analyse

Elektrische deelsteps, sterke magneet voor grote investeerders

©filip ysenbaert

Ze maken vooral verlies en verkeersslachtoffers en eindigen nogal eens roemloos in een kanaal. Toch blijven elektrische deelsteps moeiteloos miljoenen vers geld aantrekken. Van Google-moeder Alphabet tot de familie Boël: allemaal zijn ze in de ban van de e-step. Wat is het geheim?

Het was toch wel een kleine verrassing: de investeringsmaatschappij Sofina van de familie Boël kwam vorige week uit de bus als de grote financier van een kapitaalronde van 85 miljoen euro bij het Frans-Nederlandse deelstepbedrijf Dott. Deelstepbedrijven leken lang het terrein van Sillicon Valley-bedrijven met reusachtige ‘moonshot’-budgetten, maar niet van familiale investeringsgroepen als Sofina, die doorgaans niet op een ‘folie’ te betrappen zijn. Is er dan toch geld te verdienen met rondslingerende deelsteps?

De 85 miljoen euro, waarvan Sofina een aanzienlijk - details ontbreken - deel voor zijn rekening neemt, volgt op eerdere kapitaalrondes waarbij Dott sinds zijn oprichting in 2018 al ruim 120 miljoen euro ophaalde. Het geld wordt gebruikt voor de verdere Europese expansie en een uitbreiding van het gamma: behalve elektrische deelsteps gaat het bedrijf in Londen ook elektrische deelfietsen stallen.

Waar gaat het over?

De familie Boël stort zich via Sofina vol overgave op de volatiele markt van de elektrische deelsteps. Is er dan toch geld mee te verdienen?

Wie zijn de hoofdrolspelers?

Aanvankelijk waren dat vooral techbedrijven als Google-moeder Alphabet en Uber. Maar stilaan doen ook gevestigde namen als Sofina en EQT van de Zweedse familie Wallenberg mee.

Waar ligt de knoop?

Er is een grote concurrentieslag tussen vergelijkbare spelers. Corona heeft de gebruikers weggejaagd en er is bijna niemand die al winst maakt.

De Boëls zijn lang niet de enigen. Alleen al bij Dott wemelt het van de grote namen uit de internationale investeringswereld. Ook EQT, het hippe investeringsvehikel van de Zweedse familie Wallenberg, deed al voor de tweede keer mee aan een kapitaalronde bij Dott. Verder is Sofina bij Dott in het gezelschap van de beursgenoteerde investeringsmaatschappij Prosus, die haar oorsprong heeft in het Zuid-Afrikaanse Naspers. Dat oorspronkelijke krantenhuis kreeg goud in handen toen het lang voor de doorbraak van de techreus Tencent een belang van 30 procent verwierf in de eigenaar van WeChat, het alles-in-een-socialemedium van China. Tencent wordt inmiddels gewaardeerd op meer dan 600 miljard  euro. Als kers op de taart stapte naast die investeringsmastodonten ook de Nederlandse staatsholding InvestNL onder leiding van voormalig minister van Financiën Wouter Bos in.

Dott is een van de grootste aanbieders van elektrische deelsteps in Europa. In Nederland opgericht door de Fransen Maxim Romain en Henri Moissinac heeft Dott de afgelopen drie jaar ruim 30.000 elektrische deelsteps verspreid over steden in vijf landen. Erg goedkoop zijn de deelsteps niet. Met een startprijs van 1 euro per rit en 23 eurocent per minuut kost een ritje van een kwartier bijna 4,5 euro. Voor een pendelaar is dat bijna 9 euro per dag. De tarieven van Dott liggen daarmee in lijn met die van de concurrerende merken.

Dott is lang niet de enige aanbieder van elektrische deelsteps die gerenommeerd geld aantrekt. De grootste twee Amerikaanse spelers Lime en Bird haalden de afgelopen jaren met twee vingers in de neus samen meer dan 1 miljard dollar vers geld op bij onder meer Uber en Google-moeder Alphabet. De verwoestende manier waarop de coronacrisis ook bij de deelstepbedrijven huishield, heeft de appetijt van investeerders niet geminderd. Hoewel in de eerste maanden van de crisis het gebruik van deelsteps met meer dan 75 procent instortte, gingen de kapitaaloperaties vrolijk door. Het Duitse Tier Mobility haalde eind vorig jaar nog 250 miljoen dollar op bij onder meer Softbank en kreeg een waardering van meer dan 1 miljard dollar opgekleefd.

Veel rendement hebben die grote investeerders nog niet gehaald uit de deelstephype: financieel waren het vooral zwarte gaten. Het extra geld dat wordt opgehaald, is niet alleen voor de noodzakelijk geachte snelle continentale expansie, maar ook voor het dempen van verliezen.

Schaalgrootte

Al voor de corona-uitbraak vond tussen de deelstepbedrijven een nietsontziende strijd plaats. De explosie aan concurrentie is een rechtstreeks gevolg van de lessen die ondernemers en investeerders trokken uit de vroegere jaren van e-commerce en de deeleconomie. De drie Duitse Samwer-broers van Rocket Internet bewezen dat wel degelijk veel geld te verdienen is met het concept ‘beter goed gejat dan slecht bedacht’ toen ze 15 jaar geleden met Zalando een Europese kopie van de in de VS succesvolle onlineklerenwinkel Zappos.com uit de grond stampten. Zappos kon vervolgens de verovering van het Europese continent vergeten. Uber merkte na zijn succesvolle opstart al snel dat in tal van andere landen copycats opdoken die het vervolgens niet meer uit de markt gedrukt kreeg.

Financieel waren de e-steps vooral zwarte gaten. Het geld dat wordt opgehaald, is niet alleen voor de snelle continentale expansie, maar ook voor het dempen van verliezen.

De enige remedie daartegen is schaalgrootte: zo snel mogelijk op zo veel mogelijk plaatsen aanwezig zijn. Dat is wat de Amerikanen van Bird en Lime de voorbije drie jaar deden: in een verwoestend tempo op zo veel mogelijk plekken het terrein innemen door duizenden elektrische steps te plaatsen. ‘‘Speed to market’ is driekwart van de concurrentie’, zei Lawrence Leuschner, de oprichter en CEO van Tier, anderhalf jaar geleden nog. De honderden miljoenen investeringsgeld werden massaal uitgegeven aan de aankoop van elektrische steps, die meestal bij het Chinese Segway-Ninebot worden besteld. De haast was soms zo groot dat de nieuwe e-steps per vliegtuig naar nieuw te veroveren steden werden gevlogen.

Behalve met de moordende concurrentie worstelen alle deelstepbedrijven met vandalisme: de 500 tot 700 euro per stuk kostende deelsteps worden nogal eens door onbekenden gesloopt of in een kanaal gegooid. Dat vreet behoorlijk aan de winstmarges.

Daar komt bij dat deelsteps kampen met een slecht veiligheidsimago. Er gebeuren nogal wat ongelukken mee. Volgens een onderzoek van een Californisch verkeersbureau gebeuren met deelsteps 22 keer meer ongelukken dan met
auto’s en 44 keer meer dan met motoren. Veiligheid is ook de hoofdreden dat Sofina-investering Dott nog niet actief is op de Nederlandse thuismarkt. Daar zijn de regels voor elektrische steps zeer streng sinds het ongeluk met de Stint-bolderkar in 2018 waarbij vier kinderen om het leven kwamen. Ook de aansprakelijkheid bij verzekeringskwesties verschilt van land tot land en is niet altijd even duidelijk.

En dan is er nog de coronacrisis. Die veegde vorig jaar zowat 75 procent van al het deelstepverkeer weg. De tweewielers werden in het begin van de crisis door een aantal uitbaters zelfs helemaal van de straat gehaald. Ondertussen zijn ze terug, maar de gebruikersaantallen zijn nog altijd gedecimeerd. Bird, dat in 2017 als
eerste met elektrische deelsteps begon en korte tijd ruim 2 miljard dollar waard was, moest vorig jaar opnieuw bij zijn geldschieters aankloppen. Het kreeg 170 miljoen dollar van onder meer Uber, maar wel tegen een tot 500 miljoen dollar gekrompen waardering.

‘Last mile’

Dat gerenommeerde investeerders als Sofina en EQT desondanks vol inzetten op de deelsteps is met het oog op de langere termijn. Het maakt niet uit welk adviesbureau je het vraagt, van KPMG tot IHS Market en Accenture, allemaal voorspellen ze ook na corona een gigantische markt voor alles wat valt onder de containerterm ‘micromobiliteit’. Dat zijn niet alleen deelsteps, maar ook (elektrische) fietsen, scooters, bromfietsen en skateboards: stuk voor stuk vervoersmiddelen om in een stedelijke omgeving de fameuze ‘last mile’ af te leggen. Zowat alle deelstepbedrijven hebben inmiddels een tweede of derde vervoersmiddel in hun gamma.

Daar is het ook Sofina om te doen. Als toelichting bij de investering in Dott zei topman Harold Boël dat hij ‘ernaar uitkijkt het bedrijf te helpen mee de toekomst van het verkeer in de stad te helpen uit te tekenen. Het is duidelijk dat de conventionele stadsmobiliteit niet langer houdbaar is.’ McKinsey, ook een adviesgigant, rekent erop dat micromobiliteit tegen 2030 goed is voor een wereldwijde jaaromzet van 300 tot 500 miljard dollar.

Door te werken met verwisselbare batterijen moet veel minder met steps gesleurd worden.

Maar omzet is nog geen winst. Die moet na de eerste groei-jaren nu volgen. Het
Duitse Tier Mobility zegt sinds afgelopen zomer winst te draaien en de aankoop van nieuwe steps met bankkredieten te kunnen financieren. Vers geld van investeerders wordt niet meer gebruikt om operationele tekorten bij te passen, maar louter om te groeien. Dott zegt

Een van de belangrijkste redenen voor die winst is heel eenvoudig: de verwisselbare batterij. Met afstand de grootste kostenpost voor de deelstepbedrijven zijn de rondrijdende teams die steps met een lege batterij ophalen en vervangen door steps met een volle batterij. Door te werken met verwisselbare batterijen moet veel minder met steps gesleurd worden. Ook Dott introduceerde een jaar geleden de verwisselbare batterijen. 'Maar we waren zelfs daarvoor al winstgevend in Brussel', zegt Dott-mede-oprichter Romain.

Tegelijk verwachten analisten dat de markt voor elektrische deelsteps na corona niet alleen snel herstelt, maar ook stevig doorgroeit. De crisis heeft de broodnodige consolidatie in de sector extra vaart gegeven. In Brussel zijn er van de zeven aanbieders in 2019 nog drie over: Bird, Lime en Dott.

Veel grote Europese steden gebruiken coronarelancegeld om de aanleg van fiets
paden een boost te geven. Steden met een goede infrastructuur voor fietsen zijn ook een ideaal podium voor deelsteps en hun micromobiliteitsbedrijven. Ook zouden pendelaars straks uit hygiënisch oogpunt wel eens de deelsteps kunnen verkiezen boven openbaar vervoer als de tram of de bus.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud