'Melancholie II': een hypnotiserende bespiegeling over verlies en ouderdom

Een landschapsschilderij van Lars Hertervig, de kunstenaar rond wie de Noorse schrijver Jon Fosse zijn roman 'Melancholie II' schreef. ©Â© © Fine Art Images

In een bedwelmende woordenlawine haalt een demente vrouw herinneringen op aan haar pas overleden broer. Met ‘Melancholie II’ dompelt de Noorse schrijver Jon Fosse de lezer onder in een aangrijpende bespiegeling over oud worden en verlies.

In Noorwegen schrijven mensen romans over hun moeder, vader en vijf neven als ze geen broers hebben’, zei de Noorse schrijver Jon Fosse tien jaar geleden in een interview. ‘Ik haat het om privézaken in mijn geschriften te verwerken. Ik ben geen realistische maar eerder een mythische schrijver.’ 

De 60-jarige Fosse wordt beschouwd als een van ’s werelds belangrijkste schrijvers. Hij maakte in de eerste plaats naam met zijn toneelwerk waarvoor hij afwisselend gedoopt werd tot de ‘Samuel Beckett van de 21ste eeuw’ en de hedendaagse Henrik Ibsen. Zijn status in eigen land is zo groot dat hij van de regering een huis kreeg in het park van het koninklijk paleis in Oslo.

Ik ben geen realistische maar eerder een mythische schrijver.
Jon Fosse
Schrijver van 'Melancholie II'

Zowat vijf jaar geleden stopte Fosse met het schrijven van toneelstukken om zich volledig toe te leggen op proza. In die periode werkte hij aan een omvangrijke romanreeks, ‘Septologie’, waarvan vorig jaar wereldwijd de eerste twee delen verschenen, onder de titel ‘De andere naam’. Het was een literaire krachttoer in Fosses typerende repetitieve stijl.

Hypnotiserende stijl

Dezelfde haast hypnotiserende stijl is terug te vinden in ‘Melancholie II’, een korte roman die Fosse in 1996 schreef en die sinds kort in het Nederlands op de boekenplanken ligt. Zoals de titel verraadt, gaat het om een vervolg op een roman - inderdaad: ‘Melancholie I’ - die twee jaar geleden in vertaling verscheen.

Beide romans - die apart te lezen zijn - draaien om de Noorse schilder Lars Hertervig (1830-1902), voor wie Fosse een gezonde fascinatie koestert. ‘Melancholie II’ speelt zich af in 1902, kort na de dood van Hertervig. Fosse beschrijft een dag in het leven van Oline, de hoogbejaarde en dementerende zus van de schilder.

In tegenstelling tot Lars Hertervig is Oline een fictief personage. Zij woont in armoedige omstandigheden in Stavanger, op de top van een steile helling. Die moet ze elke dag af- en opklimmen om beneden aan zee vis te kopen. Het is een helse tocht voor de stokoude en versleten vrouw, die zich telkens naar boven moet slepen.

Op het secreet

Een groot deel van het boek brengt Oline, die incontinent is, door op de po of op het ‘secreet’, zoals ze haar ouderwetse toilet noemt. Daar hangt een ‘schilderwerkje’ dat ze ooit kreeg van haar broer. Zo vlak na de dood van Lars roept het herinneringen op aan hun gedeelde jeugd in een groot en arm gezin met een impulsieve vader.

Olines mijmeringen leveren een haast muzikale woordenlawine op, met een bedwelmende ritmiek.

Olines mijmeringen leveren een haast muzikale woordenlawine op, met een bedwelmende ritmiek en barstend van de herhalingen met subtiele accentwijzigingen. Daardoor wordt de lezer ondergedompeld in het eenzame lot van Oline. Het maakt van ‘Melancholie II’ vooral een integere en aangrijpende bespiegeling over ouder worden en verlies.

In een van de vele meanderende zinnen staat bijvoorbeeld: ‘nee, het is vreselijk om oud te worden en als Onze-Lieve-Heer haar nu maar tot Zich wilde nemen, kon ze maar gauw verlost worden, kon ze nu maar gauw verlost worden, denkt Oline’. Zo gaat het nog even door, zonder afgezaagd te worden. Lange zinnen zijn vaak synoniem voor barok, maar bij Fosse staat geen woord te veel.

Buitenbeentje

Als we op de herinneringen van Oline moeten afgaan - is een demente vertelster wel betrouwbaar? - was Lars Hertervig een geboren buitenbeentje. ‘Hij was een aparte, Lars. Ja dat moet gezegd worden. Altijd al een beetje apart.’ En ze beschrijft hoe haar broer worstelt met zichzelf, ‘met grote duisternis in zijn ogen, met de zwaarte van zwarte bergen en van een zwarte hemel in zijn ogen’.

Bovendien snapt de aardse Oline weinig van de verheven artistieke ambities van haar broer. In een schrijnende scène geeft de jonge Lars zich bloot door zijn zus zijn geheime werk - houtskooltekeningen op stukken drijfhout - te tonen, maar botst hij alleen op onbegrip. Ook over de waarde van de tekening die ze later van haar broer krijgt en op het secreet hangt, heeft Oline haar twijfels.

Lars Hertervig zal pas na zijn dood - in een armenhuis - erkend worden als een groot kunstenaar.

Het vreemde gedrag van Lars Hertervig is een voorbode voor de krankzinnigheid die doorbreekt wanneer hij in 1853 aan de kunstacademie van Düsseldorf studeert. Hij keert terug naar Noorwegen om er enkele jaren in een gesticht te belanden. Hertervig blijft schilderen, maar zal pas na zijn dood - in een armenhuis - erkend worden als een groot kunstenaar. Zijn werk hangt nu in de grote Noorse musea.

Manische monoloog

De inzinking in Düsseldorf en Hertervigs verblijf in het gesticht stonden centraal in ‘Melancholie I’. In twee delen, waarin hij telkens een dag beschrijft, liet Fosse de schilder zelf aan het woord in een manische monoloog. Hier maakte de bedwelmende woordenritmiek de artistieke waanzin van Hertervig voelbaar.

Het was nooit de bedoeling van Fosse het levensverhaal van Hertervig van naaldje tot draadje te documenteren. Sowieso is het de Noorse schrijver nooit te doen om een plot of simpel verhaal. Het is dat wat Fosse bedoelde toen hij zichzelf bestempelde als een ‘mythische schrijver’. Hij daagt de lezer uit, maar die krijgt er wat voor terug.

Melancholie II van Jon Fosse verscheen bij Uitgeverij Oevers in een vertaling van Edith Koenders en Adriaan van der Hoeven, telt 136 pagina’s en kost 18,95 euro

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud