Theatersatire op het superkapitalisme

Het theaterstuk 'JR' van FC Bergman steekt de draak met het casinokapitalisme. ©© kurt van der elst | www.kvde.

Een gehaaide 11-jarige richt met zijn handelsactiviteiten een ravage aan op Wall Street. Dat is de insteek van de ambitieuze monsterproductie ‘JR’ van het theatergezelschap FC Bergman. ‘Heel onze wereld plooit zich naar de religie van het geld.’

Het verzamelde acteertalent van FC Bergman is van geen kleintje vervaard. Het gezelschap rond Stef Aerts, Marie Vinck, Thomas Verstraeten en Joé Agemans is bekend om zijn extreem beeldende voorstellingen in schijnbaar onmogelijke decors. Voor ‘Van den vos’ bouwde het de parterre van de Bourla in Antwerpen om tot een zwembad. Voor ‘300 el x 50 el x 30 el’ sleepte het een half bos en een heel dorp op scène. Voor een locatievoorstelling bouwde het de Rubenszaal van het KMSKA na in Park Spoor Noord in Antwerpen.

Kan het nog grootser? Met die vraag trokken we naar de voormalige Electrabelsite in Schelle. De oude elektriciteitscentrale bij de monding van de Rupel is de volgende weken het decor voor FC Bergmans stuk ‘JR’. Het gezelschap kampeert er al een dikke maand voor - zo wordt gepronosticeerd in theaterkringen - dé voorstelling van het seizoen.

William Gaddis (1922-1998) geldt als een van de invloedrijkste schrijvers in de Amerikaanse postmoderne literatuur. Jonathan Frantzen was een groot bewonderaar. ‘Mr. Difficult’, noemde hij Gaddis, een verwijzing naar zijn experimenteerdrift en de inhoudelijke gelaagdheid en het volume van zijn romans.

Gaddis werkte twintig jaar aan zijn beurssatire ‘JR’, door The New York Times ooit omschreven als ‘een briljant boek dat niemand las’. In 1976 won Gaddis er wel de National Book Award mee, een van de belangrijkste literatuurprijzen in de Verenigde Staten.

Als we de loods van de centrale binnenstappen, valt ons oog meteen op een 14 meter hoge toren in het midden: het speelvlak, opgedeeld in vier verdiepingen. Jan Bijvoet en Oscar Van Rompay, twee van de hoofdrolspelers, oefenen een scène in over een notitieboekje en een waspoederdoos. Een actrice ligt met een uitgebluste sigaret in bad. Terwijl technici de laatste decorstukken aanslepen, geven Stef Aerts en Marie Vinck regieaanwijzingen aan de spelers. Een ander lid van het gezelschap, Thomas Verstraeten, filmt het gebeuren met een camera.

We nemen plaats op een van de vier tribunes rond het metershoge speelvlak. Foto’s maken mag, maar alleen voor eigen gebruik. ‘De Bergmannen willen het mysterie over den toren zo lang mogelijk in stand houden’, fluistert een productieassistente. We trippelen geruisloos de indrukwekkende toren in. De decorstukken lijken uit de seventies te komen. Op de vierde verdieping is het kantoor van het beursbedrijf Typhon nagebouwd. ’Jammer dat je Typhon moet verlaten’, lezen we op de bladrol van een typemachine.

Niet alleen het decor is spectaculair. Alles aan deze satire op het kapitalisme is groots opgezet. Een dertigtal acteurs doet mee aan de vier uur durende voorstelling, kinderen en figuranten inbegrepen. Er staat ook een cameraploeg op scène. Elke scène wordt live opgenomen en geprojecteerd op de vier zijden van de toren. Tegelijk spelen andere acteurs extra scènes die niet worden gefilmd. Op elke flank van de toren ontspinnen zich zo subplots en nevenverhalen. Afhankelijk van je zitplaats krijg je een andere voorstelling te zien.

Eén grote voorspelling

Het klinkt gewaagd en complex. ‘‘JR’ is dan ook een ingewikkeld boek’, zegt Stef Aerts, bekend van de tv-reeks ‘Callboys’ en de films ‘Belgica’, ‘Adem’ en ‘Smoorverliefd’, na de repetitie.

FC Bergman kreeg de roman uit 1975 van de Amerikaanse schrijver William Gaddis aangereikt door de theatercriticus Johan Thielemans. ‘Hij heeft Gaddis persoonlijk gekend’, zegt Aerts. ‘Gaddis was een pleitbezorger van wat hij ‘actief lezerschap’ noemde. Lezen was werken, vond hij. Dat hebben we overgenomen in ons concept. Je kan als toeschouwer kiezen om alleen naar de film te kijken, je gaat er je handen vol mee hebben. Maar je bent ook vrij om meer te investeren. Of je winst groter zal zijn, weten we niet, maar de investering is een gokje waard. Misschien ben je er niets mee en leidt het af van de hoofdzaken. Maar voor hetzelfde geld verrijken de aparte scènes je kijkervaring.’

Het zou ongeloofwaardig zijn geweest de finan ciële crisis als inzet te gebruiken voor een avondje antikapitalistisch pamflettheater.
Thomas Verstraeten
Theatermaker

Winst, gokken, investeren, verrijken. Aerts neemt de economische begrippen niet zomaar in de mond. ‘JR’ steekt de draak met het casinokapitalisme. Het verhaal: halfweg de jaren zeventig wordt de New Yorkse beurswereld opgeschrikt door een nieuwe speler. JR Vansandt is elf als hij zich na een klasuitstap naar het Wall Streetbedrijf Typhon ontpopt tot een meedogenloze beursgoeroe. Verstoken van elk moreel besef en verstopt achter een bescheiden legertje stromannen, advocaten en spindoctors legt JR zijn ‘onzichtbare hand’ op Wall Street en richt zo een ware ravage aan onder de concurrentie, op de aandelenmarkt, in het politieke bestel, maar ook onder mensen die op het eerste gezicht niets met de zaak te maken hebben.

‘Het boek is één grote voorspelling’, zegt FC Bergman-lid Thomas Verstraeten, die de cultroman mee bewerkte. ‘Bijna alles wat erin gebeurt, kan je blindelings transponeren naar vandaag. Gaddis voorspelde alle grote fraudezaken van de voorbije dertig jaar. De piramidefraude van Bernard Madoff staat er haast woord voor woord in beschreven. Het boek barst ook van de miscommunicatie tussen mensen. In de seventies van Gaddis gebeurde dat per brief, fax of telefoon. Zoveel jaren later zijn onze communicatiemogelijkheden exponentieel toegenomen, maar begrijpen we elkaar daarom zoveel beter?’

En dan is er natuurlijk het beursspel dat de 11-jarige JR verleidt en zowel grote economische spelers als gewone mensen meesleurt in zijn val. Twee van JR’s gewillige slachtoffers zijn de would-bekunstenaars Gibbs en Bast, leerkrachten van zijn school. Gibbs is eigenlijk een ongelukkige schrijver die al jaren op zijn eerste roman kauwt, Bast een amateurcomponist die verloren loopt in zijn hoofd.

©© kurt van der elst | www.kvde.

Verstraeten: ‘Het zijn kwetsbare gasten die achteloos vasthouden aan het idee dat ze geld moeten verdienen om in onze samenleving te kunnen meedraaien en succes te hebben. En het liefst zo snel en zo veel mogelijk. Daarom gaan ze in zee met JR. Maar ze gaan aan die gedachte ten onder, omdat ze zichzelf te hoge eisen opleggen. Daarin had het boek een grote voorspellende waarde. Gaddis wist in de jaren zeventig al dat onze hang naar meer-meer-meer zo’n druk op mensen legt dat ze hoofd- en bijzaken niet meer kunnen onderscheiden.’

Aerts: ‘Gaddis beschreef het kapitalisme destijds als het systeem van excessen en overdaad: te veel geld, te veel materiële spullen, te veel prikkels en te weinig aandacht voor het immateriële, zoals kunst en schoonheid. Onze bewerking gaat goeddeels over mensen die zich overeind proberen te houden in die meer-meer-meer-maatschappij.’

Existentieel

Met het vingertje wijzen doet FC Bergman niet. Nooit, eigenlijk. ‘De roman is geen links, antikapitalistisch pamflet, en dat is onze voorstelling ook niet’, zegt Aerts. ‘Heel onze wereld plooit zich al naar de religie van het geld. Waarom zouden wij op de barricades gaan staan? Het kapitalisme is geen vreselijk monster, maar een realiteit waarmee we moeten omgaan. De vraag is: hoe doen we dat?’

Verstraeten knikt. ‘Het heeft geen zin voor of tegen het kapitalisme te zijn. Het kapitalisme is zoals geboren worden of doodgaan: het is even existentieel als het leven zelf. (kijkt naar Aerts) Het zou ook ongeloofwaardig zijn geweest de financiële crisis als inzet te gebruiken voor een avondje antikapitalistisch pamflettheater. Ik bedoel: iedereen in FC Bergman komt uit de middenklasse, die crisis heeft niemand van ons echt zwaar getroffen.’

Het kapitalisme is geen vreselijk monster, maar een realiteit waarmee we moeten omgaan.
Stef Aerts, acteur en theatermaker

Heeft het stuk hen toch niet kritischer gemaakt voor het economisch systeem? Aerts: ‘‘Als je maar hard genoeg werkt, lukt alles vanzelf.’ Dat is natuurlijk een valse gedachte waar veel mensen inlopen, omdat de mogelijkheden ongebreideld lijken. Anderzijds is het ook wel interessant dat er altijd een mogelijkheid is om naar meer en beter te streven.’

‘Het kapitalisme stelt twee gigantische problemen: de immense ongelijkheid en de verwoestende klimaatopwarming die op ons afkomt’, zegt Verstraeten. ‘Dat zijn twee redenen om kritisch en waakzaam te blijven. En op persoonlijk vlak: hoe moet je, ook als kunstenaar, omgaan met de torenhoge druk en verwachtingen die dit economisch systeem ons aanpraat? (denkt na) Op zich is dat ook weer geweldig, omdat het ons pusht om zo’n grootscheepse voorstelling te maken en op onze manier iets bij te dragen, ja zelfs terug te geven aan de wereld.’

‘JR’, een productie van FC Bergman en Toneelhuis in coproductie met NTGent, KVS en Olympique Dramatique, gaat op donderdag 22 maart in première in Schelle.

www.toneelhuis.be

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content