Een gruwelijk en teder spel

Het verhaal van Andrés Barba dringt diep binnen in de denkwereld van kinderen. ©Getty Images

Met ‘Kleine handen’ schreef de Spaanse auteur Andrés Barba een koortsig huiversprookje dat zich als een mes tussen uw ribben wringt.

Wie gelooft in de ongerepte onschuld van kinderen moet eens een paar boeken van Andrés Barba lezen. De Spanjaard zet al uw overtuigingen op de helling. Net als in het vorig jaar verschenen ‘Republiek van licht’ onderzoekt hij in ‘Kleine handen’ de ongeschreven wetten van de kinderwereld. Dat resulteert in een levensecht horrorverhaal, waarin hij de grens tussen naïviteit en wreedheid ontleedt. Kunnen kinderen zich schuldig maken aan opzettelijk geweld of niet? Die vraag hangt onheilspellend in de lucht, zonder dat een antwoord volgt.

De intens geladen novelle vertelt het verhaal van Marina, een zevenjarig meisje dat het auto-ongeluk overleeft waarin haar beide ouders omkomen. Lichamelijk is ze er slecht aan toe, maar vooral psychologisch is ze gehavend. Marina sluit zich volledig af voor haar verdriet. Als de artsen haar vertellen dat haar beide ouders overleden zijn, stort ze niet in maar blijft ze ‘naar de zin staren alsof het een vliegtuig was; ze volgde het witte condensspoor dat de woorden achterlieten van de ene naar de andere kant van de ziekenhuiskamer.’

Buitenstaander

Haar lichaam geneest, maar haar psyche blijft beschadigd en onthecht. In het weeshuis waar ze belandt, kan ze niet aarden tussen de andere meisjes. Marina blijft een buitenstaander voor de andere weeskinderen, die haar, omdat ze zo anders is dan hen, zowel beginnen te haten als te verafgoden.

Barba schrijft altijd vanuit het oogpunt van de kinderen. Hij wisselt af tussen Marina en de weesmeisjes, die een onheilspellende biecht afsteken over hun verhouding tot de nieuweling. ‘Hoe begon ons verlangen? We weten het niet. Alles was stil aan ons verlangen, zoals acrobaten en koorddansers bewegen. Het verlangen was een groot mes en wij waren het heft.’

De horror van de novelle schuilt in de alledaagse werkelijkheid. In de gruwelijke passie die bij de meisjes ontluikt.


In een paar zinnen kan Barba een compleet universum vatten. In de soberheid van zijn afgemeten, ritmische zinnen tiert een weelde aan betekenissen. ‘Haar aantrekkingskracht was zo groot dat we snakten naar haar aanraking, naar haar stem, naar haar gebaren. We wilden contact met Marina maar we wisten niet hoe we ons in die woestijn konden storten.

Tussen Marina en de meisjes ontvouwt zich een griezelig spel van macht en manipulatie, waarbij niemand ooit lijkt te winnen en een complexe haat-liefdeverhouding ontstaat. Een erotische fascinatie, die zowel liefdevol als verwoestend is. Al vanaf de eerste pagina’s staat het verhaal onder een elektrische spanning, die alleen maar stijgt. Ver buiten het bereik van de invloed van volwassenen geven de kinderen zich over aan een nachtelijk spel waarin woede en verlangen, liefde en destructie met elkaar versmelten. ‘We waren allemaal minnaars en onze liefde was het spel.’

Inspiratie voor zijn novelle vond Barba in het kortverhaal ‘De kleinste vrouw ter wereld’ van Clarice Lispector. Daarin haalt de Braziliaanse terloops een waargebeurde anekdote aan die zich ergens in de jaren vijftig in een weeshuis afspeelde. De kinderen hadden de dood van een meisje verborgen voor de zusters en het lijk in een kast verstopt. ’s Nachts speelden ze met het dode meisje, deden haar in bad en kleedden haar aan, sloegen en knuffelden haar.

©rv


‘Ik vond die anekdote bijzonder krachtig, niet omdat ze zo sinister is, maar omdat er een verhaal over liefde en fascinatie in schuilgaat’, zei Barba in een interview. Hetzelfde kan je zeggen over ‘Kleine handen’. De novelle is geschreven volgens de regels van de gothic novel, beklemmend en huiveringwekkend. Maar de grote kracht zit in de voortdurende twijfel van de kinderen tussen tedere liefde en zinnelijke wreedheid. De horror schuilt niet in het bovennatuurlijke, maar in de alledaagse werkelijkheid. In de boosaardige aantrekkingskracht en de gruwelijke passie die bij de meisjes ontluikt.

Barba dringt met een bijna griezelige precisie diep binnen in de denkwereld van de kinderen. Zijn verhaal herinnert ons eraan dat de wereld van kinderen voor volwassenen een ontoegankelijk oord is, maar dat het niet onmogelijk is hen te leren begrijpen. En dat wat er te vinden valt niet altijd even fraai en onschuldig is als we zouden hopen.

Andrés Barba, ‘Kleine handen’De Bezige Bij, 144 pagina’s.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud