Quo vadis, Madame Bridge?

©LEBOWSKI

Evan S. Connell schreef een hart verscheurend twee -luik over een schraal middenklassehuwelijk: ‘Mrs Bridge’ en ‘Mr Bridge’.

BOEK Erik Ziarczyk

‘Een totale existentiële nachtmerrie, dat is ‘Mrs Bridge’ onder de oppervlakte’, schrijft de Amerikaanse schrijver Joshua Ferris in zijn voorwoord bij de roman van Evan S. Connell (1924-2013). 55 jaar na de publicatie van dit meesterwerk uit de moderne Amerikaanse literatuur verschijnt eindelijk een Nederlandse vertaling. En de uitgever gooit er meteen ook ‘Mr Bridge’ tegenaan, de opvolger of ‘tegenhanger’ die Connell schreef in 1969, tien jaar na ‘Mrs Bridge’.

In de twee romans - die overigens perfect apart te lezen zijn - vertelt Connell over het huwelijk van India en Walter Bridge, die met hun drie kinderen in een buitenwijk van Kansas City wonen. Zoals de titels aangeven doet het ene boek het verhaal van India Bridge en het andere dat van Walter Bridge. Maar bovenal zijn het twee genadeloze portretten van een schraal middenklassehuwelijk waarin meneer de advocaat het geld binnenbrengt en mevrouw thuisblijft om voor de kinderen te zorgen.

Van de twee romans is ‘Mrs Bridge’ de beste. In 117 korte hoofdstukken zet Connell India Bridge neer als een onderdanige vrouw die afhankelijk is van haar man. Na de dood van Walter neemt zoon Douglas de rol van pater familias over, zonder veel weerstand van zijn twee zussen. En vooral: ‘Geen van allen verwachtten ze dat hun moeder beslissingen zou nemen.’ De schrijver behandelt India vaak met mededogen maar soms zet hij haar te kijk als een domme gans. Opvallend ook is de humor; sommige hoofdstukken lezen als komische sketches.

Bedrieglijk eenvoudig

Connells stijl is bedrieglijk eenvoudig. ‘Van een confuciaanse exactheid’, dixit Joshua Ferris. En zeker in het begin van ‘Mrs Bridge’ stoomt Connell stevig door: voor haar jeugd, de ontmoeting met Walter en het huwelijk volstaan de eerste twee pagina’s. De drie kinderen worden geboren in het tweede hoofdstuk, amper een halve bladzijde lang. Waarna Connell de vrijgekomen ruimte gebruikt voor zijn aangrijpende psychologisch profiel van India Bridge.

De eenzaamheid van mevrouw Bridge is bijwijlen hartverscheurend. In het hoofdstuk met de veelzeggende titel ‘Quo vadis, Madame?’ zit India voor het slapengaan voor de spiegel. ‘Ze ging door met de crème over haar gezicht te verspreiden terwijl ze zich bleef gadeslaan, zich afvroeg wie ze was en wie die man was die op de rand van het bed zijn schoenen zat uit te trekken.’ En als de kinderen het huis uit zijn: ‘Steeds vaker was het idee bij haar opgekomen dat ze overbodig was geworden.’

In ‘Mr Bridge’ maakt de lezer kennis met de leef- en gedachtenwereld van Walter Bridge. Ook hier wemelt het van de humoristische details, zoals Walters hekel aan de laffe stoofpotjes die zijn vrouw hem elke donderdag voorschotelt op de vrije dag van de huishoudster. Maar langzaam wordt duidelijk dat achter dat autoritaire pantser een getroubleerde man schuilt die geen weg weet met zijn gevoelens. Toch is ‘Mr Bridge’ niet zo geslaagd als de voorganger. De roman is minder schrijnend, misschien omdat Connell wijdlopiger is.

Hoe dan ook: met zijn van compassie doordrongen tweelingromans is Connell, die vorig jaar overleed, een ontdekking. Hij past in het rijtje van die andere onbekende Amerikaan die postuum literaire roem oogstte in de Lage Landen: John Williams. Inderdaad, die van ‘Stoner’.

Evan S. Connell - Mrs Bridge /Mr Bridge - 2014, Amsterdam, Lebowski, vertaald door Bartho Kriek, 240/344 blz. 18,90/19,90 euro.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud