De krant die met een schlager begon

©RV DOC

Het was een woensdag en onder De Financieel Economische Tijd stond: ‘1° Jaargang nr. 1.’ Dat was op 3 januari 1968. Vijftig jaar later bladeren we terug in die eerste krant. Ze kostte 5 frank.

Wat op de voorpagina van die eerste krant stond, moet hier niet nog eens worden geschreven. U vindt ze hiernaast. Toch één detail: het duurt welgeteld twee berichten voor de eerste tikfout in De Financieel Economische Tijd opduikt. In de kolom ‘Buitenland’, het tweede bericht, onder de titel ‘Vietnam: nieuwe gevechten’ We lezen: ‘Prins Norodom Sihanoek van Cambodja heeft maandag verklaard dat hij de Amerikanen geen stilzwijgende toestemming af om met de wapens in de hand op Cambodjaans grondgebied te komen.’ Iemand vergat de g.

Die voorpagina hangt ingelijst op de redactie vandaag, het boek met daarin een bundeling van de eerste drie maanden zit in een archief. Dat boek ruikt ook naar archief. De bladzijden voelen ruwer aan. We slaan open.

Aan foto’s doet deze krant niet, die eerste dag. Ze telt 14 bladzijden en drie foto’s. Eén bij de ‘Boodschap van de Voorzitter’ (die ziet u) en binnenin twee op pagina 6 bij wat eigenlijk het enige interview in die eerste krant is. Al heet dat een ‘vraaggesprek’, bij de ‘Officiële inhuldiging van de nieuwe kantoorgebouwen der N.V. Fourisol.’ De grote foto is dat gebouw en beneden staat een beeld van vier wat oudere mannen in pak, van wie er maar drie worden genoemd: de Heer Vriens, Burgemeester Kiebooms en Minister Grootjans.

Nader uiteenzetten

De taal is formeel: ‘Na de prachtige kantoren bezichtigd te hebben, staken we van wal en onze eerste vraag betrof de thermische isolatie.’ Dan volgt die eerste vraag: ‘V. – U zegde in uw rede dat de gezamenlijke isolatiefirma’s in België nog plaats hebben voor duizend geschoolde arbeiders. Hoe verklaart U dat?’ Het antwoord: ‘A. – Wel, wat Rotterdam 10 jaar geleden doormaakte, beleeft thans Antwerpen en zal binnenkort ook het zuiden van België beleven.’ Dieper in het gesprek volgt een nog vertederender vraag: ‘V. – Wilt U dat eens nader uiteenzetten?’

Lachen met de taal van toen zou wat gemakkelijk zijn. Hooguit past een meewarige glimlach.

Lachen met de taal van toen zou wat gemakkelijk zijn, maar het is nergens voor nodig. Hooguit past een meewarige glimlach. Zelfs een dankbare: zonder die eerste woorden ook deze woorden niet. En de auteur van dat eerste ‘interview’ - die niet wordt genoemd, ook dat valt op, journalisten waren anoniem - raakt absoluut de kern aan met die eenvoudige ‘wilt u dat eens anders uitleggen’-vraag.’

Vragen, bevragen, nog eens vragen, zorgen dat de lezer - voor wie de krant gemaakt werd en wordt - mee is met het verhaal en niet verzuipt en verdrinkt in een specialistische brij. Al is het slot wel nog grappig. Dat gaat zo: ‘Hoe de Heer Vriens voortdoet bleek wel uit het verloop van ons gesprek waarbij wij getroffen werden door het enthousiasme en dynamisme, dat deze betrekkelijk jonge industrieel nog steeds bezit.’

De krant is ontegensprekelijk informatief, met een socio-economische bril. De voorzitter schreef het al: ‘Deze krant dient thans te worden uitgebouwd tot een volwaardig ‘instrument’ ten bate van de ganse Vlaamse economie.’ En elke pagina is doordesemd van dat idee. In een bericht over de fiscale ramingen voor 1968 (240,6 miljard, we rekenen nog in Belgische frank in 1968), een pagina verder in een stukje onder de titel ‘Wat nu met de B.T.W.?’ en in terugblikken op 1967 voor de provincies West-Vlaanderen (‘Hard werkende kustprovincie’), Limburg (‘Totaal nieuwe oriëntering’) en Oost-Vlaanderen (‘Potentiële kansen’). Met bijschrift: ‘De provincies Antwerpen en Brabant zullen in een van onze volgende edities worden behandeld.’

Die artikels dieper lezend zie je pijnpunten die herkenbaar zijn. In Limburg is de mijn van Zwartberg in 1966 gesloten, op 1 januari 1967 is de ontmanteling ervan stopgezet wat tot werkloosheid leidt. Het woord ‘reconversie’ valt dan al en er is sprake van conjunctuurgevoelige sectoren in de gewestelijke economie: automobielproductie en elektrische apparatuur. Vijftig jaar later zijn, na alle mijnen, ook Ford Genk en Philips Hasselt weg.

Vijf van de 14 bladzijden in die eerste krant zijn voorbehouden voor beurscijfers. Iemand moet die allemaal hebben ingetikt. De dollar is 49,65 frank waard. Op de Beurs van Brussel zie je categorieën als ‘metallieke en mechanische Fabricaties’, ‘plantages en veeteelt’ en ‘spiegelglasfabrieken en glasblazerijen’. Er is ook een Fonds- en Wisselbeurs van Antwerpen en een rubriek met als titel: ‘Aandeelhouders, denkt u er aan!’ Daarin komen gratis toekenningen van effecten en aangekondigde uitgiften.

En helemaal onderaan, in het laatste hoekje dat nog moest worden gevuld, in een kadertje, een tip voor de beste belegging: ‘Een aangewezen zakengeschenk: een abonnement op de financieel-economische TIJD.’ Zo geschreven en zo gedrukt. De beste belegging is de krant zelf.

Metalen rekken

Hoe zou dat zijn gegaan, die eerste krant voorbereiden? En hoe zou de advertentiedienst de markt op zijn gegaan? Wat waren de tarieven? In oude boeken moet dat terug te vinden zijn, in dit boek is alleen het resultaat te zien.

3
Aan foto’s doet deze krant niet, die eerste dag. Ze telt 14 blad zijden en drie foto’s.

We tellen 18 advertenties. Linksboven op de voorpagina de eerste, met een knipoog: ‘De verlichting van uw tijd. Technitole.’ Mannen droegen nog pakken. ‘Uw meester-kleermaker Manonfect. Voldoet aan al uw wensen. Stads-, sport- en avondkleding. Heren – dames – kinderen.’ Er wordt nog gerookt, dikke sigaren zelfs: ‘Corps Diplomatique, de sigaar met standing.’ Ze waren hofleverancier, al zit een foto van een rokende koning Boudewijn niet meteen in het geheugen.

Banken vragen geld van de lezers, zij het via een omweg. ‘DROOM NIET MEER VAN EEN WAGEN, KOOP HEM ONMIDDELLIJK!’, met de hulp van de Bank van Brussel. Air France doet lezers dromen van een reis naar Zuid-Amerika: ‘Een reis zonder voorgaande! Het raadselachtige Amazonie.’ Comadi - echt waar: de ‘Nationale Belgische Commissie voor de Bevordering van het gebruik van Dikteerapparaten’ - adverteert.

Het Instituut voor Sociale Wetenschappen stelt vragen en geeft antwoorden over marketing. Dat is wel grappig. ‘Is kennis van marketing voor de zakenman onmisbaar? Nee, dat is iets te sterk gezegd. Wel wordt die marketing zeer snel onmisbaar.’ En, dan al, promoot Siemens computers. Weliswaar met een foto van een zaal vol apparatuur bij deze slogan: ‘Automatisering bepaalt de toekomst, ook in de informatieverwerking’.

Er is één paginavullende adverteerder en dat is Redirack, een Brussels bedrijf dat metalen rekken produceert ‘met tien jaar waarborg’. Het bedrijf ging in mei 2005 failliet, maar werd een maand later alsnog gered door een overname. Het doet vandaag wat het toen deed, maar nog beter, blijkt op zijn site onder de titel ‘Storage Systems voor Life’. ‘Als U onze producten met zorg behandelt en ze niet voor een verkeerde toepassing gebruikt, zullen die dan ook levenslang meegaan.’ Dat is langer dan tien jaar.

Ligplaatsen

Een beetje nostalgicus blijft bladeren in die eerste krant. Je leest de aandoenlijke rubriek ‘Zeevaartverkeer’, die de ligplaatsen ‘der’ zeeschepen meedeelt. De namen doen van reizen dromen: de Xingning, de Ventoux (vreemd wel voor een schip), zelfs de Mercator, de Patagonia. Je leest het bericht dat in de week van 26 december tot 1 januari 1.641 ongevallen gebeurden en dat bij die ongevallen 27 personen ter plaatse om het leven kwamen. Dat is veel. Je leest in een kolommetje dat de B.R.T. die avond om 21.30 uur ‘Het gelukkig gezin. Gezin en tegenslag: een gehandicapt kind’ uitzendt. Je leest dat een jaarabonnement 1.000 frank kost.

3 januari 1968. We slaan het boek dicht. Al kijken we nog één keer naar het slot van het ‘Vraaggesprek’ met de Heer Vriens. Zijn laatste citaat is dit: ‘Binnenkort komen we met nog een nieuwigheid, die in Amerika een schlager is en zo zoeken we verder en doen voort.’ Een schlager in De Tijd? Zelfs toen was dit al een frivole krant.

Lees verder

Advertentie
Advertentie