Jeroen Cappaert: ‘We verzamelen big data, 450 kilometer boven de aarde'

©Tommy Chandler

Jeroen Cappaert luistert naar de wereld vanuit de ruimte, met minisatellieten die maar even meegaan. ‘Zoals je een smartphone ook na twee jaar vervangt.’

Voor de Belgische ruimtevaartondernemer Jeroen Cappaert draait het niet om raketten bouwen of ruimtereizen maken. Met tientallen minisatellieten verzamelt zijn bedrijf Spire big data op een unieke manier en op een unieke plaats. ‘Weersvoorspellingen moeten daardoor 30 procent accurater kunnen. En we helpen in de strijd tegen illegale visvangst.’

‘Het was een redelijk heftige periode. Fotoshoots. Interviews. Al die aandacht. Een intense ervaring’, blikt Cappaert terug op de eerste weken van 2016. De Belgische twintiger had net een plaatsje bemachtigd in de Forbes 30 under 30, de lijst met dertig jonge en beloftevolle ondernemers/ wetenschappers van het prestigieuze Amerikaanse zakentijdschrift. ‘Het was een grote eer natuurlijk. Of de erkenning terecht is, moet de toekomst uitwijzen. Mijn eigen succes kan ik alleen maar meten aan het succes van ons bedrijf’, zegt Cappaert.

50 Vlamingen to watch

De Tijd viert zijn 50ste verjaardag. In plaats van terug te blikken, blikken we vooruit. Daarom zetten we 50 Vlamingen in de kijker die de toekomst zullen maken.

U vindt meer interviews op www.tijd.be/50towatch

En dat zit goed. Met Spire maakt Cappaert, een van de drie oprichters en nu chef technologie, een steile opmars in de ruimtevaartindustrie. Forbes tipte Spire vorig jaar als een van de ‘next billion dollar start-ups’, waarna de investeerders toestroomden en nogmaals 70 miljoen dollar in het bedrijf pompten om een versnelling hoger te schakelen. Om maar te zeggen, Cappaert en Spire zijn op dreef.

Het bedrijf schoot zes jaar geleden uit de startblokken. Het was een van de pioniers in de wereld van cubesats. Kleine satellieten ter grootte van een schoendoos. ‘Veel van de technologie die we gebruiken, bestond al. Het gaat deels over dezelfde elektronica als die in smartphones. Er was gewoon een dude nodig die zei: ‘Kom, we gaan dit doen. We gaan dit commercialiseren en er een businessmodel rond maken.’ Dat hebben we gedaan.’

De satellieten van Spire pikken via radiofrequenties data uit de ruimte op. ‘We maken geen beelden vanuit de ruimte. We zijn niet de ogen, maar de oren in de ruimte’, klinkt het. ‘Big data zijn de toekomst. Wij verzamelen die op een plek en op een manier zoals niemand anders. Dat is onze kracht.’

Olietankers

Een 60-tal cubesats van Spire zweven 450 kilometer boven de aarde om bijvoorbeeld schepen te tracken. ‘Die hebben een transponder aan boord die om de zoveel tijd een signaal uitstuurt met info over onder andere de positie en de snelheid. We pikken die signalen op en brengen de scheepvaart in kaart. Dankzij ons netwerk van satellietjes doen we dat de hele dag door, in plaats van een of twee keer een momentopname.’

Jeroen Cappaert geselecteerd omdat het tijdschrift Forbes zijn databedrijf Spire tipte als ‘next billion dollar start-up’, waarna investeerders er 70 miljoen dollar in pompten.

Onder andere investeringsfondsen en oliehandelaren betalen Spire om toegang te krijgen tot die database. ‘Hoeveel olietankers zijn op weg van het Midden-Oosten naar China? Dat is dan een van de parameters die ze integreren in hun analyses. Hoe meer gedetailleerde kennis over de oliemarkt, hoe groter hun voorsprong’, legt Cappaert uit.

Havens gaan met de data aan de slag om de verkeersdrukte en opstoppingen te voorspellen. En rederijen om - in combinatie met de weersvoorspellingen - de routes van hun schepen te optimaliseren. ‘Geavanceerde algoritmes kunnen met die data verdachte scheepsbewegingen opsporen. Zo helpen we kustwachten in hun strijd tegen piraterij en illegale visvangst’, voegt Cappaert daar nog aan toe.

Cappaert kreeg de ruimtemicrobe te pakken tijdens zijn studies burgerlijk ingenieur elektromechanica aan de KU Leuven. ‘De paar lessen die we van professionals kregen, waren boeiend’, zegt Cappaert, die vervolgens naar Frankrijk trok, naar de International Space University. Daar leerde hij Peter Platzer en Joel Spark kennen, de twee compagnons waarmee hij Spire uit de grond stampte. Voordien hadden ze hun eindwerk bij de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA over cubesats afgerond.

‘Het was 2012 en het cubesatconcept leefde enkel nog maar in universiteiten. De helft van de mensen die we spraken, zei: ‘Dat is speelgoed, het zal bij prototypes blijven en nooit echt doorbreken, steek er uw tijd niet in.’ De andere helft zei: ‘Dit is de toekomst, het is nu dat je moet springen.’ Wij hebben gegokt en zijn gesprongen.’

Een Kickstarter-campagne van 100.000 euro werd op poten gezet en na amper een maand met succes afgesloten. De drie ondernemers sloegen hun kamp op in Silicon Valley. ‘Investeringsfondsen aantrekken was toen nog geen optie voor ons. Er gebeurde toen nog niet zo veel in de commerciële ruimtevaart. En raketten lanceren en ruimtereizen organiseren was net iets sexier dan data verzamelen, wat wij van plan waren. We hadden de perceptie wat tegen’, lacht Cappaert.

Spire breidde intussen zijn werkterrein verder uit en heeft nu ook een voet in een wetenschappelijk domein waarin nog veel werk is: weersvoorspellingen.

‘Dankzij ons satellietennetwerk kunnen we snel veranderende fenomenen oppikken. Niet enkel bewegende schepen, maar ook weersfenomenen. Bovendien beginnen die vaak boven oceanen waar via traditionele weerballonnen geen data verzameld kunnen worden’, zegt Cappaert die met papier en stylo duidelijk probeert te maken hoe Spire via ingenieuze technieken zijn bijdrage levert.

Het artikel gaat verder onder de video.

Spire verzamelt big data, 450 kilometer boven de aarde

Als een Zwitsers horloge

‘Onze satellieten meten de hoek waarin signalen van gps-satellieten in de atmosfeer gebroken worden. Het klinkt misschien ongeloofwaardig, maar op basis daarvan zijn we in staat de temperatuur, de vochtigheid en de druk op die plek in de atmosfeer te berekenen. Dat doen we de hele tijd. Ons doel is dagelijks 100.000 van die datapunten te verzamelen.’

Weersvoorspellingen zo accuraat als een Zwitsers horloge, verwoordde de CEO de ambitie ooit. Ook Cappaert is enthousiast, maar laat zich niet verleiden tot zulke boude uitspraken. ‘30 à 40 procent correcter moet met deze extra informatie zeker kunnen. Als we bijvoorbeeld de richting en de kracht van orkanen beter kunnen voorspellen, zijn we al een heel eind verder. De eerste tests in samenwerking met de Amerikaanse meteorologische dienst hebben we al achter de rug.’

Er is geen limiet op de verbeelding van wat je in de ruimte kan doen. En er is een diep geloof dat we daarmee het leven op aarde verbeteren.
Jeroen Cappaert
Oprichter en chef technologie Spire

Spire is de voorbije jaren uitgegroeid tot een bedrijf met 150 medewerkers, verspreid over onder andere de VS, Singapore en het Schotse Glasgow, waar Spire zijn satellieten in elkaar knutselt. Cappaert en co. stuurden niet enkel satellieten de ruimte in, ze bouwden ook tientallen grondstations die de data op aarde opvangen voor verdere verwerking. De komende jaren ligt de focus op de expansie van het team van data-analisten. ‘Terwijl we vroeger eerder rauwe data verkochten, zetten we nu meer in op software en artificiële intelligentie om complexe vragen van klanten op te lossen’, zegt Cappaert, die geldt als een van de gangmakers in de cubesat-industrie.

‘Kijk,’ zegt hij, ‘we hebben het idee doorbroken dat satellieten groot en duur moeten zijn. Traditionele satellieten kosten 10 tot 100 miljoen euro per stuk. Het duurt lang om ze te ontwikkelen en te bouwen. Daardoor is de technologie al verouderd als ze naar de ruimte gaat. De satellieten moeten dan 15 jaar of langer dienstdoen, waardoor alle elektronica behandeld moet zijn tegen de ruimtestraling’, zegt Cappaert.

Populariteit

‘Wij bouwen daarentegen een satelliet voor een paar honderdduizend dollar. We bouwen hem om twee jaar mee te gaan en lanceren hem op zo’n hoogte dat hij nadien opbrandt in de atmosfeer. Dan lanceren we een nieuwe met de allernieuwste technologie, zoals je een smartphone ook om de twee jaar vervangt. In plaats van een of twee satellieten maken we er 50 of 100 die we in raketten als secundaire lading goedkoop in de ruimte brengen.’

Intussen heeft Spire een pak volgers gekregen en wint het concept om in de ruimte grote constellaties van minisatellieten te bouwen aan populariteit. Planet Labs heeft er al zo’n 200 zweven, om beelden van de aarde te maken. Zelfs een gevestigde waarde als het luchtvaartbedrijf Lockheed Martin heeft de sector ontdekt. Het investeerde in de start-up Terran Orbital. En bedrijven als Space X, Facebook en OneWeb hebben grote plannen om breedbandinternet via kleine satellieten wereldwijd beschikbaar te maken.

Hoe kijkt hij naar de ruimtevaartambities van ondernemers zoals Elon Musk (Tesla en SpaceX), Jeff Bezos (Amazon) en Richard Branson (Virgin) om raketten naar Mars te sturen en toeristentrips in de ruimte te organiseren? ‘We doen het tegenovergestelde van Musk met zijn Big Fucking Rocket’, lacht Cappaert. ‘Hij maakt dingen groter om meer te lanceren en verder te kunnen doordringen in het heelal. Wij maken dingen kleiner. Maar iedereen heeft eigenlijk hetzelfde doel: grenzen verleggen. Er is geen limiet op de verbeelding van wat je in de ruimte kan doen. En er is een diep geloof dat we daarmee het leven op aarde zullen verbeteren.’

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content