3. Honderd jaar eenzaamheid

‘Vele jaren later, staande voor het vuurpeloton, moest kolonel Aureliano Buendia denken aan die lang vervlogen middag, toen zijn vader hem meenam om kennis te maken met het ijs.’ Vanaf die eerste zin neemt de Colombiaan Márquez je mee op een duizelingwekkende trip waarbij de plots en de personages over de pagina’s rollen.

De familiekroniek van de Buendía’s wordt doorspekt met flarden geschiedenis en gekruid met een flinke dosis humor. Bij het lezen begin je onwillekeurig stambomen op een blaadje te kriebelen om klaarheid te zien in het web van de Ursula’s, Aureliano’s en Arcadio’s die worden opgevoerd. Maar eigenlijk doet het er niet toe. ‘Honderd jaar eenzaamheid’ - wat een prachtige titel overigens - lees je voor het pure genot van het lezen zelf. Dit verhaal wil geen lessen leren, geen waarheid verkondigen, geen boodschap brengen.

Of toch. Door vaders en zonen vaak dezelfde namen en karaktertrekken te geven, serveert Márquez ons een circulaire visie op de geschiedenis: alles komt terug, vooruitgang en verbetering zijn een illusie. Als geen ander beheerst hij de kunst om realiteit en magie zo te vervlechten dat je het allemaal voor waar aanneemt.

De gebeurtenissen spelen zich af in het fictieve dorp Macondo met zijn kleurrijke inwoners zoals de stokoude stamvader die letterlijk vastgebonden aan een stam een bovenmenselijke ouderdom bereikt, kinderen met varkensstaartjes, alchemisten, zigeuners en vliegende pastoors. Alleen een talent als Márquez komt met zoiets weg. Het boek geldt terecht als een van de hoogtepunten van de Latijns-Amerikaanse literatuur. Een schitterende vertelling waarvan de magie nog lang nazindert.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud