interview

‘Ik laat niet over me heen lopen'

©jonas lampens

Festivals in beweging | Met de goedgevulde Belgische festivalkaart als kompas speurt De Tijd deze zomer naar evoluties in de muziek. Vandaag peilen we met boekingsagent Steven Thomassen naar de gezondheid van de Vlaamse concertindustrie.

Als kind maakte Steven Thomassen (47) graag puzzels. Dat doet de oprichter van Toutpartout, een van de grootste onafhankelijke boekingskantoren van Europa, nog altijd, maar dan met tourschema’s van artiesten. Als boekingsagent moet hij erop toezien dat de puzzelstukken van hun Europese tournee in elkaar vallen. De Limburger begon in 1994 met Toutpartout tijdens zijn audiovisuele opleiding. De kunst van het overtuigen - bands verhandelen vergt overredingskracht tegenover concert- en festivalorganisatoren - verfijnde hij als researcher bij VTM en Paul Jambers.

Toutpartout treedt voor zo’n 1.500 shows op als verbindingsman tussen artiesten en concertorganisatoren. Daar zitten veel Belgische bands bij, maar de portfolio kleurt steeds internationaler. The National en Janelle Monáe zaten ooit in zijn portefeuille. De grootste bands waarmee hij vandaag exclusief op Europees niveau werkt, zijn Beach House en Kurt Vile & The Violators. ‘Het zijn m’n ‘pr-bands’, mijn uithangborden’, zegt hij glimlachend vanachter zijn bureau in een dwarsstraat van de Gentse Vlasmarkt.

Dat Toutpartout zich vanuit ons land staande kan houden als onafhankelijk boekingskantoor is uniek in de muziekwereld, die de afgelopen twintig jaar hevige concentratiegolven doormaakte.

Waarom begon u destijds met Europese tournees?

Steven Thomassen: ‘Zoals vaak in de muziekbusiness gebeurde dat eerder toevallig. De Amerikaanse indierockband Spoon en de Engelse singer-songwriter Scout Niblett groeiden en hadden een nieuwe Europese agent nodig. Je voelt dat het klikt en denkt: waarom niet? Als Europees agent heb je het voordeel dat je hoger in de hiërarchie komt en medezeggenschap krijgt over het brede carrièreplan.’

Welke criteria hanteert u bij het selecteren van artiesten?

Thomassen: ‘Smaak is het enige criterium. Ik kan geen artiesten verkopen voor wie ik geen enkele liefde voel. Ik moet een promotor kunnen overtuigen waarom een band geweldig is. Dat lukt me niet als ik geen connectie met de muziek voel. Dit werk is mijn leven, waarom zou ik muziek verhandelen louter omdat het me geld opbrengt? Daar zou ik doodongelukkig van worden. Ik weiger constant voorstellen van artiesten. Meestal heb ik aan een foto genoeg om te weten welk vlees ik in de kuip heb. In een foute pose of hoed zit veel. Ik vergis me daar zelden in.’

De Vlaamse concertwereld wordt gedomineerd door één grote internationale speler, Live Nation van Herman Schueremans. Hoe hebt u zich als kleine speler staande gehouden?

Thomassen: ‘Geluk, passie en veel karakter. Beach House en Kurt Vile stelden niets voor toen ik met hen begon te werken. Ik had nooit durven te dromen dat het zo’n vaart zou lopen. Ik begon er niet aan met het idee dat ik veel geld aan hen zou verdienen. Wel uit passie, omdat ik enthousiast was over hun muziek. Als je hardnekkig in iets blijft geloven, komt het geluk op een bepaald moment vanzelf jouw kant uit.’

En karakter? Bent u een harde onderhandelaar?

De competitie komt van overal. Je kunt tegenwoordig zelfs studeren voor boekingsagent.
Steven Thomassen
Boekingsagent

Thomassen: (knikt) ‘Ik ben aan dit wilde avontuur begonnen in mijn slaapkamer, mijn moeder was mijn eerste secretaresse. Dat draagt bij tot fierheid over de weg die ik met mijn bedrijfje heb afgelegd. Als het over je eigen kind gaat, laat je niet gemakkelijk over je heen lopen. Hielenlikkers hebben sowieso weinig te zoeken in de muziekwereld. Ik kan stevig discussiëren over de uitkoopsom van een artiest of de plek die een festivalorganisator in gedachten heeft voor zijn line-up. Als die niet past in mijn visie op de carrière van mijn artiest, word ik onverzettelijk. Zonder die vastberadenheid was Toutpartout er niet meer geweest, denk ik.’

Is het moeilijker geworden als klein boekingskantoor?

Thomassen: ‘Zeker. De competitie komt van overal. Je kunt tegenwoordig zelfs studeren voor boekingsagent. Dat komt omdat de live-industrie financieel interessant is geworden. Toen ik 25 jaar geleden begon, was het verdienmodel zo dat artiesten hun inkomsten voornamelijk uit de verkoop van platen haalden. Concerten waren de kers op de taart. Nu is het andersom.’

‘Amerikaanse spelers kopen massaal firma’s als de mijne op. Er is ook al aan mijn mouw getrokken. Maar wie Toutpartout wil, moet mij kopen. Lees: mijn netwerk. En ik zou nooit voor een baas kunnen werken. Daar ben ik te eigenzinnig voor. Als ik zin heb, werk ik tot twee uur ’s nachts en blijf tot elf uur in mijn bed liggen. Die totale vrijheid is me veel meer waard dan een smak geld op mijn bankrekening. Ik heb ooit een huis gekocht dat ik verhuur. Dat is mijn pensioen. Ik heb geen auto meer, ik hoef geen fancy kleren.’

Trekken uw concurrenten ook aan de mouwen van uw bands?

Thomassen: ‘Voortdurend. Soms verandert een groep van Europese agent zonder mij vooraf op de hoogte te brengen. De intrede van het grote geld heeft de loyaliteit aangetast.’

Live Nation dat de zalen van het Sportpaleis gaat uitbaten? Dat zal de onderlinge verhoudingen in onze muziekbusiness serieus op de proef stellen.
Steven Thomassen
Boekingsagent

‘Het is aan mij om als hun agent een foutloos parcours te rijden. Ik kan het me niet permitteren één steek te laten vallen. Vroeger misschien wel, toen mijn bands al blij waren als ze op de grond konden slapen en gratis bier kregen. Maar op dit niveau betaal je elk foutje cash. Bands verwachten dat ze van hun tournees kunnen leven, als hun agent moet ik aan hun eisen kunnen voldoen. Als mijn tussenpersonen fouten maken, draai ik daarvoor op als eindverantwoordelijke. Ik ben zo al bands verloren aan andere agenten, ja. Dat deed altijd pijn, menselijk en financieel.’

Is de Belgische concertindustrie een gezonde markt?

Thomassen: ‘Op mijn niveau bestaat er een stevige, maar gezonde concurrentiestrijd. Ik vind het soms wel lastig als ik met een reus als Live Nation moet wedijveren voor een clubshow van een klein bandje. Dan denk ik: waar zijn we mee bezig? Maar dat is nu eenmaal het spel van vraag en aanbod. Geld heerst op alle niveaus, zelfs het allerlaagste.’

Concertbedrijf en marktleider Live Nation krijgt de uitbating van acht concertarena’s in handen, waaronder het Antwerps Sportpaleis. Welke gevolgen verwacht u van die machtsgreep?

Thomassen: ‘Het gaat de onderlinge verhoudingen in onze business sowieso op de proef stellen. Krijgen de andere grote promotoren en boekingsagenten een gelijkwaardige behandeling van Live Nation als ze een van hun artiesten in het Sportpaleis, de Lotto Arena of Vorst Nationaal willen plaatsen? Dat wordt iets om in de gaten te houden.’

U komt overal in Europa op festivals. Is ons festivallandschap echt zo uniek en veelzijdig als we van onszelf vinden?

Thomassen: ‘Misschien komt het door mijn stilaan hoge leeftijd (lacht), maar ik voel bij mijn generatie een grote behoefte aan een boutiquefestival genre Best Kept Secret of Into The Great Wide Open in Nederland. Het publiek van Best Kept Secret bestaat voor de helft uit wat oudere Belgen die verlangen naar kleiner en gezelliger. Steeds meer artiesten vinden het ook fijner om in huiselijker omstandigheden te spelen.’

‘Maar ik vrees dat het Belgische festivallandschap helemaal is volgebouwd. Mensen nemen tegenwoordig het vliegtuig naar Zuid- en Oost-Europa voor zulke festivals. Het voordeel voor mij is dat als een van mijn bands een goede beurt maakt op zo’n festival, de halve wereld het weet. (lacht) Het nadeel is dat al dat rondreizen slecht is voor het milieu.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect