Melancholie uit de Borinage: het atypisch parcours van Jean-Paul Estiévenart

Jean-Paul Estiévenart: 'Op mijn 17de spoorde ik elke dinsdagavond naar Brussel om te gaan jammen in de clubs. 's Ochtends nam ik de eerste trein terug en ging meteen naar school.' ©Kris Dewitte

Jean-Paul Estiévenart is ondanks een atypisch parcours al enkele jaren de meest gevraagde trompettist in de Belgische jazzwereld. Dit weekend stelt hij nieuw werk voor in Bozar.

‘Mijn ultieme doel is zo weinig mogelijk noten te spelen, net genoeg om de andere muzikanten op pad te zetten’, zegt trompettist Jean-Paul Estiévenart (34). ‘Miles Davis was in de jaren 1960 ook zo sober, net als Wayne Shorter later in zijn kwartet. Ze speelden één noot, maar hun groep explodeerde. Dat is maturiteit, denk ik, maar daar ben ik nog lang niet.’

Toch wordt ook Estiévenarts nieuwe album ‘Strange Bird’ gekenmerkt door dat sobere, beheerste en tegelijk erg lyrische spel, waaruit zowel een voorliefde voor jazzgrootheden zoals Chet Baker, Wynton Marsalis, Art Farmer en Miles Davis spreekt als voor klassieke muziek. Het is de eerste opname die hij met zijn nieuwe kwintet heeft gemaakt. Dat krijgt af en toe het gezelschap van de Amerikaanse altsaxofonist Logan Richardson, die hij in New York leerde kennen. Wat opvalt, is dat het in tegenstelling tot het werk van de nieuwe jazzlichting geen mengelmoes van stijlen wil zijn, maar gewoon een verzameling knappe oldskool jazzcomposities.

Estiévenart schreef ze in één ruk tijdens een kort verblijf in Spanje, het moederland van zijn vrouw, waardoor ook Iberische harmonieën het palet zijn binnengeslopen. Zelf weet hij niet waar die sobere lyriek van pakweg het openingstrack ‘Barcelona’ vandaan komt, zegt hij. ‘Ik heb altijd zo zacht gespeeld, ook toen ik alleen klassieke muziek kende. Energie hoeft niet agressief te klinken. Soms kruip ik in de huid van de luisteraar die zich na zijn werk neerploft in de zetel en niet nog eens alle richtingen wil worden uitgestuurd.’

Energie hoeft niet agressief te klinken.
Trompettist Jean-Paul Estiévenart

De melancholische inborst van de trompettist lijkt met zijn familiegeschiedenis verbonden te zijn. Hij woont intussen al jaren in Brussel, maar zijn jeugd bracht hij door in Montreuil-sur-Haine, een deelgemeente van het Henegouwse Hensies. ‘Op dat laatste stukje België dat je passeert op de snelweg richting Parijs ging in 1976 de laatste steenkoolmijn uit de Borinage dicht. Mijn grootvader was er mijnwerker-trompettist. Samen met mijn ooms speelde hij in een aantal fanfares die ook na de mijnsluiting actief bleven. Ik zag ze als klein jongetje op feesten, en als hij repeteerde - meestal in de badkamer - stond ik vaak achter de pupiter mee te kijken naar de partituur én naar hoe hij zijn mond bewoog. Waarschijnlijk is dat de reden waarom ik op mijn zesde meteen mee was met een instrument dat toch beschouwd wordt als erg lastig te bespelen.’

Straatparades

Van zijn grootvader mocht hij direct meelopen in de straatparades. Later volgde hij klassieke trompet aan de academie van Saint-Ghislain, waar de saxofonist Fred Delplanq hem op het spoor van de jazz en de improvisatie zette. ‘Een nieuwe wereld ging open. Op mijn zeventiende spoorde ik elke dinsdagavond naar Brussel om te gaan jammen in de clubs. ’s Ochtends nam ik de eerste trein terug en ging ik meteen naar school. Uiteindelijk ben ik toch maar verhuisd. Niet om te gaan studeren, want met mijn middelbare schooldiploma van meubelmaker kreeg ik geen toelating om aan het Brusselse conservatorium te beginnen. Ik ben in mijn zesde jaar dan maar met de school gestopt, zodat er nog meer tijd vrijkwam om te spelen. Kansen waren er genoeg omdat er niet zoveel trompettisten actief waren in de scene. Zo leerde ik alle mogelijke stijlen spelen: rock, salsa, bigband, vrije improvisatie…’

Topsport

Zonder hogere muziekopleiding is die veelzijdigheid ook het resultaat van een ijzeren discipline. ‘Trompet spelen is als topsport’, zegt Estiévenart, die in zijn vrije tijd tegenwoordig vooral barokmuziek studeert en graag zou samenwerken met de Duitse contratenor Andreas Scholl. ‘Als een atleet een week niet loopt, heeft hij de volgende keer zware benen. Als een trompettist een dag niet oefent, laten zijn mond- en gezichtsspieren hem in de steek. Dan wordt hij de slaaf van zijn instrument, zoals een van mijn helden Woodie Shaw ooit zei. Daarom sla ik geen dag over, ook niet tijdens vakanties. Zelfs om een heel sobere melodie te spelen, heb je veel kracht nodig. Eens je met gelijkgestemden aan het musiceren bent, denk je gelukkig niet meer aan dat foltertuig in je handen. Dan zit je in het moment.’

Grootvader

Een ontmoeting met de piepjonge drummer Antoine Pierre leidde in 2013 tot een eerste trioalbum als bandleider en een artistieke broederschap. In 2016 volgde met ‘Behind the Darkness’ een ode aan zijn geboortestreek en zijn grootvader. ‘Hij is gestorven toen ik 17 was en heeft mijn eerste stappen in de jazzwereld dus net gemist. Met die plaat wilde ik een periode afsluiten.’

De opvolger ‘Strange Bird’ is geschreven met zijn nieuwe kwintet in het achterhoofd. Daarin figureren naast Pierre ook diens ritmecollega bij TaxiWars, Nicolas Thys, gitarist Romain Pilon en pianist Nicola Andrioli. Een carte blanche voor Jazz à Liège, waarvoor hij als gastmuzikant Logan Richardson uitnodigde, en een schrijfretraite in Barcelona vormden de opstapjes voor een album waarop vrienden-muzikanten eens te meer op reis trekken met zijn melodieën in plaats van uitentreuren met hun technische bagage te pochen.

Voor Estiévenart is het creatieve hoogtepunt dat hij momenteel beleeft een reden om te stoppen met minder uitdagende opdrachten als sessiemuzikant. Enkele jaren geleden stond hij nog op het AB-podium met Noel Gallagher en Brandon Flowers van The Killers. ‘Je krijgt dan pakweg 250 euro om een repertoire voor te bereiden, terwijl de ster van de avond zelf 50.000 euro opstrijkt. Sommige vrienden nemen zulke opdrachten nog aan. Ik weiger, of vraag 1.000 euro. Dan bellen ze je na een tijd niet meer en kan je je op je eigen werk concentreren.’

Jean-Paul Estiévenart Quintet speelt op zondag 15 december in Bozar in Brussel (samen met Logan Richardson) en op 12 maart 2020 in De Bijloke in Gent. ‘Strange Bird’ is uit op Outnote Records.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud