Elke tragedie leidt tot herontdekking van een klassieker

Albert Camus in 1947, die bekroond werd voor zijn 'De Pest'. ©AFP

Sinds de uitbraak van het coronavirus verkoopt 'De Pest' van Albert Camus opvallend goed. Het boek is een dissectie van een stad die gebukt gaat onder een pestplaag.

De aanslagen in Parijs van 2015 leidden tot een opmerkelijke meerverkoop van 'Parijs is een feest' van Ernest Hemingway. De brand in de Notre-Dame in april vorig jaar was goed voor de herontdekking van 'Notre-Dame de Paris' van Victor Hugo. Nu is het de beurt aan Camus en 'De Pest'.

Samen met 'De Stad der Blinden' van José Saramago was het meesterwerk van Camus goed voor een opmerkelijke stijging in de boekenverkoop in Italië. Frankrijk volgde. In twee maanden verkocht de uitgeverij Gallimard al 40 procent van de normale jaarverkoop. 'De Pest' is vaak verplichte lectuur in Frankrijk.

Nazi's

In elk geval is de roman uit 1947 het herlezen waard. Het is een observatie van een pestplaag die het Algerijnse Oran in de jaren 40 van de vorige eeuw treft. De interpretaties van de roman lopen uiteen.

In deze tijden van corona is 'De Pest' ook een minutieuze beschrijving van hoe iedereen anders met een plaag omgaat.

Zeker is dat Camus ook de impact van de 'bruine pest' (de nazi's) en het verzet ertegen voor ogen had. Hij bevestigde dat in 1955 in een brief aan de semioloog Roland Barthes. ''De Pest' is in zeker zin meer dan een kroniek van het verzet. Maar de roman is zeker niet minder', schreef Camus twee jaar voor hij de Nobelprijs Literatuur kreeg.

In deze coronacrisis is 'De Pest' ook een minutieuze beschrijving van hoe iedereen anders met een plaag omgaat. Het hoofdpersonage is dokter Rieux, die onvermoeibaar de ziekte blijft bestrijden in de armere wijken van de stad. Zijn alter ego is de verteller, die het verhaal zo goed mogelijk probeert te objectiveren. 

Afzondering

'De Pest' begint met dode ratten. Vervolgens vallen steeds meer menselijke slachtoffers. Net als nu wordt het dodental zorgvuldig bijgehouden om de evolutie van de epidemie in kaart te brengen. Het onvermijdelijke gebeurt als de autoriteiten de ernst van de plaag inzien en de stad in volledige afzondering plaatsen. 

'Vanaf dat moment was de pest zogezegd een zaak van ons allemaal. Tot dan bleven al onze stadsgenoten ondanks hun verbazing en ongerustheid over de uitzonderlijke gebeurtenissen zo goed ze konden hun beroep uitoefenen op de plek waar ze dat gewend waren. En dat zou ongetwijfeld zo gebleven zijn als niet ineens de stadspoorten waren gesloten.' Het isolement is volledig, zelfs de post wordt verboden uit vrees dat die de besmetting kan overdragen.

Naarmate de plaag erger wordt en het dodenaantal indrukwekkende proporties aanneemt, verliezen de bewoners van de stad hun greep op de gebeurtenissen. Ze ondergaan de plaag en raken steeds verder af van hun dagelijkse routine.

Personages

Camus laat in de roman verschillende personages reageren op de pest. Joseph Grand is de ambtenaar die de statistieken bijhoudt. Daarnaast blijft hij wroeten op de eerste zin van een roman die hij wil schrijven. Verder dan de eerste zin raakt hij niet, maar het houdt hem gaande.

Of Cottard, een vreemde man die blijkbaar door justitie wordt gezocht. Hij ontpopt zich als een gewiekste smokkelaar van allerlei goederen. De priester Paneloux houdt eerst een donderpreek en bezweert dat de plaag een teken van God is. Maar nadien gaat zijn geloof wankelen. Als Paneloux Rieux vraagt waarom hij zich zo hardnekkig blijft inzetten, antwoordt de dokter eenvoudig: 'Uit fatsoen.'

'De Pest' is een perfecte foto van mensen die belegerd worden door een vreselijke ziekte.

Rambert is een journalist uit Parijs die doodgraag naar zijn stad zou terugkeren. Hij wil terug naar zijn geliefde en probeert de quarantaine van Oran te doorbreken. Net op het moment dat hij ook echt kan vluchten, besluit hij toch te blijven en dokter Rieux te helpen. Net zoals Tarrou, een vriend van de dokter, die onvermoeibaar helpt in de strijd tegen de verspreiding van de pest.

Uiteindelijk lijkt een serum te werken en verdwijnt de pest langzaam, tot de plaag plots verdwenen is. Dat levert dezelfde onwennigheid op als het begin van het isolement.

Perfecte foto

Buiten de stad is het leven gewoon doorgegaan. De vrouw van dokter Rieux, die vlak voor de stad werd afgesloten naar een sanatorium was vertrokken, sterft op de dag dat de plaag voorbij is. En de plaag zelf slaat toe zonder onderscheid. Tarrou die zich dag en nacht heeft ingezet om de pest te bestrijden en levens te redden is een van de laatste slachtoffers in Oran zelf.

De stad zelf herleeft, de mensen vieren uitbundig op straat, er is vuurwerk. Rieux, die veel vrienden verloor, weet beter. 'Want Rieux wist wat die blije menigte niet wist en wat in boeken te lezen staat: de pestbacil sterft nooit en verdwijnt nooit definitief (...) en misschien komt de dag waarop, tot schade en lering van de mensheid, de pest zijn ratten wekt om ze te laten sterven in een gelukkige stad.'

Vrolijk word je niet van 'De Pest', maar het is een perfecte foto van mensen die belegerd worden door een vreselijke ziekte.

(Albert Camus, 'De Pest', De Bezige Bij, 351 blz.)

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud