Vlaamse blueszanger Little Jimmy: 'Ik was beter dan de Stones'

De Gentse zanger-gitarist Little Jimmy stond mee aan de wieg van de Belpop. ©Roger Van Vooren

In de jaren zestig speelde Little Jimmy in het voorprogramma van The Rolling Stones, zondag staat hij op Melkrock in Tielt. ‘Blues Rebel’ heet zijn comebackplaat.

De Belgische bluespionier Marc Claeys trad de voorbije zestig jaar op onder de pseudoniemen Little Jimmy en Don Croissant. Hij inspireerde Roland, toen die nog blokfluit speelde bij Miek en Roel, om een gitaar vast te nemen. Hij speelde met zijn vaste begeleidingsband The Sharks niet alleen in het voorprogramma van The Rolling Stones, maar ook van The Kinks, The Who, The Small Faces, The Spencer Davies Group en Led Zeppelin. In New York speelde hij dan weer aan de zijde van wijlen Chris Whitley, de vader van Trixie.

De titelsong van zijn nieuwe album 'Blues Rebel'.

Maar als het woord carrière viel, liep hij steeds weg, bang om toegevingen te moeten doen. Desondanks kon de Gentse muzikant Tim De Graeve alias Tiny Legs Tim, een fan, hem overtuigen om op zijn 74ste nog een nieuw album op te nemen vol garageblues. Op ‘Blues Rebel’ klinkt hij nog zoveel rauwer dan in de swinging sixties, die hij vanop de eerste rij beleefde.

Dwarsligger

Nog voor hij zijn eerste plaatje uitbracht, had Claeys al de reputatie een dwarsligger te zijn. De bakkerszoon uit Ledeberg bij Gent, die op zijn 14de zijn eerste elektrische gitaar kocht en diep onder de indruk was van de oerblues van John Lee Hooker, mocht in 1963 langskomen bij His Master’s Voice op de Koolmijnkaai in Brussel, waar toen alle grote platenlabels gevestigd waren. Hij wilde er zijn versie van het Muddy Waters-nummer ‘Got My Mojo Workin’ aanbieden.

Ik vond alleen mezelf geweldig en dacht dat ik sowieso beroemd zou worden.
Little Jimmy
Zanger/gitarist

'Maar ik werd er verwelkomd door een man in een grijze, gespikkelde kilt. Om zijn kleren niet te beschadigen had hij daar een stoffen jas over aangetrokken die bijna op de grond hing', herinnert Claeys het zich ruim een halve eeuw later nog alsof het gisteren was. 'Dat was me veel te schoolmeesterachtig, zeker voor iemand die op zijn zeventiende aan een kunstschool in het vrijgevochten Amsterdam was gaan studeren. Die opname heb ik dus geweigerd. Spijtig genoeg, want zo was mijn reputatie van moeilijke jongen gemaakt: ‘Little Jimmy, die komt toch niet, want die vindt niets goed!’ Ze hadden nog gelijk ook. Ik vond alleen mezelf geweldig en dacht dat ik sowieso beroemd zou worden. In mijn beginjaren klopte ik tijdens mijn optredens vaak alles kapot. Daar ben ik mee gestopt toen de facturen binnenliepen. (lacht) Ja, ik was ook een verre voorloper van de punk.'

Rebel without a cause

Toen de jeugdige onbezonnenheid na enkele jaren verdwenen was en zijn toenmalige producer Rocco Granata hem bovendien carte blanche gaf in de studio, kwam zijn loopbaan alsnog in een stroomversnelling. Zijn eerste single, met de nummers ‘Love at First Sight’ en ‘All I Need’, wordt intussen beschouwd als een van de beter bewaarde geheimen van de Belpop. De twee tracks die hij samen met The Sharks had opgenomen, werden in 2012 en 2013 opnieuw uitgebracht door Starman Records.

Little Jimmy & The Sharks, ‘All I Need’, 1966.

'Maar in 1966 zaten ze gewoon in de jukebox, toen de enige manier om aanwezig te zijn in de cafés en de dancings waar de jeugd uitging, kortom de YouTube en de Spotify van mijn generatie.' Het gaf Little Jimmy & The Sharks niet alleen het nodige prestige, er liepen ook meer aanvragen voor optredens binnen.

The Rolling Stones

Toen The Rolling Stones eind maart 1966 naar Brussel werden gehaald voor hun eerste Belgische concert, belden ze naar Claeys voor het voorprogramma. Anno 2019 beweert hij nog steeds dat hij Jagger en co. naar huis speelde.

De Stones waren pas doorgebroken en speelden een slecht concert. Ja, ik was beter.
Little Jimmy
Zanger/gitarist

'Het was op een zondagnamiddag in het Sportpaleis in Schaarbeek. Ik heb uiteindelijk drie kwartier gespeeld. Langer wilde ik niet, want ik moest ’s avonds nog ergens anders spelen. Zo ging dat toen. Zeven dagen op zeven spelen, en soms twee keer per dag. Voor de Stones was het, na hun ‘interview’ met Nonkel Bob, hun tweede bezoek aan België. Ze waren pas doorgebroken met ‘(I Can’t Get No) Satisfaction’ en speelden voor 5000 man een… slecht concert. Ja, ik was beter. Ik blaas die gasten weg, dacht ik. Maar investeren in mijn toekomst, nog even blijven rondhangen om een woordje te wisselen met Mick of Keith, dat was niet mijn hoofdbekommernis. In mijn hoofd was ik al de beste.'

'Noem me een rebel without a cause, naar de film met James Dean en Natalie Wood die ik in de jaren vijftig met mijn tante ben gaan kijken. Ook al snapte ik er niets van, het sprak me aan. Dat dwars zijn, besef ik nu beter, heeft me mijn carrière gekost. Omdat ik niet ging zitten kniezen op een zolderkamertje met een kachel zonder kolen, werd me soms verweten dat ik geen echte muzikant was. Maar ik had toen twee jonge kinderen! Dus nam ik ook andere jobs. Ik heb dakgoten geschilderd, ben behanger geweest, heb een restaurant opengehouden… Het leven van een muzikant was toen ook niet wat het nu is. Er was amper infrastructuur. Vorst Nationaal bestond nog niet. Voor The Who werd er een tent neergepoot in Woluwe. Ik trad meestal op in Frankrijk. Maar soms waren de contacten louche. Alle betalingen gebeurden cash, en als je niet akkoord was, dan moest je ‘maar in de fabriek gaan werken’.'

Oude blues

Het tij had misschien nog kunnen keren toen Claeys in 1973 na een optreden van The Rolling Stones in het Antwerpse Sportpaleis plots Keith Richards samen met Anita Pallenberg vertrekkensklaar in een witte limousine zag zitten. 'Hop on, we gaan naar München', klonk het. Maar ik ben uiteindelijk nooit te weten gekomen of hij me herkend had van mijn voorprogramma enkele jaren voordien, want ik keek naar mijn madame en heb het aanbod geweigerd. Iedereen in het muziekmilieu heeft me dat kwalijk genomen. Ik was een familieman geworden.'

Little Jimmy, cover ‘Baby Please Don’t Go’ uit ‘Blues Rebel’, 2019.

Later zou het bloed alsnog kruipen waar het niet gaan kon en Claeys zou in de Verenigde Staten gaan spelen met Chris Whitley, herrijzen als Don Croissant, en nu, aangevuurd door producer Tiny Legs Tim, opnieuw als Little Jimmy. 'Net als Roland vroeger kwam hij af en toe naar mijn concerten kijken om te leren. Toen ik tien liedjes klaar had, vooral eigen nummers, maar ook twee traditionals en één cover, wilde hij ze opnemen en uitbrengen op zijn nieuwe label. Ik vind mijn stem nu beter. In vergelijking met mijn beginjaren, toen ik al bij al heel lieftallig zong, klink ik nu veel ruiger. Meer zoals de oude blues. Zo kom ik nog dichter bij mezelf.'

‘Blues Rebel’ is uit op Sing My Title en wordt verdeeld door N.E.W.S. Little Jimmy speelt op zondag 11 augustus op Melkrock in Tielt.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect