Millennials in de marktenzaal

Harper (l.) en Yasmin zijn twee van de vijf razend ambitieuze jongvolwassenen in ‘Industry’. ©rv

In ‘Industry’ wordt een roedel eerzuchtige pas afgestudeerden losgelaten op de beursvloer van een zakenbank. De HBO-reeks is meer dan het zoveelste als fictie verpakte commentaar op bankiers als hogepriesters van het hyperkapitalisme.

H et was met enig voorbehoud dat we ‘Industry’ begonnen te kijken. Films over banken hebben weleens de neiging ver van de realiteit te staan. Bankiers en traders worden afgeschilderd als amorele, cokesnuivende zwijnen. Denk aan ‘Wall Street’ en ‘The Wolf of Wall Street’. Grote cinema, maar over de top. En de onderliggende boodschap is belerend: kijk eens welke oorden van verderf banken zijn.

Maar de nieuwe achtdelige HBO-reeks over een zakenbank in de Londense City heeft daar geen last van. ‘De meeste films over de financiële wereld bleken uiteindelijk goede rekruteringstools voor investeringsbanken. In die val wilden we niet lopen’, zegt Mickey Down, een van de schrijvers van de reeks, in een Zoom-gesprek met zijn collega-schrijver en vier castleden.

In de huidige cancel culture is minder ruimte voor het idee dat mensen van hun fouten kunnen leren. Dat is een groter probleem voor vrouwen dan voor mannen.
Marisa Abela
Actrice ‘Industry’

De glamoureuze excessen blijven binnen de perken. Dat wil niet zeggen dat er geen plaats voor glitter of haantjesgedrag is. Er wordt gefeest en gesnoven, de meeste oversten - niet allemaal - drijven hun traders ver om de hoogste winsten te halen. De balans tussen werk en privé blijkt bovendien behoorlijk zoek, al laat de bank tegenover de buitenwereld uitschijnen dat ze daarover wil waken. Als iets verschrikkelijks gebeurt met een werknemer die zijn grenzen niet stelt, gaat de directie snel over naar de orde van de dag. Het is de enige keer dat de reeks moraliserend wordt.

Hiërarchie

De sterren van ‘Industry’ zijn de vijf jongens en meisjes die worden losgelaten in een wereld die ze totaal niet kennen en waar ze zijn ingestapt om dezelfde reden: geld verdienen. De pas afgestudeerden krijgen zes maanden om zich te bewijzen. De bank pepert ze in dat iedereen gelijk aan de aftrap komt. Wie niet in staat is om te klimmen in de hiërarchie ligt eruit.

Geloofwaardig aan ‘Industry’ is dat zowel Down als zijn collega-schrijver Konrad Kay - twee dertigers uit Londen - een verleden heeft in de financiële sector. Kay werkte drie jaar voor een Amerikaanse investeringsbank, Down zat een jaar bij een fusie- en overnamespecialist in de City. ‘De meeste van mijn universiteitsvrienden gingen rechtstreeks van de aula naar de financiële wereld, dus volgde ik ze maar. Vanaf de eerste dag vroeg ik me af: hoe kan ik ooit in deze omgeving functioneren? Die gedachte is nooit weggegaan. Ik was onzeker en rusteloos. Niet toevallig gaan ook onze personages onder die gevoelens gebukt.’

Kay: ‘Wie van de unief komt, denkt dat hij volwassen is als hij op zijn eerste werkdag een pak aantrekt. We weten zogezegd welke professionele omgeving het beste bij onze persoonlijkheid past. Dat is onzin natuurlijk. Het duurt veel langer voor je ontdekt wie je bent. Veel mensen hebben daar een heel leven voor nodig.’

Het typische Engelse klassenbesef is erg aanwezig in ‘Industry’. De vijf eerzuchtige millennials die willen heersen over de handelsvloer van Pierpoint hebben zeer verschillende sociaal-economische achtergronden. Die tekent ze in alles wat ze al dan niet doen.

Vrouwen in een mannenwereld

Twee van de vijf zijn jonge vrouwen. De Afro-Amerikaanse Harper komt uit een bescheiden milieu in New York en raakt binnen in de bank met een cv dat niet volledig strookt met de waarheid. Haar achtergrond sterkt Harper in de ambitie de allerbeste van de nieuwkomers in de marktenzaal te worden. Haar drive neemt toe naarmate ze voelt dat ze omringd wordt door mensen die zijn geboren met privileges die ze niet heeft. Zoals de blanke Yasmin, die van goeden huize is, maar professioneel wat onzeker en onderdanig is. Ze botst op een baas die op haar neerkijkt, terwijl Harpers overste zich bedreigd voelt door haar mooie resultaten.

De vriendschap tussen Harper en Yasmin is het leidmotief. ‘Ondanks hun tegengestelde achtergrond hechten ze hetzelfde belang aan geld, anders zouden ze nooit bij een zakenbank werken’, zegt Myha’la Herrold, die Harper speelt. ‘Wat Harper aantrekt in de bankenwereld is dat ze in haar naïviteit denkt dat de meritocratie er fier overeind staat. Ze gelooft dat ze puur op haar capaciteiten wordt beoordeeld.’

De bank belooft dat aan de jonge nieuwelingen, maar uiteindelijk blijkt hiërarchie de koning in de marktenzaal. Al gauw beginnen andere zaken dan deals en dividenden te spelen voor wie in de bank promotie wil maken. De kwetsbare Yasmin heeft daar in het begin moeite mee, veel meer dan haar fanatieke vriendin. ‘Yasmin beschikt over een netwerk en privileges die ze kan inzetten om hogerop te raken, maar het is voor haar net heel belangrijk om het spel eerlijk te spelen’, zegt actrice Marisa Abela over haar personage.

Voor beide actrices is het hun eerste grote rol. Het was een aanlokkelijk idee om een vrouw te spelen die zich overeind moet houden in een zeer mannelijke omgeving. Als beginnende actrice herkent Abela zich in de hindernissen die Yasmin onderweg tegenkomt omdat ze een vrouw is. ‘Je kwetsbaar opstellen en durven te twijfelen is nog altijd nadeliger voor vrouwen dan voor mannen. In de huidige cancel culture (afrekencultuur, red.) is minder ruimte voor empathie of mededogen, of voor het idee dat mensen in de loop van de tijd van hun fouten kunnen leren. Dat is een groter probleem voor vrouwen, omdat onze fouten minder worden geaccepteerd. Een man komt gemakkelijker weg met grappen over zijn onvolmaaktheden. Yasmin en Harper mogen wel imperfect zijn.’

‘Industry’ gaat over de vraag welke offers je moet brengen om succesvol te zijn. Die zijn overal dezelfde.
Harry Lawty
Acteur ‘Industry’

De machistische omgeving van een zakenbank in het hyperdiverse Londen is ook het geknipte decor om het over racisme te hebben. Op een bepaald moment krijgt Harper van een collega vlakaf te horen dat ze een goede migrante is omdat ze naar Londen is gekomen om te werken. Gus, het andere zwarte personage van de reeks, krijgt wat meer krediet. Hij is een Brit met een Oxford-diploma wiens aristocratische manieren Pierpoint als gegoten zitten. Gus deelt een flat met een andere nieuwkomer, Robert, een Brit uit het arme noorden van Engeland die denkt dat een keurig kostuum en een job als beursanalist volstaan om zich te bevrijden van de gedachte dat hij uit een arbeidersmilieu komt.

Harry en Gus lijken net als Harper en Yasmin tegenpolen, en het is de vraag of hun vriendschap bestand is tegen de bikkelharde wereld waarvoor ze kozen. ‘Voor mij gaat ‘Industry’ over de vraag welke offers je moet brengen om succesvol te zijn’, zegt Harry Lawty, die Robert speelt. ‘Dat is overal hetzelfde, ook in de filmwereld. Iedereen wil mooie rollen, de concurrentie onder jonge acteurs is moordend.’

Volgens Lawty bestaan er drie criteria voor succes: hard werken, een dosis geluk om op de juiste mentoren te botsen en op tijd in de gaten krijgen wanneer je integriteit in gevaar komt. ‘Wellicht is dat laatste net iets moeilijker als de enige reden waar het om draait in jouw job geld verdienen is.’ (lachje)

Industry, Vanaf 10 november te zien op Streamz.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud