Schrijver Camurri: ‘Het moet niet altijd de vader zijn die weggaat’

Voor Roberto Camurri benadert een moeder de definitie van God. ©Daniela Calzolari

De Italiaanse gezondheidswerker Roberto Camurri schrijft in zijn tweede roman meeslepend over een gezin dat kapot is geslagen door het plotse vertrek van de moeder.

Zijn gelauwerde bestsellerdebuut, ‘De menselijke maat’, speelde zich af in zijn geboortedorp Fabbrico, een godvergeten gat tussen Parma, Modena en Verona. In elf verhalen maakte Roberto Camurri (38) de dorpsbewoners deelgenoot van een driehoeksverhouding tussen een vrouw en twee mannen.

Zijn tweede roman, ‘De naam van de moeder’, speelt zich opnieuw af in Fabbrico en draait opnieuw rond drie mensen. Dit keer vormen ze een gebroken eenkindgezin. De moeder, wier naam pas op de laatste pagina valt, vertrekt en laat niets meer van zich horen. Vader Ettore en zoon Pietro, op dat moment een baby van tien maanden, blijven alleen achter. Het vertrek zal wegen op hun relatie.

Pietro verlaat Fabbrico als adolescent. Het beeld dat hij van zijn moeder heeft, is gebaseerd op de weinige verhalen die hij opving. Niemand is emotioneel in staat over het drama te praten. Iedereen houdt foto’s van haar achter. Behalve die ene keer dat Pietro op visite gaat bij zijn grootvader. ‘Het is een foto van een vrouw in een bloemenjurk, ze draagt een kindje op haar nek, een heel klein kindje, met bolle wangen, zijn ogen doen Pietro aan iemand denken, hij kijkt naar de lach van die vrouw, haar gelukkige gezicht, hij herkent zijn eigen ogen in die van haar, dezelfde tint, dezelfde oogopslag, hij luistert naar zijn opa die, nog steeds glimlachend, tegen hem zegt: kijk, dit is jouw moeder, en dit ben jij.’

De perfecte familie bestaat niet. We doen allemaal ons best om onze plek te vinden in deze wereld.
Roberto Camurri
Schrijver en gezondheidswerker

Camurri schrijft over gevoelens die mensen niet kunnen of durven uitspreken. Behalve Pietro zitten alle personages opgesloten in hun gevoelsleven. Vader Ettore is het ergst. Hij verbijt de pijn door te drinken en te ruziën met zijn zoon.

‘Ettore is een product van zijn generatie’, zegt de schrijver, videobellend vanuit zijn huis in Parma. ‘Hij behoort tot de generatie van mijn ouders: mensen die nooit hebben geleerd zich kwetsbaar op te stellen of hun twijfels te uiten. Mijn vader is ook zo. Ik ben zijn tegenpool en leef zonder emotionele filter. Dat verschil is lang moeilijk geweest tussen ons. Pas door zelf vader te worden zag ik hem niet langer als een vader, maar als een mens.’

Lijkt zijn moeder op de moeder in het boek? ‘Nee! Vrienden die tijdens het schrijfproces stukken lazen, zeiden: ‘Je weet toch dat jouw moeder een sessie bij een psychiater boekt als ze dit onder ogen krijgt.’ (lacht) Mijn moeder heeft me nooit verlaten. Ze is de beste mama van Italië.’

Camurri wilde weg van het cliché van de moeder die depressief wordt na de geboorte van haar kind. Deze moeder houdt van het leven en kiest er voluit voor. ‘Moet het altijd de vader zijn die weggaat? Een moeder die haar familie verlaat, staat op de voorpagina van de krant. Terwijl een moeder net zo goed het recht heeft om voor zichzelf te kiezen.’

Het is een gedurfd uitgangspunt voor een schrijver uit een land waar ‘la mamma’ nog altijd heilig is. ‘O, maar voor mij is een moeder dat ook’, zegt Camurri. ‘Ze benadert de definitie van God. Als man zal ik nooit kunnen begrijpen hoe het voelt een kind onder mijn huid te dragen. Dat is zoals de betekenis van God kunnen doorgronden. De dag waarop dat gebeurt, bestaat God niet meer.’

Ik heb de vrijheid om de mens achter zijn fouten te zien. Iedereen verdient een tweede kans.
Roberto Camurri
Schrijver en gezondheidswerker

‘Ik ken genoeg mensen die zonder moeder zijn opgegroeid en daar geen zware trauma’s aan hebben overgehouden. Zoals er ook mensen zijn die uit een evenwichtig gezin komen en toch op het verkeerde pad geraken omdat hun rugzak zich onderweg met stenen heeft gevuld. De perfecte familie of opvoedingssituatie bestaat niet, we doen allemaal ons best om onze plek te vinden in deze wereld. Iedereen doet dat op zijn eigen manier. Pietro door zijn geboortedorp te verlaten, zijn vader door zich in een slachtofferrol te wentelen. Maar hun band is onverbreekbaar.’

Onderdrukt geluksgevoel

Dat Camurri pas op zijn 35ste als romanschrijver debuteerde, wijt hij aan de mentaliteit in zijn geboortedorp. ‘In Fabbrico moest je voor een echt beroep kiezen. Die gekke dingen die boeken zijn, dat was iets voor in de vrije tijd. De eerste keer dat ik schreef, was ik acht jaar, op school. Aan het einde van de les nam mijn lerares het blad papier waarop ik had geschreven weg. De bitch hield me tegen het mooiste te doen dat ik ooit had gedaan. ‘

De zin om te schrijven kwam pas terug toen hij vader werd. Op een dag zag hij zijn dochter vrolijk spelen en moest hij aan zijn vader denken. ‘Hij heeft in zijn leven maar één ding gedaan. Hij was niet altijd gelukkig, al liet hij dat niet merken. Hij heeft hard gewerkt om mij een beter leven te geven dan hij zelf had. Ik moest studeren en een goede baan vinden. Maar toen ik afstudeerde, waren er geen jobs.’

Na zijn studies communicatiewetenschappen in Parma ging Camurri in de geestelijke gezondheidszorg werken. Maar er knaagde iets. Zijn dochter verdiende een honderd procent gelukkige vader, vond hij. Hij dacht terug aan het onderdrukte geluksgevoel in de lagere school. Net op dat moment raadde een vriend hem aan zich in te schrijven voor een schrijfcursus, op basis van teksten die hij af en toe op Facebook achterliet.

Roberto Camurri (38) groeide op in Fabbrico, een dorpje 50 kilometer ten oosten van Parma. Na zijn studies communicatiewetenschappen ging hij in de geestelijke gezondheidszorg werken. Drie jaar geleden debuteerde hij met ‘A misura d’uomo’ (‘De menselijke maat’), een verhalenroman die verschillende prijzen won in Italië en werd genomineerd voor de Europese Literatuurprijs. ‘De naam van de moeder’ is zijn tweede boek.

Prachtige boeken schrijven die goed verkopen is één ding. De stap naar het voltijdse schrijverschap is iets anders. Het beangstigt hem. Camurri werkt nog altijd in de geestelijke gezondheidszorg. Het is een zware job, maar hij doet ze te graag. Hij bezoekt mensen met psychische problemen, bij hen thuis. Hij praat met hen, doet de afwas, gaat met hen wandelen. Camurri stelt één voorwaarde aan zijn werkgever: hij wil de diagnose van zijn cliënten niet kennen. ‘Ik wil met hen kunnen praten zonder vooroordelen. Voorbij de patiënt, met de mens.’

Helpt zijn job als gezondheidswerker bij het bedenken van verhalen? Zo lijkt het. Camurri schrijft met veel inlevingsvermogen over de kleine kanten van de mens. ‘Ik heb de vrijheid om de mens achter zijn fouten te zien. Je vindt op deze wereld geen twee mensen die hetzelfde zijn. En iedereen verdient een tweede kans, ook de grootste crimineel. (lachje) Dat betekent niet dat je een softie bent tijdens zo’n huisbezoek. Als ik vind dat mijn cliënt zich als een eikel gedraagt, dan zeg ik dat ook.’

Het afgelopen jaar zag Camurri zijn cliënten jonger worden. Dat heeft niets te maken met de mentale stresstest die corona is, maar alles met het ontbreken van een veilige structuur. Een gemeenschapsgevoel zoals hij dat kent uit zijn jeugd. ‘Fabbrico voelde vaak beklemmend, maar we konden tenminste ongestoord buiten spelen. En als we zotte dingen deden, keek er altijd iemand mee. In heel Italië is dat gemeenschapsgevoel verdwenen. Individualisme regeert.’

‘Onze politieke klasse strekt op dat vlak ook al niet tot voorbeeld. Ik weet niet hoe het in België zit, maar onze politici zijn alleen met zichzelf en met elkaar bezig. Als we het welvaartspeil van een land afmeten aan hoe het met zijn kwetsbaren omspringt, dan doet mijn land het heel slecht. Wanneer gaan we opnieuw zorg dragen voor elkaar?’

‘De naam van de moeder’ is verschenen bij De Bezige Bij, telt 224 pagina’s en kost 21,99 euro.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud