reportage

‘Brussel is de verhevigde versie van België'

Pascal Verbeken. ©Saskia Vanderstichele

In zijn boek ‘Brutopia’ gaat schrijver Pascal Verbeken op zoek naar de ziel van de meest gehate stad van België. Wij liepen in zijn spoor langs twee grensgebieden die onze hoofdstad even misvormd als aantrekkelijk maken: de Europese wijk en Sint-Joost.

Na het reportageboek ‘Arm Wallonië’, waarvoor hij door het industriële bekken van Wallonië reisde, en het spoorwandelboek ‘Grand Central Belge’ maakt Pascal Verbeken (54) voor het sluitstuk van zijn trilogie over ons land een voetreis door het Brussel van Charles Baudelaire en Karl Marx, van Molenbeekse salafisten en Europese utopisten. ‘Brutopia’ verweeft met geestdrift en verwondering historische kennis met kleine, persoonlijke getuigenissen van bewoners die onze ergernis opwekkende hoofdstad proberen te doorgronden.

Europa is van oudsher een cultuurfabriek. Maar de schone kunsten ontbreken totaal in de Europese wijk in Brussel. Het lijkt meer een somber hoekje van de Londense City.
Pascal Verbeken
auteur ‘Brutopia’

In elk van de tien hoofdstukken laat Verbeken zich door een ander paar meekijkende ogen op sleeptouw nemen. Kaarten en archieffoto’s geven zin om zelf op wandel te gaan. ‘Brussel is de verhevigde versie van België’, zegt de schrijver. ‘Alle problemen van België zijn hier op microschaal aanwezig.’ Er is de institutionele goulash van bestuursniveaus waar zelfs wie in dat labyrint werkt nauwelijks uit wijs geraakt. Er zijn de verschillende opvattingen tussen Nederlandstaligen of Franstaligen over fundamentele kwesties als de institutionele wanorde, migratie of de mobiliteitsknoop die andere Europese grootsteden al eerder ontwarden.

En er is onze hoofdstad zelf. Brussel is veel door elkaar: fiere pauw, machtsbastion en stad van schaduwsteden. Nergens zie je die uiteenlopende gezichten beter dan op de plek waar we hebben afgesproken. We staan voor het borstbeeld van Robert Schuman aan de ingang van het Jubelpark. De Fransman was samen met Jean Monnet de inspirator van het plan dat tot de oprichting van de Europese Unie leidde. Het is een aandoenlijk kleine buste, voor een man die een half miljard mensen vertegenwoordigt. Verbeken grijnst. ‘Dit is de founding father van een van de belangrijkste economieën van de wereld. Het zou een buste voor een verdienstelijke dichter uit Kortrijk kunnen zijn. Was dit Amerika, dan stond hier een paleisje voor Schuman.’

Kort

Pascal Verbeken (54) is schrijver, journalist en documentairemaker. Hij brengt na ‘Arm Wallonië’ en ‘Grand Central Belge’ het derde deel uit van zijn Belgiëtrilogie: ‘Brutopia’.

Toch kon het standbeeld geen betere plek krijgen, vindt hij. Schuman staat symbolisch met zijn rug naar het Jubelpark, dat met zijn triomfboog, halfcirkelige zuilengalerij, plantsoenen en standbeelden de viering is van het patriottische België van de 19de eeuw. ‘België had toen de ambitie een van de industriële grootmachten van de wereld te worden. Dit park is de spiegel van dat stormachtige zelfbewustzijn.’

Met dat glorieuze verleden in zijn rug kijkt de ‘melancholieke oude monnik’, zoals Verbeken in ‘Brutopia’ schrijft, pal op twee grensgebieden die onze hoofdstad even ondoorgrondelijk, aantrekkelijk als afzichtelijk maken en tegelijk het Brussel van vandaag en morgen weerspiegelen: de Europese wijk en de armste gemeente van België, Sint-Joost-ten-Node. Salon en achterbuurt.

Dromen en idealen

We wandelen over het Schumanplein richting Europees kwartier met zijn onpersoonlijke hoogbouw en door leegstand ontsierde straten. Verbeken noemt de ontzielde wijk het levende bewijs dat Europa in de eerste plaats een economisch project was. ‘Europa is van oudsher een cultuurfabriek, maar de schone kunsten ontbreken totaal in de Europese wijk. Wie in deze wijk rondbanjert of met de auto door de Wetstraat rijdt, kan zich niet voorstellen te zijn aangespoeld in het hart van de hoofdstad van het continent dat Michelangelo en Bauhaus heeft gebaard, en cultuursteden als Parijs en Venetië herbergt. Het lijkt meer een somber hoekje van de Londense City. Maar goed, hier wordt dan ook gewheeld en gedeald.’

Pascal Verbeken. ©Saskia Vanderstichele

Er wordt niet enkel gemarchandeerd over Europese dromen en idealen, ook over geschikte kantoorruimte voor al die dromers en idealisten. We lopen langs de dichtgetimmerde huizen in de Pascalestraat. In ‘Brutopia’ doet een buurtbewoner zijn beklag over dit ‘lelijke, gehavende gezicht van de EU-wijk, verminkt door speculanten’. Door de hoge grondprijzen wil niemand iets kopen in deze straat. Vastgoedontwikkelaars wachten op nieuwe krotten om alles tegen de grond te slaan en weer nieuwe kantoren te bouwen. Verbeken zucht. ‘Dit zijn de duurste vierkante meters van Europa. Wie hier een huis heeft, zit op een goudader.’

Zijn boek schetst geen vrolijk toekomstbeeld van de Europese droom. Er is de pijnlijke realiteit: het Europese project dat onder druk staat nu in veel landen het politieke centrum is weggesmolten en politieke avonturiers de vrijgekomen ruimte innemen. ‘Zij haten Europa en Brussel’, zegt de schrijver. Op de esplanade voor het Europees Parlement is een betoging aan de gang. ‘Er is een grote nuchterheid neergedaald over de Europese wijk’, roept hij in ons oor. ‘Dat zie je aan de banners hier. Tien jaar geleden stortten ze de zegeningen van Europa over de Europeanen uit. Dat zelfbewustzijn heeft plaatsgemaakt voor twijfel en onzekerheid. Vandaag zijn de thema’s grenzen, immigratie en terrorisme.’

Een ander gevolg is dat de sfeer in de Schumanbubbel steeds zakelijker is geworden. ‘Wie ging vroeger voor de EU werken? Idealisten, die van overal uit Europa naar Brussel kwamen om aan de droom van Schuman en Monet te bouwen. Vandaag is de EU een jobmarkt voor mensen die de Europese wijk gebruiken om hun cv op te luisteren en ‘Brussel’ als een trampoline zien voor een topfunctie in eigen land of bij een multinational.’

Snelkookpan

Van de ontzielde stad met haar Europese salons, slinkse vastgoedspeculanten en lobbyisten gaat onze wandeling naar de vloeibare stad. Zo noemt hij Sint-Joost-ten-Node, nog geen kilometer van het Schumanplein. Sint-Joost is al jaren berucht als de armste gemeente van België. Eén derde van de bewoners vertrekt er na een jaar. Op een oppervlakte van 1 km2 tussen het Madouplein en Schaarbeek zitten 30.000 mensen en meer dan 150 nationaliteiten samengeperst. Het reële bevolkingscijfer is hoger, want minstens 5.000 illegalen worden niet meegeteld.

‘Sint-Joost is een snelkookpan’, zegt Verbeken. ‘De illegaliteit en het verloop zijn zo groot dat er weinig hechtingspunten zijn. Je hebt hier minder de kramp die je voelt als je in Molenbeek of Kuregem rondloopt. Dat komt waarschijnlijk omdat Sint-Joost een doorgangsgemeente is waar geen enkele gemeenschap dominant is. Toch maakt de gigantische armoede de toestand onrustwekkend. De enorme onderklasse is een bovenwereld geworden met een uitbuitingseconomie waar het recht van de sterkste heerst. Sint-Joost is niet de enige schaduwstad in deze stad. In de kanaalzone leeft een op de drie in armoede en werden na de aanslagen honderd vzw’s gelinkt aan terrorisme en criminaliteit. Men zegt altijd: Brussel heeft niet de problemen van de Parijse banlieus. Dat klopt, maar voer in België een strenger sociaal beleid of beperk de werkloosheid in de tijd, en het deksel kan snel van de pot vliegen.’

De superdiverse 'snelkookpan' Sint-Joost-ten-Node ligt pal naast de Europese wijk in Brussel. Salon en achterbuurt. ©pascal verbeken

‘Brutopia’ begint met een curieuze voettocht door het vloeibare Sint-Joost waar Karl Marx en zijn politieke medestander Friedrich Engels ooit broederlijk naast elkaar woonden. Op die plek in de Verbondsstraat zit vandaag het Belgische Fonds voor Beroepsziekten. Ter hoogte van het banale gebouw eindigen we onze wandeling met twee slotvragen. Komt het nog goed met Brussel? En: kan onze hoofdstad haar problemen alleen de baas? Verbeken denkt na en blaast even. ‘Brussel zal zich altijd wel uit de slag trekken, zeker? Het knelpunt is dat de problemen van Brussel groter zijn dan wat in het gewest politiek mogelijk is. Als Brussel gered moet worden, is dat op federaal niveau. Geen enkele politieke partij heeft een plan voor Brussel. Dat is het ware drama van deze stad: niemand claimt haar.’

Pascal Verbeken, ‘Brutopia: de dromen van Brussel’, De Bezige Bij, 288 blz. Verschijnt op 2 mei.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect