een meer eerbare reden. Ook het streven naar discretie en privacy kan meespelen. ‘Maar dat is speculatie. Daar kan alleen meneer Huts duidelijkheid over verschaffen.’

‘Mijn Foundation is naar Angelsaksisch concept uitgewerkt volgens de strenge Jersey Law’, zegt Huts in een reactie. ‘Ik ken geen Belgische verzamelaars die een Belgische stichting voor hun verzameling hebben opgericht. Mogelijk zijn die er. The Phoebus Foundation werd opgericht onmiddellijk nadat de uitstekende wet voor foundations van kracht werd in Jersey.'

We kozen voor Jersey omdat we geloven in de Angelsaksische aanpak van cultuur en kunstbeheer.
Fernand Huts
Topman Katoen Natie

'Er werd voor Jersey gekozen omdat wij geloven in de Angelsaksische aanpak van cultuur en kunstbeheer. In de Angelsaksische wereld is er een historische traditie om met de privésector samen te werken. Dat zit ingebakken in hun manier van denken. Laten we hopen dat deze way of thinking voet aan de grond krijgt in onze contreien.’

Huts wil met The Phoebus Foundation een vooraanstaande positie uitbouwen in de globaliserende wereld. ‘De stichting werkt reeds samen met buitenlandse musea en instituten, onder andere in diverse West-Europese landen, het VK, de VS. Als Vlamingen zijn wij ambitieus en tevreden dat wij een rol kunnen spelen in het cultuur- en kunstgebeuren in de wereld.’

Het is sowieso duidelijk dat Fernand Huts de belastingparadijzen niet schuwt, ook niet anno 2018. In september 2016 bleek al dat Huts postbusvennootschappen had op de Bahama’s, in Panama (bij het sinds de Panama Papers beruchte advocatenkantoor Mossack Fonseca) én op Guernsey met een mysterieuze Mont Saint Michel Trust.

Fernand Huts koopt Collectie De Bode

Fernand Huts, de topman van Katoen Natie, heeft de Collectie De Bode gekocht. Dat is een verzameling schilderijen van Vlaamse expressionisten.

De collectie was eigendom van Herman De Bode, de voormalige topman van het adviesbureau McKinsey en ex-kabinetschef van N-VA-vicepremier Jan Jambon. De Bode is een gepassioneerd kunstliefhebber en hij had een belangrijke verzameling schilderijen van Vlaamse expressionisten in zijn bezit. Het gaat om werken van Gustave Van de Woestyne, Constant Permeke, Gustaaf de Smet, Frits Van den Berghe, Valerius De Saedeleer, Henry Van de Velde en Edgard Tytgat, de favoriete schilder van Huts. Een deel van de collectie was vorig jaar te zien op OER, de tentoonstelling in het Gentse Caermersklooster die georganiseerd werd door The Phoebus Foundation, de kunststichting van Huts.

‘Het is een schitterende collectie’, zegt De Bode, ‘maar mijn kinderen hebben er geen interesse voor en ik vond het belangrijk dat de topwerken samen blijven. Musea hebben geen aankoopbudget en Huts heeft duidelijk de ambitie om iets speciaals op te zetten.’

De Bode verkoopt zijn collectie aan Katoen Natie en niet aan de in Jersey gevestigde The Phoebus Foundation (zie hiernaast). Katoen Natie zou circa 12 miljoen euro hebben betaald voor de topwerken van De Bode. Noch De Bode noch Huts wou dat bedrag bevestigen.

Huts spendeert jaarlijks 0,5 procent van zijn omzet aan cultuurwerking. In 2016 was dat 8,1 miljoen euro. In dat jaar betaalde hij 817.000 euro voor een penseeltekening van Rubens die aanvankelijk werd toegeschreven aan Van Dyck .Op een veiling bij Christies bood hij 2,4 miljoen euro voor een portret van de 16de eeuwse schilder Jan Cornelisz Vermeyen. Voor een werk van de barokschilderes Michaelina Wautier betaalde Huts afgelopen maand 380.000 euro. Vorige maand kocht The Phoebus Foundation de Atlas Maior van de Nederlandse cartograaf Joan Blaeu voor 600.000 euro. De atlas - Unesco-erfgoed - wordt wel eens het Google Maps van de 17de eeuw genoemd.

Huts’ stichting heeft ondertussen een indrukwekkende collectie, gaande van schilderijen van Van Dyck, Jordaens, Permeke, Ensor, Magritte, Delvaux, Alechinsky, Claus, Van de Woestyne, Minne, Wouters en Tytgat tot werken van Delvoye, Minnebo en Broodthaers.

De stichting bezit ook een wereldverzameling koptisch textiel, 20-eeuwse Latijns-Amerikaanse kunst en meer dan 350 boeken over Reinaert de Vos. In het Waasland loopt nu de tentoonstelling Vossen, met het verhaal van Reinaert de Vos als leidraad. Als onderdeel daarvan is vanaf vandaag in het Mercatorhuis in Melsele de Atlas Maior te bezichtigen. Huts stak 2 miljoen euro in het project.

Via die constructies investeerde Huts miljoenen om zijn eigen belastingvrije zone Zonamerica te kopen in de Uruguayaanse hoofdstad Montevideo.

Na het uitlekken van de Panama Papers is slechts één van de twee Panamese postbusvennootschappen waarvan Huts de uiteindelijke begunstigde was, opgedoekt. Dat gebeurde in juni vorig jaar.

Huts is intussen geen Belgische belastingplichtige meer. Eind 2013 verhuisde hij zijn domicilie van Antwerpen naar Kent. Op datzelfde moment voerde België de verplichting in om deze typische postbusconstructies - van een ‘international business company’ in Panama of op de Bahama’s, een Liechtensteinse Stiftung tot een Foundation op Jersey - aan te geven in de belastingaangifte.

Zijn va-et-vient tussen Kent en België doet Huts vaak met een helikopter. Die wordt bestuurd door zijn zoon.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content