'80 procent van het textiel moet nog uitgevonden worden'

De internationaal bekroonde start-up Resortecs ontwikkelt garen dat kleding eenvoudiger te recycleren maakt. ©Tim Dirven

‘Vroeger ging het vooral over design, maar vandaag komen de spannendste vernieuwingen in textiel er onder invloed van technologie, chemie of biologie. Kleding die stress vermindert? Waarom niet?’ Een gesprek met textieltechnoloog Marc Van Parys over de materialen van de toekomst.

Wie? ‘Professor Zonnebloem’ Marc Van Parys (71) adviseert Vlaamse bedrijven als textieltechnoloog over innovaties.

Wat? Door samenwerking met disciplines als de chemie, de biologie en tech komen nieuwe ontwikkelingen in een stroomversnelling.

‘Professor Zonnebloem’ noemen ze hem. Marc Van Parys (71) is dan wel vijf jaar met emeritaat als professor textieltechnologie in Gent - waar hij met zijn onderzoekslabo TO2C meewerkte aan een heleboel innovaties - , hij blijft een spin in het web als het aankomt op innovatie in de Vlaamse textielsector. ‘Met mijn consultancybedrijf TexZeppelin - ja, ik ben fan van Led Zeppelin - werk ik al jaren mee aan heel wat projecten. Ik ben vijf jaar geleden gestopt als professor, maar ik kan het niet laten. Ik zeg altijd: ik ben veel te vroeg geboren. 80 procent van het textiel moet nog uitgevonden worden. Er is nog zoveel te doen en te ontdekken.’

De mens produceert al duizenden jaren stoffen. Kleding om het lichaam te beschermen en warm te houden, om huizen in te richten, als decoratie. Maar de innovaties waarover Van Parys spreekt, hebben weinig uitstaans met het klassieke idee van een katoenen T-shirt of voile gordijnen. ‘Vlaanderen heeft een sterke traditie in textiel, maar veel van die industrie is verdwenen. De bedrijven die overblijven, werken in een omgeving waarin ze niet kunnen concurreren op prijs. Zeker de kmo’s hebben daar de volumes niet voor. Dus zijn ze verplicht zich telkens opnieuw uit te vinden en in te zetten op innovatie.’

Vlaamse bedrijven zijn bezig met dingen als gordijnen die een waarschuwing geven als de luchtkwaliteit in een gebouw niet goed is.
Marc Van Parys
Textieltechnoloog

‘Dat raakt in een stroomversnelling. Je voelt van alle kanten dat er dingen in beweging zijn. In combinatie met nieuwe technologieën en digitalisering zijn vijf trends daarbij bepalend. De shift naar e-commerce, het terughalen van de productie naar hier - sinds de pandemie een hot topic, meer werken op maat, alles wat te maken heeft met duurzaamheid en veel meer circulair werken, en dan hightech of slim textiel.’ (lees verder onder inzet)

Van Parys tipt Vlaamse textielinnovatie (1)

Smeltgaren voor meer recyclage

De Oost-Vlaamse start-up Resortecs, in 2017 opgericht door industrieel designer Cédric Vanhoeck en zijn jeugdvriendin Vanessa Counaert, heeft ‘smeltend garen’ ontwikkeld. Vaak bestaan textielproducten zoals kleding uit verschillende materialen – meerdere stoffen, maar ook ritsen, knopen, enzovoort - en die moeten gedemonteerd worden om te recycleren. Dat is lastig en manueel werk, waardoor veel weggegooid of verbrand wordt. Het garen van Resortecs moet de recyclage een pak makkelijker en goedkoper maken: het lost op bij temperaturen van 160 à 200 graden, hoog genoeg om niet in de wasmachine te smelten en laag genoeg om in een oven weg te smelten zonder het materiaal te beschadigen. Resortec won de jongste jaren internationaal al verschillende prijzen.

‘De interesse is sinds corona enorm gegroeid’, zegt Vanhoeck. ‘We zijn in gesprek met alle grote textielmerken, van sneakers tot polo’s en rugzakken. Er zijn ook al pilootprojecten opgezet. Maar voor een echte commerciële doorbraak moet eerst de recyclagecapaciteit volgen.’ Zopas haalde Resortecs bijna 1 miljoen euro kapitaal, onder meer bij PMV, op. ‘Een deel daarvan gaat later dit jaar naar een demontageoven bij een recyclagebedrijf in België.’ Resortecs telt zes werknemers.

Babypyjama

‘Ik heb ooit samen met een Frans en een Engels bedrijf een babypyjama ontwikkeld die veranderde van kleur als een kindje koorts had’, zegt Van Parys. ‘Daarvoor gebruikten we chromosensoren. Die hebben nu almaar meer toepassingen. Zoals textiel dat preventief een signaal geeft of alarm slaat als iets niet in orde is. Lichaamstemperatuur is een belangrijke gezondheidsindicator op veel vlakken, maar het kan ook gaan om signalen geven als er een besmetting is met een bepaalde bacterie, of als de antibacteriële beschermlaag van pakweg medische kleding niet meer werkzaam zou zijn.’

‘Interieurtextiel kan ook atmosferische vervuiling opmerken. Gordijnen geven een waarschuwing als de luchtkwaliteit in een gebouw niet goed is, denk aan het ‘sick building’-syndroom (waarbij mensen last krijgen van allerlei kwalen omdat de luchtkwaliteit in een gebouw niet goed is, red.). Die dingen worden in Vlaanderen ontwikkeld.’

Interieurtextiel kan ook atmosferische vervuiling opmerken.
Marc Van Parys
Textieltechnoloog

De voorbeelden van Van Parys spreken tot de verbeelding. Britse vlaggen die tijdens het wapperen wind- en zonne- energie oogsten en dus kleine apparaten in de buurt van stroom kunnen voorzien. Kleding voor mensen met albinisme die uv-straling weert en waarbij gekeken wordt naar natuurlijke verfstoffen uit aardappelen, kool, aardbeien of kurkuma.

‘Veel inspiratie komt uit de natuur’, zegt de wetenschapper. ‘Biomimetica noemen we dat, daarbij halen we ideeën uit de trukendoos van de natuur. Herinner je je het haaienpak waarmee zwemmers de waterweerstand tijdens het zwemmen tot 7,5 procent konden verminderen? In de VS heeft het bedrijf Vollebak (van de broers Nick en Steve Tidball, die hun bedrijf noemden naar het Vlaamse woord dat ‘alles geven’ betekent, red.) een zogenaamde ‘black squid’-jas op de markt die gebaseerd is op de camouflagetechnieken van een inktvis. De evolutie is enorm.’

Van Parys tipt Vlaamse textielinnovatie (2)

Menstruatieslips tegen de afvalberg

Kathleen Peers lanceerde vorige maand met haar start-up Miokoo menstruatieslips, wasbaar en herbruikbaar ondergoed voor vrouwen met een ingebouwd maandverband. Die maken inlegkruisjes, gewone maandverbanden en tampons overbodig. ‘We hebben anderhalf jaar productontwikkeling gedaan.’ Het kruisje van de slip is gemaakt van verschillende laagjes textiel. Met haar innovatie wil Peers vrouwen meer comfort bieden, maar ook ecologisch een stap vooruitzetten: dagelijks worden in Vlaanderen meer dan 3 miljoen hygiënische verbanden weggegooid. ‘Ik denk ook na over de volgende stap: als de slipjes na een paar jaar weggegooid worden, wil ik ze hergebruiken voor hangende tuinen. Maar dat is een meerjarenproject.’

‘Vroeger hadden innovaties in textiel te maken met design of styling. Vandaag gaat het veel meer om functionele eigenschappen: textiel dat antibacterieel is, extra comfort geeft, materialen met ingebouwde airconditioning of zelfherstellende materialen. Kleding die stress vermindert? Waarom niet? Een paar Europese onderzoekscentra kijken naar nanotechnologie om textiel te maken dat ingezet kan worden bij de behandeling van huidkanker. Veel vernieuwing komt ook van experimenten in militaire toepassingen of ruimtevaarttoepassingen. De NASA ontwikkelt biosensoren voor ruimtevaarders of voorziet ruimtepakken van zelfhelende kwaliteiten. Dat sijpelt door naar sport- of vrijetijdskleding.’

Veel doorbraken komen voort uit samenwerking. ‘De evolutie naar veel slimmere materialen is mogelijk geworden omdat er veel meer kennisoverdracht is in de hele keten: tussen textiel en chemie, elektronica, de medische wereld’, zegt Van Parys. ‘Nieuwe ontwikkelingen komen uit krachtenbundelingen van textieltechnologen, ontwerpers, ingenieurs, biologen, media-experts, enzovoort. De tijd dat een bedrijf op zijn eentje kon pionieren, is voorbij. Maar goed ook, want krachtenbundeling zet veel in beweging.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie